Aanvullende uitkeringmoet doorlopen tot pensioen

Het is niet juist dat een aansluitende werkloosheiduitkering stopt  bij het bereiken van de 65-jarige leeftijd, als de AOW leeftijd voor de betrokkene verhoogd is tot ten minste 67 jaar. Die uitkering zou door moeten lopen tot de AOW- eeftijd.

Dit blijkt uit een uitspraak van het College van de Rechten van de Mens. Een man die sinds 1976 in dienst was bij achtereenvolgens het ministerie van Defensie en de Nationale Politie kreeg in 2011 eervol ontslag wegen ziekte. Hij kreeg een aanvulling op zijn WW en na de WW-periode een aansluitende uitkering. De duur daarvan is afhankelijk van het arbeidsverleden, maar zou hoe dan ook eindigen bij bij het bereiken van de 65-jarige leeftijd. In dit geval zou de man zijn maximale uitkeringsduur niet bereiken op zijn 65ste.

Zonder uitkering
Door de verhoging van de AOW-leeftijd naar ten minste 67-jaar zou de man twee jaar lang zonder uitkering en zonder AOW zitten. Hij wilde daarom dat de uitkering zou worden verlengd, omdat er sprake is van leeftijdsdiscriminatie. Zijn uitkering zou worden gestopt omdat hij 65 jaar wordt, voordat de maximale duur is bereikt. Jongere ambtenaren krijgen wel een aansluitende werklosheidsuitkering gedurende de volledige looptijd.

Het College meende dat er geen rechtvaardiging is voor de grens van 65 jaar, nu de AOW-leeftijd is verhoogd. Het stopzetten van de uitkering over een aantal jaren is daarom een verbonden onderscheid op grond van leeftijd. Volgens het college zou de uitkering moeten doorlopen tot de AOW-leeftijd.

Bron: www.mensenrechten.nl