Overheid moet verdachten beter informeren

De overheid moet een burger die een strafbeschikking of sepotbeslissing krijgt, behoorlijk informeren. Deze burger moet weten in welke juridische situatie hij is beland, wat de gevolgen zijn en welke rechtsmiddelen hij heeft. 

Dat meldt de Nationale Ombudsman Reinier van Zutphen. Verdachte burgers zijn niet altijd op de hoogte van de gevolgen van een strafbeschikking of sepotbeslissing. Hij wijst daarbij als voorbeeld op de nieuwe 'coronaboete'. Dat is niet alleen een boete, maar ook een aantekening, met andere woorden: een strafblad.

De ombudsman vindt dat overheidsinformatie over strafbeschikkingen en sepotbeslissingen aan drie voorwaarden moet volden. In de eerste plaats moet duidelijk zijn waar het over gaat. De overheid moet dus begrijpelijke en toegankelijke informatie bieden. In de tweede plaats dient de overheid actief te wijzen op de gevolgen en procedurele mogelijkheden. In de derde plaats moet de overheid optreden als één overheid en niet alleen informeren over de eigen rol, maar ook die van andere relevante overheidsinstanties. 

Folder

Voor burgers heeft de Nationale Ombudsman een folder gemaakt waarin uitgelegd wordt wat een strafbeschikking en een sepotbeslissing is, wat de gevolgen zijn en wat er tegen te doen is. Bij een strafbeschikking wordt vermeld dat verdachten binnen 14 dagen verzet kunnen instellen bij het OM. Bij een sepotbeslissing kunnen burgers het OM vragen de sepotcode te wijzigen. Weigert het OM dit, dan kan de burger de ombudsman inschakelen. 

Bron: www.nationaleombudsman.nl