Steeds minder armoede onder ouderen

Het aantal 65-plussers met een laag inkomen is de afgelopen tien jaar sterk gedaald en die daling zet zich voort. Naar verwachting is het aantal ouderen met een laag inkomen nog slechts drie procent van het aantal ouderen.

De cijfers en raming zijn afkomstig van de ‘Armoedemonitor’ die het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) en het Sociaal Cultureel Planbureau (SCP) tweejaarlijks opstellen. Over het algemeen is het aantal mensen in Nederland met een laag inkomen gedaald. Van tien procent van het aantal huishoudens in 2005 naar 8,3 procent nu en naar verwachting in 2008 7,9 procent. Een laag inkomen is 870 euro netto per maand, met huurtoeslag en dergelijke wordt geen rekening gehouden. De daling komt door het grotere aantal mensen met een baan, maar vooral door het aantal ouderen die een beter inkomen hebben gekregen.
 
De daling van armoede onder ouderen is spectaculair. Had in 1996 nog 20 procent van de 65-plussers een laag inkomen, in 2005 was dit al gedaald tot zeven procent en in 2008 zal dit nog geen drie procent zijn. De verbetering bij de oudere komt voornamelijk doordat meer ouderen een pensioen hebben opgebouwd, minder vaak een onvolledige AOW hebben en door de aanvullende ouderenkorting. Deze belastingmaatregel heeft de koopkracht verbeterd. Overigens lijkt nog geen drie procent weinig, maar zijn het altijd nog ongeveer 72.000 65-plussers. Volgens het CBS hebben ouderen geen verhoogd risico meer op armoede.
 
Ook in Europees perspectief doen we het goed. Alleen de Scandinavische landen scoren iets beter. Er is daar net wat minder armoede, is er een betere toegang tot woon- en gezondheidsvoorzieningen en is de sociale participatie er beter.

Reactie toevoegen