‘Meepraten helpt bij de verwerking’

Gynaecologisch oncoloog Petra Zusterzeel

Soms gaat er iets mis bij een operatie. Dankzij gynaecologisch oncoloog/onderzoeker Petra Zusterzeel mogen patiënten in haar ziekenhuis voortaan aanwezig zijn bij de bespreking van zo’n complicatie.

Hoe is het voor artsen als er iets misgaat rondom een operatie?

“Een complicatie went nooit. Ik heb collega’s die ervan wakker ­liggen. Ik slaap gelukkig goed, maar het blijft wel lang in mijn gedachten. Patiënten merken dit ook aan mij. Een patiënt bij wie iets mis was gegaan tijdens de operatie, zei tegen mij: ‘Wat naar voor u!’ En dat terwijl ik de complicatie had veroorzaakt. Zij zag dat het ook mij raakte. Ik denk dat dit voor heel veel artsen geldt.”

Wat doen artsen normaal gesproken wanneer er een complicatie optreedt?

“Op de meeste chirurgische ­afdelingen van ziekenhuizen is er regelmatig overleg over patiënten bij wie iets niet helemaal naar wens is gegaan. Artsen en verpleegkundigen bespreken kort alle complicaties die sinds de vorige bespreking zijn opgetreden. Het belangrijkste doel van deze overleggen is dat zorgverleners ervan leren, zodat complicaties in de toekomst minder vaak optreden.”

Wat heeft u in eerste instantie veranderd?

“Tijdens mijn opleiding werkte ik enkele jaren in een Australisch ziekenhuis. Ik heb daar veel complicatiebesprekingen meegemaakt. Deze waren veel uitgebreider dan in Nederland. Toen ik terugkwam in Nijmegen, dacht ik al snel: die besprekingen moeten hier beter. Stapje voor stapje hebben wij op de afdeling Gynaecologische oncologie verbeteringen doorgevoerd. Wij bespreken nu niet meer alle complicaties kort, maar één of twee diepgaand. Ook zoeken we extra informatie op in de wetenschappelijke literatuur en vragen we andere medisch specialisten om advies. Verder benoemen we bij elke complicatie welke punten we moeten verbeteren. Dit komt in een verslag, dat we ook naar de patiënt sturen. Drie maanden later nemen we contact op met de patiënt en leggen we uit hoe ver het staat met de verbeterpunten. En sinds een jaar of vijf doen we wat extra’s: we nodigen ook patiënten zelf uit voor de bespreking waarin we hun eigen complicatie behandelen.”

Waarom zijn jullie dat gaan doen?

“Ik kwam vijf jaar geleden op het idee door een patiënt die ik had geopereerd. Tijdens de operatie was echt iets misgegaan. Ze had daardoor veel extra klachten en moest nog een keer onder het mes. Ik vertelde haar: ‘We gaan dit goed in kaart brengen en uitgebreid ­bespreken.’ Ze zei dat ze graag bij de complicatiebespreking wilde zijn. Mijn eerste gedachte was: waarom eigenlijk niet? Het past bij het uitgangspunt dat artsen en patiënten een gelijkwaardige relatie hebben. Helaas kreeg ik het nog niet voor elkaar voor deze patiënt. Medewerkers van de juridische afdeling van het ziekenhuis en ook artsen waren bang dat de patiënt een officiële klacht of schadeclaim in zou dienen. Maar niet veel later lukte het wel en hadden we de ­eerste complicatiebespreking mét de patiënt erbij.”

Wat was er misgegaan bij die operatie?

“Deze patiënt onderging een operatie vanwege baarmoederhalskanker. Bij deze operatie wordt de urineleider helemaal vrijgelegd. De vrouw kreeg een paar dagen later een bloedstolsel net boven de vagina. Om dit te ontlasten werd met een tangetje de vagina een beetje geopend, zodat het bloed naar buiten kon lopen. Daarbij is de urineleider beschadigd geraakt. Een paar dagen later kwam ze weer bij mij: ze had buikpijn en haar buik werd dikker. We ontdekten dat de urineleider bij het ontlasten van het bloedstolsel beschadigd was geraakt en er urine in de buik liep. De vrouw is een tweede keer geopereerd, om de urineleider weer in de blaas vast te hechten. Dit is een voorbeeld van een ongewenste gebeurtenis met vrij ernstige gevolgen, want deze patiënt moest opnieuw een grote operatie ondergaan. Complicaties kunnen ook minder ernstig zijn, maar deze was ernstig.”

Hoe verliep de bespreking met de patiënt erbij?

“Ik vond het erg spannend. Het is best lastig om, waar iedereen bij zit, te vertellen: dit is niet goed gegaan. Ook vroeg ik me af of het voor de patiënt wel goed was om zo uitgebreid te horen wat er precies mis was gegaan. Ik wilde niet dat zij er last van zou krijgen. Verder denk ik dat alle zorgverleners het spannend vonden of deze manier van bespreken niet zou leiden tot extra schadeclaims en officiële klachten. Wij discussiëren open en bloot en een collega kan bijvoorbeeld zeggen: waarom heb je dat niet zus of zo aangepakt? Daar zit de patiënt dan bij.”

Hoe was het voor de patiënt zelf?

“Ik hoorde naderhand van de vrouw met de beschadigde urineleider dat ze zich veilig voelde tijdens de bespreking. Van sommige andere patiënten hoor ik terug dat ze het spannend vonden. Wij doen wel ons best om de zenuwen bij hen te verminderen. Een verpleegkundige van de polikliniek legt voor het overleg uit wat de bedoeling is en vangt de patiënt na afloop op. Die mag ter ondersteuning één persoon meenemen, bijvoorbeeld een vriend(in) of partner. Ook zitten wij daar nooit met een witte jas aan. Tijdens het overleg presenteert een arts de geschiedenis van de complicatie en vervolgens discussiëren wij daar als zorgverleners over. De eerste paar besprekingen was het zoeken naar de juiste woorden. Je wilt niets achterlaten van de medische inhoud en tegelijkertijd wil je dat de patiënt het begrijpt. Ik kon dus geen moeilijke medische begrippen gebruiken. Inmiddels hebben we aardig wat ervaring met deze besprekingen. We vragen aan de patiënt of ze aanvullingen heeft op de complicatiebespreking en of ze verbeterpunten voor ons heeft. Soms levert dat verrassende inzichten op.”

Wat voor inzichten?

“Het inzicht dat de ervaringen van patiënten soms totaal verschillen van hoe artsen erover denken. Een goed voorbeeld is de patiënt met de beschadigde urineleider. Er ging nóg iets mis bij haar: de operatiewond ging ontsteken en barstte open. Dat vond ik niet zo erg, maar de patiënt vond de open wond erger dan de beschadigde urineleider waarvoor ze een tweede operatie moest ondergaan. Dit heeft mij veel inzicht gegeven. Het laat zien dat sommige dingen die artsen niet ernstig vinden, wel om verbetering vragen.”

Ten slotte: hoe helpt het de patiënten?

“De bespreking mét patiënten erbij is vaak ook verhelderend voor henzelf. Zij zien dat wij zo’n ongewenste gebeurtenis serieus nemen en ervan willen leren. Ik denk dat het voor de meeste patiënten ook helpt bij de verwerking. De patiënt met de beschadigde urineleider zei het zo: ‘De complicatiebespreking voelde als een verwerkingsproces. Ik kan nu weer verder.’”

Petra Zusterzeel (49) werkt sinds 2010 als gynaecologisch oncoloog en onderzoeker in het Radboudumc in Nijmegen. Daar opereert ze vrouwen met kanker aan hun eierstokken, baarmoeder, baarmoederhals of schaamlippen. Tijdens haar opleiding werkte ze enkele jaren in een ziekenhuis in Australië. Daar ervaarde ze dat de bespreking van complicaties beter was dan in Nederland. Terug in haar moederland is ze zich in gaan zetten voor verbetering hiervan.

Tip

Is bij uw operatie ook iets misgegaan? U zult niet snel uitgenodigd worden voor de complicatiebespreking; dat gebeurt nog niet vaak. Maar u kunt altijd een brief schrijven met uw ervaring over wat er misging en vragen of dit in de bespreking kan worden meegenomen.

Dit artikel verscheen eerder in Plus Magazine juli/augustus 2022. Abonnee worden van het blad? Dat doet u in een handomdraai!

Bron(nen):