Beleggen met weinig risico

'Better safe than sorry', oftewel: liever (te) voorzichtig zijn dan achteraf spijt hebben, luidt het Amerikaanse gezegde. Kiezen voor zekerheid kan op verschillende manieren.

Aandelen of obligaties

Ze zijn beide op de beurs te koop, maar het verschil is aanzienlijk. Simpel gezegd bent u met een aandeel voor een heel klein stukje mede-eigenaar van een onderneming. Met een obligatie hebt u geld uitgeleend aan een bedrijf of een land. Dat laatste, staatsobligaties, komt het meeste voor. Met aandelen en obligaties loopt u heel verschillende risico’s.

Met aandelen deelt u mee in de winst en verlies van het bedrijf. Een deel van de winst kan jaarlijks worden uitgekeerd aan de aandeelhouders, in de vorm van dividend. Een deel blijft in het bedrijf voor investeringen. Het is altijd afwachten of en hoeveel dividend een bedrijf uitkeert.
Winst vertaalt zich in een hogere beurskoers. In theorie zijn in de beurskoers alle toekomstige winsten verdisconteerd. Mede daarom fluctueert de koers enorm. Draait het bedrijf beter dan verwacht, dan stijgt de koers. Maar als er ergens in de wereld iets gebeurt, waardoor de groei van de wereldeconomie kan afnemen, vallen de toekomstige winsten lager uit en daalt de koers. Sommige sectoren, bijvoorbeeld die handelen in luxe goederen, zijn hiervoor gevoeliger dan andere. Bij calamiteiten, zoals een oliecrisis of een oorlog, kan de koers van aandelen in het algemeen flink dalen. Soms krijgt één enkele sector klappen, zoals de internetbranche enkele jaren geleden. Ineens was het geloof verdwenen dat deze bedrijven in de toekomst flink winst zouden gaan maken. En de aandelenkoers van afzonderlijke bedrijven kan ineens dalen door fouten van het management of fraude. Kortom, met aandelen is er geen enkele zekerheid dat uw belegging waardevast is.

Met een obligatie leent u geld uit tegen een vast rentepercentage. Aan het eind van de looptijd wordt de lening afgelost. Ondertussen leveren obligaties een gestage, voorspelbare inkomensstroom (de rente) op. Gemiddeld genomen is het rendement op obligaties lager dan op aandelen, maar het is veel stabieler.
Er is een sterke relatie tussen de hoogte van de rentevergoeding en het risico dat de lening niet wordt terugbetaald. Bij de zogeheten junkbonds (leningen van bedrijven met een verhoogd risico, tegenwoordig ook high yield bonds genoemd) bestaat de mogelijkheid dat het bedrijf failliet gaat. De rente is daarom ook hoog. Daarentegen is de kans dat landen zoals Nederland of Duitsland betalingsproblemen krijgen, niet zo groot. Daarom is de rentevergoeding op Nederlandse of Duitse staatsobligaties relatief laag.
Obligaties zijn ook verhandelbaar. Een risicofactor daarbij is de marktrente (de gemiddelde rente voor vergelijkbare leningen). Obligatiekoersen en rentepercentage zijn tegengestelden van elkaar: gaat de marktrente omhoog, dan daalt de waarde van een obligatie. Bij een flinke rentestijging kunnen de koersen behoorlijk dalen. Tussentijds verkopen levert dan een verlies op.
Een handige manier om in obligaties te beleggen, is via een obligatiefonds. Iedere bank heeft verschillende obligatiefondsen. Sommige beleggen wereldwijd, anderen alleen in eurolanden.

Onroerend goed

Menig huizenbezitter is aangenaam verrast als hij hoort voor hoeveel een huis verderop in de straat wordt verkocht. Een eigen huis op een gewilde plek is dan ook een prima belegging. Ook in commercieel vastgoed (kantoren/winkels) kunt u beleggen. Een eenvoudige en relatief veilige manier is een participatie in een vastgoedfonds kopen. Zo’n fonds heeft in veel landen onroerend goed dat wordt verhuurd. Tegenvallers in het ene land worden gecompenseerd door goede prestaties in een ander land. Investeren in een kleiner vastgoedproject, zoals de aanleg van een bungalowpark in een zonnig land, geeft meer risico’s: mislukt het project, dan hebt u pech gehad.

Van alles een beetje

Een belegger die weinig risico wil lopen, legt zijn eieren nooit in één mandje. Hij investeert een deel van het vermogen in aandelen, een deel in obligaties, een deel in onroerend goed en zet wat contant geld op de spaarrekening.
Ook binnen de aandelen is een goede spreiding van belang. Zorg dat er aandelen van Amerikaanse, Europese en Aziatische bedrijven zijn, van banken, winkelketens, chemische industrie en andere sectoren.
Het is ondoenlijk om het kapitaal zelf te verdelen. Het werkt beter om het geld te beleggen in één of een aantal beleggingsfondsen. Een mogelijkheid is een mixfonds te nemen, dan zorgt het beleggingsfonds voor de verdeling van de ­risico’s.
U kunt dat ook zelf doen, door bijvoorbeeld 80 procent in een obligatiefonds te stoppen en 20 procent in een aandelenfonds. Bij een wereldwijd aandelenfonds is het risico het kleinst, omdat de fondsbeheerder de inleg over de hele wereld heeft belegd.

Sparen

Verreweg de veiligste manier om met uw kapitaal om te gaan, is sparen. U loopt nagenoeg geen risico. In Nederland gaan banken zelden failliet en mocht dat toch gebeuren dan is er een garantie­regeling, waardoor een spaarder in ieder geval altijd €20.000 terugkrijgt.
De keerzijde van de medaille is dat de spaarrente laag is. Zekerheid heeft nu eenmaal zijn prijs.

Wilt u meer weten over beleggen?

Kijk hier voor een aantal nuttige boeken

Kijk hier voor handige adressen

Bron(nen):
  • Plus Magazine