Belastingaangifte 2017: zo haal je er alles uit

Getty Images

Door de aangifte slim in te vullen, kun je belasting besparen - en er mag meer dan je misschien denkt. De belangrijkste aandachtspunten.

Doe toch maar WEL aangifte (ook als het niet hoeft)

Sommige mensen hoeven geen belastingaangifte te doen. Dat geldt bijvoorbeeld als je geen brief van de Belastingdienst krijgt waarin staat dat je aangifte moet doen. Of als je een brief ontvangt waarin staat dat je geen aangifte hoeft te doen. Toch heeft het vaak zin om wél aangifte te doen. Het kan namelijk voordeel opleveren wanneer je aftrekposten hebt waarvan de Belastingdienst (nog) niet op de hoogte is. Denk aan giften aan goede doelen of bepaalde zorgkosten. Vul daarom altijd het online aangifteformulier in (www.belastingdienst.nl) om te kijken of het doen van aangifte iets oplevert. Als het niets ­oplevert, kun je altijd nog besluiten de aangifte niet te verzenden.

Bespaar jezelf een BOETE van €369

Je moet in principe aangifte doen vóór 1 mei 2018. Doe je dit niet op tijd, dan krijg je nog tien dagen respijt. Daarna volgt een ­zogeheten verzuimboete van ­minimaal €369. Als je van tevoren al weet dat 1 mei lastig wordt, kun je om ­uitstel vragen. Doe dit in elk geval vóór 1 mei. Je krijgt dan uitstel tot 1 september 2018. Uitstel aanvragen kan via www.belastingdienst.nl of door te bellen (T 0800-0543). Hou je Burger Service Nummer (BSN) bij de hand. De Belastingdienst verleent standaard uitstel, tenzij je de afgelopen drie jaar twee of drie keer niet op tijd aangifte hebt gedaan.

Vul de aangifte liefst ONLINE in

Het invullen van een online aangifte heeft voordelen boven het invullen van een papieren aangifte.

Als je een fiscaal partner hebt, kun je bij een online aangifte makkelijk schuiven met aftrekposten én het financiële voordeel daarvan zien. Denk aan de hypotheekrente of betaalde ­alimentatie. Zo kun je bepaalde uitgaven toebedelen aan de ­partner die het hoogste ­belastingtarief betaalt. Met een papieren aangifte is het haast onmogelijk om te zien wat er ­gebeurt als je schuift met posten.

Je kunt een online aangifte achteraf corrigeren (bijvoorbeeld als je iets bent vergeten) door alleen het onjuiste getal te veranderen en de aangifte opnieuw te verzenden. Dit kan altijd tot zes weken na de datum die op de definitieve aanslag staat. Als je daarna nog zaken wilt veranderen, kun je de ‘bezwaarcheck’ doen op de website van de Belastingdienst. Meestal kun je ook dan nog de aangifte online corrigeren, maar in sommige gevallen kan het alleen per brief.

Probeer de hoogste OUDERENKORTING te krijgen

Wanneer je de AOW-leeftijd al had bereikt in het jaar waarover je aangifte doet, krijg je automatisch de ouderenkorting. Dit is een standaard-belastingverlaging. Er is een hoge en een lage ouderenkorting. Dit is afhankelijk van je inkomen. Is je verzamelinkomen* minder dan €36.057, dan krijg je de hoge ouderenkorting van €1292. Wie meer verdient, krijgt de lage ­ouderenkorting van slechts €71. Wie net ­boven de inkomensgrens van €36.057 zit, kan proberen bepaalde aftrekposten aan de eventuele fiscaal partner toe te delen. Op die manier kan je ­verzamelinkomen net onder de grens uitkomen en krijg je de ­ouderenkorting van €1292.

*Het verzamelinkomen bestaat uit het inkomen in Box 1, Box 2 en Box 3 minus eventuele aftrekposten, zoals bepaalde giften en sommige zorgkosten.

CONTROLEER de vooraf ingevulde gegevens

De Belastingdienst vult een groot deel van de aangifte automatisch in, zoals bankrekeningen, de WOZ-waarde van de eigen woning, salaris en pensioen. Controleer of de gegevens kloppen. Je blijft zelf aansprakelijk voor de aangifte, ook als de Belastingdienst ­onjuiste gegevens in de vooraf ­ingevulde aangifte heeft opgenomen. ­Bedenk ook dat in de vooraf ingevulde aangifte sommige ­gegevens ontbreken; aftrekposten zoals ­giften en aftrekbare zorgkosten staan er niet in. Het is daarom ook in je eigen belang de aangifte goed te controleren en waar nodig aan te vullen.

SCHUIF met aftrekposten en inkomsten

De volgende posten mag je naar eigen keuze toedelen aan jezelf of aan je fiscaal partner. Het is niet van belang bij wie deze posten in werkelijkheid horen. Door dit handig te doen, kun je misschien belasting besparen.

  • Hypotheekrente
  • Giften
  • Zorgkosten
  • Studiekosten
  • Betaalde partneralimentatie
  • Vermogen in Box 3
  • Uitgaven monumentenwoning

Tip

Je hoeft alleen belasting te betalen als het verschuldigde bedrag hoger is dan €45. Door te schuiven kun je proberen een van beiden te laten uit­komen op €45 of minder. Hij of zij hoeft dan niets te betalen.

Goed om te weten: schuiven met aftrekposten en inkomsten kan gevolgen hebben voor heffings­kortingen en toeslagen. Check dit op www.belastingdienst.nl/rekenhulpen/toeslagen/

Kijk extra goed naar AFTREKPOSTEN als een van beiden AOW heeft

Aftrekposten zoals de hypotheekrente worden doorgaans ­afgetrokken door de partner met het hoogste inkomen, omdat deze het hoogste ­belastingtarief betaalt. Maar… deze gouden regel is niet altijd de beste keuze. Als een van beide partners de AOW-leeftijd al heeft bereikt en de ander nog niet, kan het voordeliger zijn af te wijken. De belasting­tarieven voor AOW’ers zijn namelijk tot een inkomen van €33.791 lager dan voor anderen (zie tabel). Een voorbeeld. Als de ene partner AOW krijgt en een inkomen heeft van €30.000, terwijl de ander nog geen AOW krijgt en €20.000 verdient, is het toch voordeliger als de minst­verdienende de hypotheekrente aftrekt.

Getty Images

Trek kosten af als je inkomsten hebt uit VAKANTIEVERHUUR

Wanneer je je eigen huis tijdelijk hebt verhuurd, zijn de inkomsten belast. Je betaalt inkomstenbelas­ting over 70 procent van de huurinkomsten. Je mag daar wel eerst sommige kosten, bijvoorbeeld voor de schoonmaak, van aftrekken. Als je een vakantiehuis verhuurt, zijn de inkomsten onbelast. Een tweede huis valt namelijk in Box 3 (waarin ook spaargeld en ­beleggingen zitten).

Trek kosten vanwege ­HYPOTHEEK af

Kosten die te maken hebben met de hypotheek zijn meestal ­aftrekbaar. Bijvoorbeelden:

  • Hypotheekrente voor zover hoger dan het eigenwoning­forfait
  • Boeterente oversluiten hypo­theek
  • Advies- en afsluitkosten van de bank of hypotheekadviseur
  • Kosten van een NHG-garantie
  • Notariskosten voor de hypotheekakte
  • Taxatiekosten voor de hypotheek

Boeterente

Als je je hypotheek in 2017 hebt overgesloten naar een ­lening met een lagere rente, heb je mogelijk boeterente betaald. Die boeterente is aftrekbaar van je inkomen in het jaar waarin je deze hebt betaald. Je vult de boeterente op je aangifte in bij het onderdeel ‘Eigen woning’ en dan onder ‘Aftrekbare financieringskosten’. Ook de erfpacht­canon is aftrekbaar.

Kosten die geen verband ­houden met de hypotheek maar met de aankoop van een huis (zoals de overdrachtsbelasting en de notariskosten vanwege de koopakte), zijn niet aftrekbaar. Zie ook pagina 9: ‘Helaas: dit is niet (meer) aftrekbaar’.

Trek SCHULDEN af van je spaargeld

Alle schulden (behalve een hypotheek­schuld) vallen in Box 3. Je mag deze schulden ­aftrekken van je spaargeld en ander vermogen in Box 3. ­Daardoor betaal je minder vermogens­rendementsheffing. Er geldt een aftrekdrempel van €3000 (alleen schulden boven dit bedrag mag je aftrekken). Onder schulden vallen een roodstand op je betaalrekening, een creditcardschuld of een hypotheek waarvan je de rente niet kunt aftrekken. Ook een privéschuld bij een (web)winkel of een privé­schuld bij een familielid kun je van je vermogen in Box 3 aftrekken.

Laat de fiscus MEEBETALEN aan goede doelen

Giften aan goede doelen zijn soms aftrekbaar. Wel zijn er ­enkele voorwaarden. Zo moet het goede doel geregistreerd staan als ANBI (Algemeen Nut ­Beogende ­Instelling). Op de website van de ­Belastingdienst kun je ­opzoeken welke goede doelen de ANBI-­status hebben. Giften zijn bovendien alleen ­aftrekbaar als je donaties in dat jaar in totaal ­uitkomen boven de 1 procent van je drempel­inkomen*, met een ­minimum van €60 en een maximum van 10 procent van het drempelinkomen. Als je een ­fiscaal partner hebt, gaat het om het gezamen­lijke drempelinkomen. Je hoeft deze berekeningen niet zelf te maken; het aangifte­programma van de Belastingdienst bepaalt automatisch in hoeverre giften aftrekbaar zijn.

* Het drempelinkomen is het totaal van je inkomsten en aftrekposten in Box 1, 2 en 3 zonder je ­persoonsgebonden aftrek.

Doe je VOORDEEL met giften aan culturele doelen

Giften aan culturele doelen zijn voor 125 procent aftrekbaar. Als je bijvoorbeeld €100 doneert aan een cultureel doel, wordt je ­belastbare inkomen verlaagd met €125. Op de website van de Belastingdienst staat bij elk goed doel vermeld of het een culturele ANBI is of niet.

Kies voor een periodieke gift als je vaak DONEERT

De aftrekdrempel van 1 procent van je drempelinkomen geldt niet voor een zogeheten ­periodieke gift. Dit is een jaarlijkse gift ­gedurende minimaal vijf jaar. Een periodieke gift is volledig aftrekbaar, dus vanaf de eerste euro. Als je een periodieke gift wilt doen, moet je dat vastleggen in een schriftelijke overeenkomst met het goede doel waaraan je wilt doneren. Veel goede doelen hebben op hun website een formulier waarmee je de periodieke gift kunt vastleggen. Ook op de website van de Belastingdienst staat zo’n formulier.

Als je de overeenkomst hebt ondertekend en teruggestuurd, ben je verplicht om ook inderdaad elk jaar te doneren. Je hoeft niet bang te zijn dat je je erfgenamen ­opzadelt met zo’n periodieke gift, want als je overlijdt tijdens de looptijd van vijf jaar, mogen de giften worden stopgezet.

Tip

Geef je elk jaar aan een of meer dezelfde goede doelen? Dan kan het de moeite waard zijn daar een periodieke gift van te maken. De giften zijn dan wél volledig aftrekbaar.

Check of je ZORGKOSTEN aftrekbaar zijn

Sommige zorgkosten zijn aftrekbaar. Een belangrijke voorwaarde is dat de kosten niet door je zorgverzekeraar worden vergoed. Verder moeten de kosten op een lijst staan van aftrekbare zorgkosten van de Belasting­dienst. Deze lijst wordt geregeld aangepast (de afgelopen jaren zijn ­verschillende aftrekposten van de lijst verdwenen). Ook geldt er een drempel. Pas als je méér hebt uitgegeven, kun je zorgkosten aftrekken. Voor de aftrek van zorgkosten gelden onderstaande tabellen.

Getty Images

Achteraf vragen om minder belasting is een MAKKIE

Aftrekpost vergeten op te voeren bij de aangifte? Of ben je het niet eens met de aanslag en is het te laat om een bezwaarschrift in te dienen? Dan kun je de Belastingdienst schriftelijk ­verzoeken de aanslag ambtshalve te ­verminderen. De Belastingdienst onderzoekt dan of de aanslag juist is vastgesteld en vermindert de aanslag als deze te hoog was. Je kunt tot vijf jaar na het jaar waar de aangifte over gaat zo’n ­verzoek indienen. Wil je bijvoorbeeld de aangifte over 2016 ­veranderen, dan kan dat tot eind 2021. Kijk op www.­belastingdienst.nl en zoek op ‘ambtshalve ­vermindering’ voor meer ­informatie over hoe je zo’n ­verzoek kunt indienen.

Tips

Is je drempelinkomen minder dan €34.130 per huishouden? Dan mag je sommige aftrekbare zorgkosten verhogen met 40 procent als je op 1 januari 2017 nog niet de AOW-leeftijd had bereikt, en met 113 procent als je toen al wel AOW kreeg. Onder de kosten die je mag verhogen, vallen onder meer medicijnen die je verzekeraar niet vergoedt. De kosten van een arts en van een ziekenhuis­verblijf vallen hier niet onder.

De berekeningen in de tabellen lijken ingewikkeld, maar als je online aangifte doet, krijg je vanzelf te zien hoeveel je kunt aftrekken.

Als je een laag inkomen hebt (zoals AOW met klein pensioen) heb je mogelijk recht op de ‘Tegemoetkomingsregeling Specifieke Zorgkosten’. Wie hiervoor in aanmerking komt, krijgt een bedrag automatisch op de rekening gestort.