Broers & zussen en hun bijzondere band

De band tussen broers en zussen duurt een leven lang. En ze hebben vaak veel voor elkaar over. Maar de offers die deze zus en broer brachten, waren wel héél groots.

‘Dankzij mijn zus kon ik een nieuwe start maken’

Na haar scheiding werd Pim Olthoff (64) geholpen door haar zus Carla Eckhard-Olthoff (70). Zonder haar was het nooit gelukt om te verhuizen naar Nederland.

Pim: “De band met mijn zus heb ik altijd gevoeld, ook al sprak ik haar nauwelijks in de 35 jaar die ik met mijn ex getrouwd was. Dat wilde hij niet. Mijn familie, mijn vrienden, niets en niemand vond hij goed genoeg, waardoor ik steeds meer vereenzaamde. Ook al zagen we elkaar zelden, ik wist gewoon dat Car er voor mij was. Ik ken haar tenslotte al mijn hele leven.

Toen ik in april 2016 de moed had om eindelijk bij mijn ex weg te gaan, belde ik Car meteen. Ze was opgelucht dat ik vrij was. Ik ben een positief mens, maar haar blijheid was precies wat ik nodig had. Car was er voor mij. Úren praatten we met elkaar. Ze luisterde en gaf me raad.

Ik woonde met mijn ex in België en vond daar woonruimte, waarvoor ik tweeduizend euro borg moest betalen. Ik had geen geld, maar Car bood meteen aan om het me te lenen. Ik was er verlegen mee, maar nam het geld aan. Als het huis van mij en mijn ex verkocht was, zou ik het terugbetalen. Omdat ik haar niet om nog meer geld wilde vragen, sloot ik een lening af om een auto te kunnen kopen. Gewoon bij een bank, want ik wilde Carla er niet mee lastigvallen.

Ik wilde ontzettend graag weg uit België. Omdat ik buiten Nederland woonde, kon ik mij niet in Nederland inschrijven voor een huurwoning. Kopen was de enige optie, maar vanwege mijn lening kreeg ik geen hypotheek. Dat was vreselijk. Ik voelde me helemaal klemgezet. Met lood in mijn schoenen vroeg ik Car en haar man om hulp. Onze ouders hebben ons geleerd dat je jezelf moet redden, maar nu lukte dat me niet. Het voelde als falen. Car wuifde dat weg. Natuurlijk gingen zij en haar man mij helpen. Dat ik hierdoor mijn lening kon aflossen, betekende alles voor mij. Ik kon een huis kopen in Nederland en zo een nieuwe start maken.

In mijn heerlijke huis voel ik me zielsgelukkig. Zonder mijn zus zou ik nog steeds ongelukkig zijn in België. Ik heb de lening inmiddels terugbetaald en haar mee uit eten genomen om haar te bedanken, maar dat is niets in vergelijking met wat zij voor mij deed. Dat is onbetaalbaar.”

'Dankzij mijn broer leef ik gelukkig nog'

Rob Vrede (55) is geadopteerd en wist niet dat hij een broer had. Hij was erg ziek toen ze elkaar vijf jaar geleden leerden kennen. Zijn broer Roy Vrede (53), vader van vijf kinderen, besloot meteen om Rob te redden door hem een nier te geven.

Rob: “Vijftig jaar lang heb ik niet geweten dat ik een broer had. Ik ben geadopteerd. Mijn moeder was heel jong toen ik werd geboren. Ze kon niet voor mij zorgen. Roy kwam drie jaar later en groeide wel bij haar op. Hij heeft een andere vader dan ik. Er zijn niet meer kinderen. Ik heb nooit de behoefte gehad om naar mijn biologische familie op zoek te gaan. Drie jaar geleden lag ik in het ziekenhuis vanwege nierproblemen. Mijn lichaam stootte de donornier af die ik acht jaar eerder had gekregen. Het was mijn tweede donornier al en ik dacht dat ik niet op de wachtlijst voor een derde donornier kon komen. Door de medicijnen zijn mijn aders slecht geworden. Het risico dat een niertransplantatie zou mislukken, was te groot.

Ik heb er altijd rekening mee gehouden dat mijn nier afgestoten kon worden. Ik had me daarbij neergelegd. Ik lag een beetje op mijn telefoon te kijken, toen ik opeens een berichtje via Facebook kreeg. ‘Ben jij Rob en ben je geadopteerd?’, las ik. Het was geschreven door de vriendin van Roy; zij had mij opgespoord. Dat zij die moeite heeft genomen, is geweldig. Dankzij haar kwam mijn broer in mijn leven. De broederband voelde ik meteen. De manier waarop hij praat, de humor, we lijken op elkaar. Via hem heb ik ook mijn moeder ontmoet, een groot cadeau. En het wordt nog veel mooier, want toen Roy en ik elkaar voor het eerst ontmoetten, zei hij dat hij mij een nier wilde geven. Ik wist niet wat ik moest zeggen, ik kon hem alleen maar vasthouden. Zo hebben we een tijdje staan kroelen. Lief, warm, allesomvattend, dat was het allemaal. Broederliefde, dát vooral ook. Ik zat natuurlijk met die slechte aders, maar de chirurg durfde het aan. ‘Ik ga net zo lang pielen totdat het lukt’, zei hij.

Toen ik bijkwam uit de narcose, voelde ik me meteen anders. Dit ging werken, ik wist het gewoon. Het is nu drie jaar later en het gaat supergoed. Ik heb mijn vrijheid, mijn leven terug. Mijn slechte aders hadden vier keer dialyseren per week niet lang volgehouden. Zonder Roy had ik nu niet meer geleefd. Ik sta ontzettend bij hem in het krijt, maar hij wil daar niets over horen.

We zijn niet van die bellers, maar elke dag denk ik aan mijn broer. Ik voel me dan zó gelukkig en dankbaar. Niet alleen omdat ik nog leef, maar ook vanwege de fantastische vent die nu in mijn leven is.”

Dit artikel is eerder verschenen in Plus Magazine januari 2018. Nog geen abonnee van Plus Magazine? Abonnee worden doet u in een handomdraai!

Bron(nen):