Goed vakantiefilmen deel 2

Losse videobeelden schieten op vakantie lukt de meeste mensen nog wel aardig. Toch valt het eindresultaat vaak tegen. De vakantiefilm is te licht, te donker, te schokkerig of te langdradig. In dit artikel in twee delen leest u hoe u een vakantievideo maakt die gezien mag worden.

In deel 1 van dit artikel las u meer over goede video-apparatuur en een goede voorbereiding. In dit tweede deel ziet u waar u op moet letten bij het filmen en editen van de video.

Filmen
Als u uw voorbereiding in orde heeft, bent u klaar voor het schieten van uw vakantievideo. Hierbij geldt het simpele credo: beter teveel dan te weinig. Het is makkelijk werken met teveel opgenomen beelden: u gebruikt het overschot gewoon niet. Maar als u te weinig beelden heeft, moet u bij het monteren van uw vakantiefilm later uw uiterste best doen om er nog een leuke video van te maken. Maak daarom eventueel meerdere opnamen van hetzelfde onderwerp als u niet zeker bent of de eerdere opname goed gelukt is. U kunt natuurlijk ter plaatse een gemaakt shot terugkijken op uw camera, maar het is niet altijd goed in te schatten op een klein schermpje of de opname echt geslaagd is. Schiet ook gerust allemaal extra beelden waarvan u nog niet zeker weet of u ze later zal gebruiken. Ze kunnen bij het monteren altijd nog van pas komen.

Naast het scenario in grote lijnen dat u misschien thuis al gemaakt heeft, kunt u ook iedere dag een klein draaiboekje maken in uw hoofd. Een simpel verhaaltje is al voldoende: een opname van het verlaten van uw appartement, een opname van instappen in de auto, een shot van de ingang van een attractie die u bezoekt, shots van verschillende onderdelen van de attractie, een opname van het weggaan. Een kop en een staart maken een film al meteen een heel stuk aantrekkelijker om naar  te kijken.

Verschillende opnamen
Vergeet vooral niet om tussenshots te filmen. Dit zijn opnamen die u gebruikt om een soepele overgang tussen twee andere shots te maken. Met een tussenshot laat u op een natuurlijke manier tijd voorbij gaan in de film. Zo zitten er geen rare sprongen in. Goed geschikt voor tussenshots zijn close-ups -opnamen van dichtbij- bijvoorbeeld van een kaart of een naambord. Maar ook een totaalopname van de omgeving is geschikt. Ook hier geldt weer: beter teveel opnamen dan te weinig.

Wees ook niet bang om verschillende opnamen te maken van hetzelfde onderwerp, maar dan met diverse beelduitsneden. Dit betekent bijvoorbeeld dat u een shot maakt van een volledig gebouw. Vervolgens zoomt u in en maakt wat opnamen van interessante details van hetzelfde gebouw. Let er hierbij wel op dat u niet bij het opnemen voortdurend in- of uitzoomt of de camera beweegt. Dit staat nog wel leuk bij een videoclip op snelle muziek, maar in een vakantiefilm levert het al snel irritatie en vermoeide ogen op. Een combinatie van stilstaande beelden, her en der afgewisseld met rustige camerabewegingen, werkt vaak het beste in een film.

Videosoftware
Terug van vakantie kunt u aan de slag met het maken van een mooie vakantievideo van de geschoten beelden. Hiervoor heeft u een videobewerkingsprogramma nodig, zoals het gratis Story Remix in Windows 10. Hierover vindt u een workshop in het zomernummer van Plus Magazine. Of u gebruikt betaalsoftware, zoals Pinnacle Studio. De verschillende versies vindt u op https://www.pinnaclesys.com/nl. Soms zit er ook al gratis videobewerkingssoftware bij uw videocamera.

Voordat u begint met het aan elkaar monteren van de videobeelden, maakt u eerst een overzicht van de losse opnamebestanden, met de naam van het bestand en het videobeeld dat het bevat. Zo krijgt u een goed overzicht van wat u allemaal aan beeld heeft. U doet dit bijvoorbeeld door de map met de videobestanden te openen in Verkenner in Windows. Daarvoor koppelt u de videocamera aan de pc of plaatst de geheugenkaart met de videobestanden in de kaartlezer van uw computer. Videobestanden staan standaard in een map met de naam DCIM. Door te dubbelklikken op een videobestand wordt het direct afgespeeld in Windows Media Player of een andere geïnstalleerde videospeler. Werkt dat niet, dan heeft het videobestandstype een aparte speler nodig. Zoals QuickTime voor onder andere MOV-bestanden: https://support.apple.com/en_US/downloads/quicktime. Kijk eventueel in de camerahandleiding welk programma wordt aangeraden.

Editen
Kopieer eventueel geschikte videobestanden meteen naar een aparte map voor uw vakantiefilm. Zo wordt het makkelijker het overzicht bij de selectie van de beelden te houden. Omdat videobestanden op de camera vaak een nummer als bestandsnaam krijgen, kunt u die naam meteen veranderen in een duidelijkere naam. Bijvoorbeeld Appartement_buiten bij een opname van het appartement aan de buitenkant.

Hierna maakt u in een videobewerkingsprogramma aan de hand van deze voorselectie een kladvideo van de beelden. U hoeft de scènes dan nog niet meteen op de juiste lengte te snijden. Dit gaat het makkelijkst in de storyboardweergave van het programma. De videobestanden die u wilt gebruiken, kunt u meestal allemaal tegelijk selecteren en binnenhalen in het programma via een optie Importeren of Toevoegen. Schuif in de storyboardweergave rustig met de beelden en probeer verschillende mogelijkheden uit.

Staan de scènes in de gewenste volgorde, dan wordt het tijd om ze op maat te snijden met het snij- of editgereedschap van het programma. Om een ritme in uw video aan te brengen, gebruikt u eventueel als hulpmiddel een geschikt muzieknummer dat u eerst op het geluidspoor zet. U kunt dan de beelden daarop monteren en bijsnijden.

Tot slot voegt u nog begintitels, eindtitels en eventueel overgangen tussen bepaalde scènes toe. Doe dit laatste met mate: tussen alle scènes een overgang invoegen is niet nodig. Sla uw werk op als project, zodat u het later altijd nog kunt bewerken.

Als u helemaal klaar bent, slaat u uw project ook op als videobestand. Uw vakantiefilm wordt in elkaar gezet en is daarna klaar voor de première.