*

PlusOnline, de website van Plus Magazine
Ja, ik neem een abonnement op Plus Magazine en betaal €30 via automatische incasso.
AANHEF
Het abonnement loopt tot wederopzegging en geldt alleen binnen Nederland. U gaat hiermee akkoord met de leveringsvoorwaarden (zie colofon of www.plusonline.nl/leveringsvoorwaarden)

Nu op Eten & Drinken


PlusOnline Magazine
Word nu abonnee!


1 Jaar Plus Magazine voor slechts €30

Profiteer van:
•    40% Korting op de winkelprijs
•    GRATIS 2 Gezondheidsspecials
•    Plustelefoon voor financieel & juridisch advies
•    Elke maand ruim 200 pagina's
•    Gratis toegang tot het PlusArchief
•    50% Korting op de toegang van de 50PlusBeurs

 

Deze maand in
Aanbieding
De mooiste Noorse Fjorden
Ontdek de Noorse fjorden tijdens deze 13-daagse cruise
Pruimen: als eieren zo groot
Woensdag 20 augustus 2008 , reageer

Echt lekker kun je de pruimen in de winkel tegenwoordig niet meer noemen. Ze worden onrijp geplukt en kunnen niet narijpen. De oplossing: een pruimenboompje in de tuin.

Pruimen: als eieren zo groot

Groot zijn ze nog steeds, de pruimen; misschien nog wel groter dan de pruimen die Jantje zag hangen. Maar zijn ze ook even lekker? Smaakte het fruit vroeger werkelijk beter dan nu, of is ons oordeel gekleurd door nostalgie? Ons geheugen is onbetrouwbaar. In mijn herinnering stond ik in mijn jeugd iedere winter op de schaats en vroor mijn tong herhaaldelijk aan de brugleuning vast. Maar ik weet dat de werkelijkheid anders is.
Over de smaak van fruit kun je twisten. Neem de moderne appel. Misschien ben je wel een ouwe zeur als je beweert dat de Braeburn van nu lang niet zo lekker is als de James Grieve en de Bellefleur van weleer. Wat mij betreft: ik ben nooit dol geweest op die zuurpruim van een James Grieve. En neem de peer. Ook de Juttepeer van oma smaakte volgens mij niet beter dan een goede rijpe Conférence van nu.

Zelfde pruimen, andere smaak

Naar het begin van dit item

Maar pruimen… Ja, pruimen zijn wel degelijk minder smakelijk dan vroeger. Dat ligt niet aan de rassen die heden ten dage geteeld worden. Er is weliswaar minder variatie in het aanbod van de groenteman, maar de Opals, Ontario’s en Victoria’s van nu zijn nog steeds dezelfde als die van vroeger.
De achteruitgang in de smaak van pruimen heeft met iets anders te maken. Vroeger werden pruimen rijp geplukt en verkocht. Op de markt zie je nog wel eens een rijpe pruim, maar in supermarkten en winkels worden de pruimen onrijp aangevoerd. Dan zijn ze nog hard en bestaat er geen gevaar dat ze tijdens het transport gekneusd raken en daardoor onverkoopbaar worden. Pitvruchten (appels en peren) rijpen na de pluk nog na. Steenvruchten (pruimen, kersen, perziken en nectarines) doen dat niet. En daarin zit hem de kneep. Pruimen in de supermarkt worden misschien wel zachter, maar zeker niet rijper. Er zit niets anders op: wie lekkere, rijpe pruimen wil eten, zal naar de boomgaard moeten gaan. Of zelf een pruimenboom moeten planten.

Kleine fruitbomen

Naar het begin van dit item

Gelukkig wil het toeval dat, nu de tuinen steeds kleiner worden, er ook behoefte ontstaat aan kleine fruitbomen.
De moderne tuin, waarin alleen nog plaats is voor een paar miezerige bolacacia’s of een enkel dakplataantje, is ongeschikt voor een reus als de meikers, de notarisappel of de stoofpeer Gieser Wildeman. Maar er is geen enkele ­reden waarom u de dakplataan of die saaie bol­acacia niet zou vervangen door een pruimenboom.

Veel pruimenrassen blijven klein, doen het goed op veel verschillende grondsoorten en kunnen daarnaast ook nog eens in allerlei vormen worden gesnoeid. En een waaiervormige leipruim tegen een muur is heel wat decoratiever dan een clematis die zielig aan een ijzerdraadje of aan een verveloos klimrekje hangt. De uiteindelijke grootte van een pruimenboom hangt af van ras, snoei én de gekozen onderstam.
Net als bijna alle fruitbomen worden pruimen op een onderstam geënt. Bij de pruim zijn dat meestal Pixie, St. Julien A, of Brompton.
Pixie groeit het zwakst, geeft de kleinste bomen en is ideaal voor ongeduldige tuiniers, want een boom op onderstam Pixie zal al een paar jaar na het planten vruchten dragen. Bij de meest gebruikte onderstam, St. Julien A, duurt het wat langer (meestal een jaar of vier) voordat je de eerste pruimen kunt plukken. Bij het gebruik van de sterkst groeiende onderstam, Brompton, krijg je de krachtigste boom, maar moet je het langst wachten op de eerste oogst.

Uitdunnen

Naar het begin van dit item

Veel vruchtbomen hebben kruisbestuiving nodig. Dat betekent dat ze stuifmeel van een ander ras nodig hebben om vruchten te kunnen dragen. Daartoe dien je twee verschillende variëteiten te planten. Die moeten dan ook nog tegelijkertijd bloeien, want anders vindt er nog geen bestuiving plaats.

Gelukkig zijn er ook zelfbestuivende rassen, waarbij je met één boom kunt volstaan. Voor een kleine tuin zijn deze ideaal. Bij de pruim zijn dat onder meer Anna Späth, Belle de ­Louvain (vaak ten onrechte ‘Eierpruim’ genoemd), Czar, Early Laxton, Ontario, Opal, Reine Claude d’Althann, Reine Claude d’Oullins en Reine Victoria.
Die laatste moet trouwens altijd worden gedund. Dit houdt in dat u in juni ongeveer de helft van de onvolgroeide vruchten weghaalt. Laat hierbij het vruchtsteeltje aan de boom zitten (u houdt het steeltje tussen duim en wijsvinger vast en trekt met de andere hand aan het onvolwassen pruimpje tot het afbreekt). Het lijkt zonde van de oogst, maar als u het niet doet, gaat dat ten koste van de smaak én van de boom. Takken die te zwaar beladen zijn, zullen namelijk onherroepelijk afbreken.

Tja, en dan de smaak, waarover natuurlijk wel degelijk te twisten valt. Rivers Early Prolific (ofwel Eldense Blauwe) is een echte zuurpruim. En ook over de smaak van Czar zul je mij niet lyrisch horen jubelen. Maar Reine Claude d’Oullins, of Opal, da’s wat anders. En je kunt proeven dat die twee familie van elkaar zijn.

Mythische afkomst

Naar het begin van dit item

De bekende Reine Claude met groene vruchten, de Reine Claude Verte (in het Engels ‘greengage’) wordt door velen de lekkerste pruim gevonden. Haar afkomst is met mythen omgeven. Sommigen beweren dat de Romeinen deze pruim al hebben ingevoerd, anderen houden het op Karel de Grote.
Reine Claudes hebben één nadeel: het worden grote bomen. Van de meer dan tien verschillende variëteiten die in de handel zijn, wordt Reine Claude d’Oullins het grootst. In mijn tuin blijft Reine Claude Bavay het kleinst.
Voor wie eenmaal door de pruimenteelt gegrepen is, gaat een heel nieuwe wereld open. Want naast pruimen zijn er wichters, kroosjes, kerspruimen, mirabellen, kwetsen en – ach, laat ik ophouden; het water loopt mij in de mond.

Auteur:Romke van de Kaa
Bron:Plus Magazine

Er zijn nog geen reacties

Nieuwsbrief

Meld u nú aan voor de gratis wekelijkse nieuwsbrief van PlusOnline en maak 3x kans op een printer van Epson t.w.v. €229,99!
Al 143.361 inschrijvers

Aanmelden

Nog geen gebruikersnaam en wachtwoord? Meld u nu aan, vul uw profiel in en profiteer van de voordelen!
Al 142.477 aanmelders