Een prachtwijk, het kan!

De bakker, de buurtsuper en een naaiatelier. Ze kunnen achterstandswijken tot leven wekken. Maar hoe werkt dat?

Een doordeweekse dag op de Klarendalseweg in Arnhem. De wieken van molen De Kroon draaien genoeglijk boven de lage gevels van de huizen. De straat oogt lieflijk, haast dorps. Twee Turkse dames trekken een weerbarstige boodschappentas op wieltjes over de stoep, een ouder echtpaar treuzelt bij de etalage met sieraden van Atelier PraGtig en bij bakker Holleman is het druk.

Hoe anders zag Klarendal er uit in 2000. De meeste winkeliers hadden hun biezen gepakt, dichtgespijkerde panden domineerden het straatbeeld. De wijk was een mix van strijdvaardige Klarendallers die er sinds generaties woonden, migranten (vooral Turken) en kunstenaars en miste de samenhang die vroeger zo vanzelfsprekend was. Werkloosheid, armoede en integratieproblemen maakten er de dienst uit. Wat te doen? De gemeente verzon een list: we hebben een mode-academie in Arnhem, waarom maken we van Klarendal geen modekwartier? En zo geschiedde. Onder de verleidelijke naam ‘100% mode’ kon de transformatie van Klarendal beginnen.

Geen dichtgetimmerde panden

De levensader van de wijk is de Klarendalseweg. Woningcoöperatie ‘Volkshuisvesting Arnhem’ koopt, renoveert en verhuurt panden aan de Klarendalseweg en de Sonsbeeksingel aan mode-ondernemers. In totaal zijn er zo’n veertig winkels en werkplaatsen gepland en zijn er al een stuk of dertig in bedrijf.

Je ziet geen dichtgetimmerde panden meer aan de Klarendalseweg. Een louche coffeeshop is gesloten. Daar zit nu Eva Luna Couture, met zelfontworpen bruidskleding. Een café waar criminelen rondhingen is nu dicht en wordt opgeknapt. Aan het begin van de wijk is een groot pand ‘Station Klarendal’ gekomen, met een restaurant, een grand café en atelierwoningen erboven. Bij mooi weer zit het terras vol. Voorheen werd er op deze hoek gedeald.

De autochtone Klarendallers moeten nog wel wennen aan het modekwartier, want zelf kunnen ze niet zoveel met de exclusieve kleding, die prijzig is en extravagant in hun ogen. Toch is Klarendal geen reservaat geworden dat alleen voor belangstellenden van buiten de wijk bedoeld is. Naast de trendy tassenwinkel van Marck & Mo vind je nog steeds de moskee en de winkel met stoffen en gordijnen. En naast de schitterende gevel met geglazuurde tegels van Arno-Arts zit textielsuper Zeeman en serveert Cafetaria ’t Trefpunt patat. Zelfs coffeeshop De Walm is er nog. Voor elk wat wils dus.

Leefbaarheid

Bedrijvigheid in de wijk is belangrijk, blijkt uit onderzoek. Wie in Klarendal rondloopt, kan dat bevestigen. De mode-ateliers en winkels doen de wijk zichtbaar goed: schone straten, leuke evenementen die bezoekers trekken uit het hele land. De leefbaarheid is verbeterd, evenals de uitstraling en de reputatie van de wijk.

En hoe zit het met werk? Het project 100% mode levert tot nu toe 45 banen voor de buurt op in het restaurant en Grand Café. Dat is niet heel veel, de werkloosheid van de Klarendallers los je er niet mee op. Toch is werk voor de wijk een belangrijk argument voor het verlangen naar terugkeer van bedrijven en winkels in de wijken. Annemiek Wortman van de Raad voor Werk en Inkomen legt uit waarom dat is: “Voor diegenen voor wie de stap naar werk heel erg groot is, kan een baan in de buurt een veilige eerste stap zijn. Het loont de moeite om via extra projecten in de wijken te werken aan nieuwe werkgelegenheid.”

”Onderschat ook niet het effect van ‘zien werken doet werken”, zegt Nathan Rozema. Hij onderzoekt namens het Utrechtse bureau Labyrinth Extenzio de wijkeconomie in de grote steden: “Het is belangrijk dat jongeren een beeld krijgen van allerlei beroepen door ermee in aanraking te komen. Veel allochtone jongeren denken als het om werk gaat uitsluitend aan een kantoorbaan. Maar als ze een naaiatelier of een automonteur in hun eigen omgeving zien, krijgen ze andere associaties bij werk. Op een bedrijventerrein komen de meeste mensen nooit.”

Colour Kitchen

Het Arnhemse Klarendal staat niet op zichzelf. Veel werklozen wonen in de grote steden en daarom kennen juist Amsterdam, Rotterdam, Den Haag en Utrecht inspirerende initiatieven om te zorgen voor meer werk. Veel van die projecten zijn gericht op de jeugd.

Zo gaan ze in Den Haag ‘oefenbedrijven’ inrichten in de probleemwijken, zoals een supermarkt en een restaurant waar jongeren werkervaring kunnen opdoen. In de Amsterdamse wijk Slotervaart loopt een project waarbij kansarme, vooral allochtone, jongeren een restaurant leren runnen: The Colour Kitchen. Het gaat om meiden die jong moeder zijn geworden, jongeren met geldproblemen, of bijvoorbeeld een meisje met hoofddoekje dat geen stageplek kan vinden. Net zoals bij het project Fifteen van televisiekok Jamie Oliver stromen de leerlingen over het algemeen soepel door naar een echte baan.

Carrousel van ideetjes

Het kabinet erkent het belang van ondernemerschap in de veertig aandachtswijken. Het ministerie van Economische Zaken investeert €7 miljoen in de wijkeconomie. Dat geld is ook bedoeld om zittende ondernemers te ondersteunen. Maar hoe doe je dat? In de Vogelaarwijken kun je een eindeloze carrousel van projecten en ideetjes realiseren, maar je kunt ook de bestaande ondernemers opzoeken en zo nodig versterken.
Neem de Haagse wijk Mariahoeve. Hier zitten zo’n achthonderd ondernemers in de wijk, van wie er vijfhonderd thuis werken: webdesigners, pedicures, een kerstpakkettenservice... Er bleek veel meer ondernemerschap in de wijk te zijn dan iedereen zich realiseerde.

Ook de ondernemers kenden elkaar niet. Dat is jammer, want het ontwerpbureau heeft af en toe een computerdeskundige nodig, of een kerstpakket. Inmiddels zijn er onderlinge contacten gelegd, op initiatief van gemeente, woningcorporaties, Kamer van Koophandel en adviesbureau De Beuk. Via een website weet men elkaar te vinden. En als ze personeel nodig hebben, gaan ze daar in Mariahoeve zelf naar op zoek. De droom voor de nabije toekomst: een heus ondernemershuis.

Aan de Amsterdamsestraat in Utrecht ontbrak het helemaal niet aan economische bedrijvigheid. De belwinkels en coffeeshops schoten er als paddenstoelen uit de grond. Maar niet álle economische activiteit komt de wijk ten goede. Want de winkels waren soms een dekmantel voor criminaliteit en de ‘goede’ winkels leden daar onder. Voorzitter Fred Snel van de ondernemersvereniging: “Neem mijn eigen fietswinkel. Als een klant van buiten komt en zijn auto-ruit wordt hier ingetikt, dan zie ik hem niet meer terug.”

Hoe pak je de foute middenstand aan? De situatie in Utrecht verbeterde door de aanstelling van een straatmanager, meer politie- en cameratoezicht en door het weren van teveel dubieuze winkels. De straat trekt weer betere winkels en een florerende winkelstraat trekt de omgeving mee omhoog, merkt Fred Snel. “Winkeliers wonen vaak bij of boven hun zaak. Wij zorgen ervoor dat de straat er netjes uitziet en spreken elkaar daarop aan. We zorgen ook voor gezelligheid met feestverlichting en een braderie of kerstmarkt.”

Noodkreet bewoners

Stel dat je in Rotterdam-Zuid woont en denkt: ik wil ook wel in zo’n leuk modekwartier wonen? Hoe pak je dat aan? Het opknappen van een wijk begint meestal met een noodkreet van bewoners. De gemeente pikt dat op en mobiliseert zoveel mogelijk partijen. Er komt een plan en daarna gaat het om lef en een lange adem. Lef om onorthodoxe maatregelen te nemen en geld te investeren: panden kopen, bedrijfsruimte creëren, ondernemers lokken, projecten opzetten voor kansarme werkzoekenden. En een lange adem om het allemaal vol te houden.

De economische crisis maakt dat allemaal niet gemakkelijker. Maar wie weet biedt de crisis ook nieuwe mogelijkheden voor probleemwijken. Misschien zit daar morgenochtend opeens de schoenmaker wel weer achter zijn leest. Omdat de huur in de wijk tóch een stuk lager is dan in het winkelcentrum. In Arnhem is van stoppen ondertussen geen sprake meer. De wachtlijst van belangstellende ondernemers groeit als kool, jonge ontwerpers staan trappelend in de startblokken. Het project 100% mode staat als een huis.

Met dank aan Berry Kessels van Volkshuisvesting Arnhem en Rob Klingen van Wijkwinkel Klarendal.

Meer informatie:
Auteur