Mantelzorgers leveren 22 miljard op: laten we zuinig op ze zijn

Lenny blogt

Ongeveer 5 miljoen Nederlanders zorgen voor een ander. Ze doen dat gratis en voor niets en daarmee leveren ze de samenleving zo’n 22 miljard euro per jaar op. 22 miljard redenen dus om goed op die mantelzorgers te passen. Maar helaas ontbreekt het daar nogal eens aan.

We moeten zuinig zijn op ál die Nederlanders die onbetaald naar een ander omkijken. Zoals de buurman die zijn buurvrouw wekelijks naar het ziekenhuis brengt. De echtgenote die haar bedlegerige man verzorgt, de zoon die de boodschappen doet voor zijn oude vader. De landelijke vereniging MantelzorgNL berekende dat als je die 5 miljoen mantelzorgers zou moeten uitbetalen, het zo’n 22 miljard euro zou kosten aan salarissen voor 1,5 miljard uren mantelzorg op jaarbasis, inclusief reiskosten en onkosten.

De prijs voor de samenleving

Als al die onbetaalde zorg er niet zou zijn en er zorgprofessionals moeten worden ingehuurd? Dan zijn we nog duurder uit, want daar hangt een prijskaartje aan van 32 tot 44 miljard euro, aldus Liesbeth Hoogendijk, bestuurder van MantelzorgNL. Dat is een denkbeeldig bedrag, want zoveel zorgprofessionals zijn er helemaal niet. Maar hiermee wil MantelzorgNL vooral zeggen: laten we beter zorgen voor onze mantelzorgers en hen wat meer ondersteunen. Want als mantelzorgers zelf ziek worden en de kar niet meer kunnen trekken, is de samenleving héél wat meer geld kwijt.

Respijtzorg

Uitval van mantelzorgers kan worden voorkomen door het ondersteunen van mantelzorgers. Bijvoorbeeld met respijtzorg waarbij de mantelzorger de zorg even kan overdragen om op adem te komen. Des te spijtiger is het, dat door de coronacrisis juist die respijtzorg danig in de knel is gekomen. De dagopvang is een bekend voorbeeld. Als iemand met dementie één of twee dagen in de week in de dagopvang terecht kan, heeft zijn of haar mantelzorger even de handen vrij. Maar bijna alle locaties voor dagopvang voor demente ouderen sloten tijdens de coronacrisis de deuren. De inzet van vrijwilligers stokte om dezelfde reden.

Respijtzorg via de gemeente

Respijtzorg is één van de pijlers van de veranderingen in de zorg vanaf 2015, maar is nóóit goed van de grond gekomen. Grote kans, dat als je het Wmo-loket van de gemeente belt, je iemand aan de telefoon krijgt die geen flauw idee heeft wat respijtzorg is. En als je wél gehoor vindt, dan beland je in een tijdrovende en administratieve procedure. Oud-staatssecretaris Clémence Ross deed onderzoek naar respijtzorg. Waarom komt het zo slecht van de grond? In haar eindrapport constateert ze over gemeenten: “De toegang tot de respijtzorg is een groot knelpunt. Wachtlijsten en administratieve procedures zijn grote belemmeringen. Niet alleen de mantelzorger, maar ook de betrokken zorgverleners lopen daar tegenaan.”

Gemeenten weten dit, maar hebben er geen belang bij om dit te veranderen. Ze houden liever de hand op de knip zodat zo weinig mogelijk mantelzorgers zich zullen aanmelden. En bovendien jaagt een mantelzorger die het bijltje erbij neer gooit, meestal de zorgverzekeraar op kosten. En niet de gemeente. Clémence Ross constateert dan ook nogal bitter dat er voor veel gemeenten geen drijfveren zijn om de toegang tot respijtzorg te verbeteren.

Logeerzorg een alternatief?

Een tijdelijke adempauze voor mantelzorgers biedt de zogenaamde logeerzorg. Eén weekend per maand bijvoorbeeld, logeert degene die zorg nodig heeft, dan in een logeerhuis. Dat kan een verpleeghuis zijn, een woonzorgcentrum of zoals bijvoorbeeld in Alkmaar, een luxe woonhuis met gastenkamers. Een bescheiden overzicht van zulke huizen staat op de website van MantelzorgNL. Een logeerplek is te regelen via de gemeente, maar ook via de zorgverzekeraar. Een prettig verblijf omvat eten en drinken, professionele zorg en rust en ontspanning. Een laagdrempelige sfeer en een thuisgevoel zijn belangrijk. Uit proefprojecten blijkt, dat voor sommige mantelzorgers de logeerzorg helpt bij het uitstellen van opname van hun naaste in een zorginstelling. Maar ook hier geldt: de corona-crisis gooide roet in het eten. Verpleeghuizen moesten de deuren sluiten en konden nog maar mondjesmaat bezoekers toelaten. Ook hier kwam logeerzorg in de knel.

Conclusie

Ingeburgerde respijtzorg die laagdrempelig is en op grote schaal toegankelijk, is nog steeds grotendeels een illusie. In weerwil van talloze goede bedoelingen en 22 miljard euro.