5 vragen over het voltooid leven

Onderzoekers van de Universiteit van Humanistiek en het UMC Utrecht gingen op zoek naar de doodswens en het 'voltooid leven'-gevoel onder vijftigplussers. Ze ondervroegen meer dan 20.000 mensen, zonder ernstige ziekte. Vijf vragen aan onderzoeker Els van Wijngaarden over de conclusies.

Hoeveel 50-plussers hebben een doodswens? 

Els van Wijngaarden: ‘Uit ons onderzoek blijkt dat 1,34% van de 50-plussers al meer dan een jaar een doodswens heeft, terwijl ze geen ernstige ziekte hebben. Het aandeel mensen dat echt stappen wil nemen om het leven te beëindigen ligt lager, namelijk op 0,18%. Dat klinkt weinig, maar op het aantal van 5,6 miljoen 50-plussers zijn dat tienduizend mensen. ‘

Hoe ziet die doodswens eruit?

‘De belangrijkste conclusie: bij iedereen is de doodswens anders. Er zijn vele grijstinten, een doodswens is geen ‘zwart-wit’-onderwerp. We spraken bijvoorbeeld een mevrouw die in 2013 een dodelijk middel had aangeschaft. Zij was vervolgens zo gerustgesteld dat ze sindsdien geen actieve doodswens meer heeft. Bij veel mensen wisselt het verlangen naar de dood.  Zo zijn er vele verhalen.’

Hebben deze mensen een ‘voltooid leven’?

‘Nee. Het wetsvoorstel spreekt over stervenshulp voor 75-plussers die het leven voltooid vinden en een doodswens hebben. Mensen die lijden aan een te lang geworden leven, die zeggen: ’Voor mij is het goed zo’. Deze mensen hebben wij niet gevonden in ons onderzoek. We vonden wel mensen die hun leven voltooid achtten, maar zij hadden geen doodswens. Mensen met een doodswens vonden we ook, maar zij hadden juist veel zorgen, mentale en fysieke klachten en ze waren meestal juist jonger dan 75 jaar. Niet de groep die werd bedoeld met het wetsvoorstel.’

Veel vijftigplussers zouden een dodelijk middel willen. Niet nu, maar wel als ze vinden dat het zover is. Is er een wet nodig?

‘Het is aan de politiek om na te denken over de mogelijkheden. Wij sluiten als onderzoekscommissie niet uit dat de euthanasiewet voldoende hulp biedt aan deze mensen. Het kan rust geven om over een dodelijk middel te kunnen beschikken. Keerzijde is dat het veel persoonlijke dilemma’s oproept.

Wat voor dilemma's?

‘Weet ik zeker dat dat dodelijke middel werkt?’, ‘Voel ik mij straks verplicht om het middel in te nemen?’ Onze voornaamste conclusie is dat de doodswens in alle groepen veranderlijk was. De situatie en omstandigheden hebben invloed op hoe de doodswens wordt beleefd. Ook op hoge leeftijd kan een doodswens verminderen of verdwijnen.’

Lees hier meer over dit rapport: Een op vijfhonderd ouderen heeft doodswens.