Chronische lymfocytische leukemie

 
De holle ruimte in onze beenderen is gevuld met een sponsachtige massa, het beenmerg. Hier worden stamcellen geproduceerd. Stamcellen zijn onvolgroeide cellen, die zich kunnen ontwikkelen tot bestanddelen van bloed: rode bloedcellen, die zuurstof naar de organen vervoeren, witte bloedcellen, of lymfocyten, die infecties tegengaan, en bloedplaatjes, die zorgen dat bloed stolt na een verwonding.
 
Chronische lymfatische leukemie (CLL) is een vorm van kanker waarbij het beenmerg te veel lymfocyten produceert. De term 'chronisch' betekent dat de kankercellen zich langzaam vermenigvuldigen. Bij CLL worden abnormale lymfocyten geproduceerd, die geen infecties kunnen tegenhouden. Naarmate het aantal van deze abnormale lymfocyten in het bloed en het beenmerg toeneemt, worden steeds minder gezonde witte bloedcellen, rode bloedcellen en bloedplaatjes aangemaakt. Hierbij kunnen symptomen optreden als vermoeidheid, terugkerende infecties, bloedarmoede en snel optreden van kneuzingen.
 
Chronische lymfatische leukemie kent in de vroege stadia geen symptomen. De behandeling en prognose hangen af van het stadium en de omvang van de ziekte. Tot de standaardtherapieën behoren 'waakzaam afwachten', chemotherapie, bestraling, chirurgie, en therapie met monoklonale antilichamen. Stamceltransplantatie van beenmerg is een ander soort therapie die momenteel klinisch wordt getest. Chronische lymfatische leukemie is de op één na meest voorkomende vorm van leukemie bij volwassenen, en ontstaat meestal in de tweede helft van het leven. CLL komt weinig voor bij kinderen.
 
De dokter is de beste bron van informatie over de behandeling waarvoor jij in aanmerking komt. Het is belangrijk om met de arts te bespreken welke therapie voor jou de meest geschikte is.