Wat gebeurt er met de pensioenleeftijd?

Je hoort en leest van alles over onze pensioenen. Kennelijk is het niet zo dat de stijging van de pensioenleeftijd naar 67 jaar (en ouder) helemaal zeker is. Weet u hoe de zaken ervoor staan? Ik ben net 60 geworden.

Volgens de Sociale Verzekeringsbank krijgt iemand die net 60 is geworden naar verwachting in het laatste kwartaal van 2025 uw eerste AOW. De woorden naar verwachting, staan er niet zomaar. Enkele maanden geleden is het pensioenoverleg tussen werkgevers, werknemers en de overheid geklapt. Daarom ligt er nu alleen nog het huidige plan, daarin staat een verhoging van de AOW leeftijd naar 67 jaar in 2021. Maar er is en blijft dringend behoefte aan een nieuw pensioenstelsel en dit is één van de onderdelen waar de vakbonden op hameren: de AOW-leeftijd moet omlaag.

De vraag is natuurlijk of het huidige kabinet deze plannen alsnog wil overnemen. Bedrijven en instellingen zien dat oudere werknemers moeite hebben hun werkzame leven positief af te sluiten. Lang niet altijd omdat ze het lichamelijk niet meer kunnen volhouden, maar omdat ze moe zijn van de vele reorganisaties en technische innovaties, waar ze in de late herfst van hun loopbaan mee te maken hebben.

Ook is het maar de vraag of een langere  levensverwachting één-op-één gekoppeld kan worden aan een hogere AOW-leeftijd. Het is helemaal niet gezegd dat een extra jaar op je tachtigste, automatisch betekent dat je ook een jaar langer geestelijk en lichamelijk fit bent aan het eind van je loopbaan.

Het Centraal Planbureau waarschuwde eerder ook al voor de nadelige gevolgen van het snel vooruitschuiven van de AOW. Voor veruit de meeste werknemers is de AOW meer dan de helft van het totale pensioen. Voor deze meerderheid is doorwerken noodzaak, omdat ze niet kunnen terugvallen op hun aanvullende pensioen, of een mooie lijfrente. Hun gemiddelde aanvullend pensioen ligt vaak lager dan hun AOW-uitkering.

Het kabinet zal de komende maanden en misschien wel jaren te maken krijgen met een toenemende druk van werknemers om de snelle stijging van de pensioenleeftijd te beteugelen. Het is de vraag of ze die willen of kunnen weerstaan.