Je karakter

In vijf woorden

Wat is jouw karakter, of dat van je ouders, je beste vriend of vriendin? Het is best moeilijk om dat zomaar even te omschrijven. Psychologen maken het ons makkelijker: ze hebben vijf kernwoorden ontdekt die vertellen wie we zijn.

Vroeger bestonden er in de psychologie vier verschillende temperamenten waarmee de persoonlijkheid werd omschreven: het sanguïnische, flegmatische, cholerische en melancholische temperament. Die indeling, die stamt uit de Griekse oudheid, was afgeleid van de lichaamsvochten bloed, zwarte gal, gele gal en slijm. Wie te veel slijm had, was bijvoorbeeld flegmatisch: rustig en kalm reagerend. De sanguïnische persoonlijkheid was door zijn grote hoeveelheid bloed juist vurig en energiek. Er bestond bij deze indeling geen enkele nuance: je had gewoon het ene temperament of het andere.

Ontdekking van de Grote Vijf

In het begin van de vorige eeuw gingen psychologen nog steeds uit van de vier oude omschrijvingen. Maar het werd steeds duidelijker dat die te beperkt waren: een mens zit nu eenmaal ingewikkelder in elkaar. Moderne wetenschappers gingen daarom op zoek naar een aantal belangrijke eigenschappen die ieder mens in mindere of meerdere mate heeft. Dat is niet zo eenvoudig als de simpele indeling van vroeger, maar sluit wel beter aan bij hoe we tegenwoordig over karakter en persoonlijkheid denken: ieder mens is uniek. Amerikaanse onderzoekers gingen in de jaren 60 en 70 van de vorige eeuw woorden verzamelen waarmee we elkaar omschrijven, zoals ‘opgewekt’, ‘verlegen’ of ‘dapper’. Vervolgens werden alle woorden ingedeeld in groepen. Een groep werd gevormd door termen die vaak samen werden genoemd om iemand te beschrijven. Na veel wikken en wegen kwamen de onderzoekers uit op enkele tientallen omschrijvingen die leiden naar de vijf hoofdeigenschappen: de Grote Vijf. Alle vijf zeggen ze iets over een persoon.

En dit zijn ze dan...

Om inzicht te krijgen in iemands persoonlijkheid gebruiken psychologen een lijst met 240 vragen die leiden naar deze vijf basiseigenschappen.
1.    Extravertheid/introvertheid
hoe spraakzaam, assertief en energiek je wel of niet bent.
2.    Inschikkelijkheid
hoe sociaal, meevoelend en vriendelijk je bent.
3.    Plichtsgetrouwheid
hoe verantwoordelijk, betrouwbaar, volhar-dend en georganiseerd je bent.
4.    Emotionele stabiliteit/instabiliteit
hoe gespannen, bezorgd, humeurig en angstig je niet of wel bent.
5.    Openheid voor nieuwe ervaringen/ideeën
hoe fantasierijk en artistiek je bent.

Je ziet hier dat spraakzaamheid en assertiviteit bij dezelfde eigenschap horen, maar niet iedereen die assertief is, is ook spraakzaam. Denk maar aan het sterke, zwijgzame type. Toch laten diverse onderzoeken zien dat assertieve mensen meestal ook goede praters zijn.

Of je nu Japanner bent of Keniaan

Sommige wetenschappers vinden vijf groepen te beperkt. Ze zouden graag meer eigenschappen willen gebruiken. Waar plaatsen we bijvoorbeeld godsdienstigheid, conservatisme, gierigheid of ijdelheid? En sensualiteit en humor? Voorlopig wordt daar niets mee gedaan. Want waar het de psychologen vooral om gaat, is dat ze een algemeen aanvaarde methode hebben waarmee ze eindelijk precieze vergelijkingen kunnen maken. Bijvoorbeeld tussen persoonlijkheden in verschillende culturen. Komen de Grote Vijf dan overal voor, of hebben mensen uit andere culturen andere eigenschappen? Onderzoekers lieten de persoonlijkheidsvragenlijst die hoort bij de Grote Vijf vertalen in het Duits, Portugees, Hebreeuws, Chinees, Koreaans en Japans. Tot hun verrassing kwamen in die talen dezelfde groepen uit de bus als in het Engels. De wetenschappers kwamen dan ook tot de conclusie dat de structuur van karaktereigenschappen voor ieder mens en overal ter wereld hetzelfde is.

Je bent wie je bent (of kan dat nog veranderen?)

Vervolgens wilden wetenschappers ook graag weten of karakterverschillen door de omgeving en de opvoeding ontstaan of dat ze erfelijk bepaald zijn. En ligt onze persoonlijkheid vast of zijn er karaktertrekken die we kunnen beïnvloeden? Zo ja, welke eigenschappen zijn dan het makkelijkst te veranderen? Dat werd onderzocht door tweelingen te bestuderen, want die hebben hetzelfde erfelijke materiaal, maar groeien soms op in een verschillende omgeving. De Amerikaanse wetenschapper John C. Loehlin en zijn collega’s concludeerden na hun onderzoek dat de Grote Vijf karaktertrekken voor een groot deel erfelijk zijn. De invloed van de omgeving is vooral merkbaar in de kenmerken inschikkelijkheid en plichtsgetrouwheid. De mate van extravertheid en emotionele stabiliteit lijken meer erfelijk bepaald. Van de eigenschappen die in onze genen zitten, verwachten we dat ze het minst veranderen in een mensenleven. Stephen Soldz, een Amerikaanse wetenschapper, onderzocht mannen die 45 jaar geleden een persoonlijkheidstest hadden afgelegd. Soldz vertaalde de resultaten van de test naar de Grote Vijf en nam opnieuw een test af bij de mannen. Ook nu bleek dat de mate van extravertheid en emotionele stabiliteit vrijwel hetzelfde was gebleven. Inschikkelijkheid en plichtsgetrouwheid bleken meer veranderlijke eigenschappen te zijn. Plichtsgetrouwheid bleek overigens ook de eigenschap die op jonge leeftijd het best kon voorspellen hoe het deze mannen verder in het leven zou vergaan. Op latere leeftijd gaf de emotionele stabiliteit het best aan hoe ze functioneerden. En uit een recente studie bleek dat de eigenschappen van kinderen sterker veranderen dan die van volwassenen. Kinderen hebben dus een flexibeler persoonlijkheid. Op langere termijn zouden van onze kinderlijke trekken vooral de mate van extravertheid en plichtsgetrouwheid bewaard blijven. De mate van emotionele stabiliteit is tijdens de jeugd het meest aan veranderingen onderhevig.

Klik hier voor één van de vele websites waar u de Grote Vijf kunt testen.
 

Bron(nen):

Reactie toevoegen