Wandelen met Hella: 'mijn moeder had geen interesse in mij’

Op haar 10de hoorde Hetty Franzani dat ze niet het biologische kind van haar ouders was. Twaalf jaar later zocht ze haar biologische moeder op.

Hetty Franzani woont er om de hoek, maar nog nooit maakte ze een wandeling door de historische bollentuin in het Noord-Hollandse Limmen, moet ze tot haar schande bekennen. “Mooie dingen wennen, maar de bollenvelden blijven prachtig, elk voorjaar opnieuw.”

Net zo blij als de vrijwilligers die ons welkom heten stappen wij de Hortus Bulborum binnen. Deze mensen zorgen dat eeuwenoude ­tulpenrassen bewaard blijven voor de toekomst. De kleuren van ruim 4500 soorten tulpen, narcissen, hyacinten, krokussen en fritillaria’s doen ons duizelen. Het narcisgele jasje van Hetty is er prachtig op afgestemd. Het was de ­Limmer schoolmeester Pieter Boschman die hier in 1924 de basis legde voor de enige bollentuin ter wereld met zoveel soorten.

Tot haar pensioen werkte Hetty met veel liefde en zelfvertrouwen in het onderwijs. Een groot contrast met de onzekerheid waarmee haar leven begon. Amper een week oud werd ze door haar moeder afgestaan. “Ik heb nog het briefje waar het op staat. Ik was haar eerste kind.” Jaren later hoorde ze dat dit onder druk van haar biologische grootouders was gegaan. Hetty’s moeder raakte kort na de oorlog namelijk ongewild zwanger van een Canadese militair.

Hetty had ‘het geluk’ niet in een kindertehuis te worden geplaatst, zoals in die tijd gebruikelijk was. Ze werd opgenomen in een liefdevol ­gezin zonder kinderen. “Ik had het niet beter kunnen treffen.” Tot haar 10de was er geen enkele twijfel over haar ouders. Het hielp dat haar pleegvader van Italiaanse afkomst was en hetzelfde donkere haar had als Hetty. “Als ze het mij niet verteld hadden, had ik het waarschijnlijk nog niet geweten, zo leek ik op hem.”

De dag dat ze op haar 10de naar de schoolarts moest, zal ze nooit ­vergeten. Na het onderzoek werd haar moeder naar binnen geroepen, en met behuild gezicht kwam ze weer buiten. “Ik begreep er niets van.”

De schoolarts vond dat haar pleegouders Hetty de waarheid moesten vertellen. Hij dacht dat het niet lang meer zou duren voordat ze vragen zou gaan stellen of het zou horen op straat. Met veel omhaal van woorden werd Hetty die middag verteld hoe het zat met haar afkomst. “Ik geloofde het gewoon niet dat mijn ouders niet mijn biologische ouders waren. Zij waren zo trots op mij.”

Zo mooi als de tulpen zijn waarvoor we stoppen, zo verliep ook Hetty’s jeugd. Nooit heeft ’t haar aan iets ontbroken. Altijd voelde ze de liefde van haar pleegouders alsof ze hun eigen kind was. Consequent noemt ze haar pleegouders dan ook haar ouders.

Het valt ons op dat de oude rassen hier meer geuren dan het gemiddelde bosje in onze vazen. We vinden deze bloementuin trouwens perfect voor toeristen. Hier mag iedereen een mooi exemplaar van dichtbij bekijken of fotograferen zolang hij wil.

Vanaf Hetty’s puberteit nam haar nieuwsgierigheid naar haar ­afkomst toe. Tot het moment waarop ze op haar 17de officieel werd ­geadopteerd, was haar pleegmoeder bang dat haar biologische moeder op een dag op de stoep zou staan en Hetty zou opeisen. “Dan zei ik altijd: ‘Mam, je hoeft niet bang te zijn. Ik ga niet terug naar haar, hoor!’” Met trots droeg Hetty de naam van haar pleegouders: Franzani.

Omdat de familie van Hetty’s biologische moeder alles geheim wilde houden, wisten ook Hetty’s pleegouders niets over haar afkomst. Wel hebben ze haar gestimuleerd op zoek te gaan naar antwoorden op haar vragen. Op internet vond ze een familielink waarin woorden als Hongarije, Israël, joden en pogroms voorkwamen. Om als het ware dichter bij haar ­biologische familie te komen, ging Hetty volksdansen, leerde ze Hebreeuws en ging ze gidsen in het Anne Frank Huis in Amsterdam. “Ik was bijzonder nieuwsgierig”, zegt ze.

Pas op haar 22ste was Hetty klaar voor het contact met haar biologische moeder. “Je ziet van die prachtige herenigingen op tv in Spoorloos. Maar ik verbeeldde me niets en
wist zeker dat ik geen behoefte had aan nóg een vader of moeder.”

Pasen 1969 was het moment van de ontmoeting. Haar pleegmoeder gaf Hetty fotoalbums mee van haar jeugd. Het werd een ­teleurstelling. “Mijn biologische moeder had geen interesse in de foto’s en in mij. ­Eigenlijk reageerde ze nergens op.” Later vertelde Hetty’s halfzus dat moeder al die jaren de deksel op de pot van haar verleden had gehouden. “We waren te verschillend en het was te laat. Ik zeg altijd: als je niet met iemand in bed of bad bent gegaan, kun je moeilijk een band aanknopen.” Daarop staakte Hetty haar zoektocht naar haar familie. Volgens haar halfzus, met wie ze nog af en toe contact heeft, kwam bij haar biologische moeder het verdriet pas toen ze ­stervende was.

Ondertussen ruiken we de narcissen ver voordat we ze zien. De honderden bollenveldjes in bloei zijn niet alleen een lust voor het oog, maar ook een genot voor de neus. Toen Hetty zelf moeder werd, kon ze helemaal niet meer begrijpen waarom ze was afgestaan als baby. “Als je zo’n kleintje in je armen hebt, komt dat zo bij je binnen. Ik vond het onvoorstelbaar. Ik zou alles hebben gedaan om mijn kind te houden.”

Toen ze een paar jaar later met twee jonge kinderen in een vechtscheiding belandde, heeft ze dan ook gevochten als een leeuwin om ze bij zich te houden. “Ik heb zelfs een tijdje in de bijstand gezeten om bij mijn kinderen te zijn. Het belangrijkste wat je kinderen kunt geven is veiligheid. Mijn biologische moeder was er niet voor mij. Ik wilde er kost wat kost wél voor mijn eigen kinderen zijn.”

Hetty voedde de kinderen grotendeels alleen op. Toen de rust in huis terug was, ging ze weer aan het werk in het onderwijs. Zes jaar later vond ze in Hein de liefde van haar leven. Maar na elf gelukkige jaren raakte haar tweede man stilletjes depressief. Tot hij in een psychose onverwacht een einde aan zijn leven maakte. “Hij was ziek maar deelde dat niet met ons. Het is verdrietig dat we hem niet hebben kunnen helpen. Maar ik heb geen schuldgevoel. We hebben veel van elkaar gehouden.”

Zijn dood maakte het mogelijk dat Hetty eindelijk kon doen waar ze als kind al van droomde: ontwikkelingswerk. Van 2011 tot 2013 gaf ze in het door genocide ­verscheurde Rwanda leerkrachten en ­school­directeuren les.

Daar leerde ze Emmanuel kennen. Hij was haar tolk en ging vaak met haar mee als ze workshops gaf in het land. Hij was 25 jaar, even oud als haar zoon. Emmanuel leerde Hetty de Rwandese taal. Er ontstond een moeder-zoonband. Hetty ging hem helpen met zijn studie, waardoor hij informeel haar pleegzoon werd.

Hiermee was de cirkel rond voor haar. Wat haar pleegouders voor haar hadden gedaan, deed zij nu voor Emmanuel. “Ik vind het een hoopvolle gedachte dat je van alles kunt meemaken, maar dat je er altijd zelf een positieve draai aan kunt geven.”

Vierduizend soorten historische bollen

In de Hortus Bulborum bloeien in het voorjaar vierduizend soorten tulpen, narcissen, hyacinten en andere veelal historische ­bolgewassen. Kijk ook op www.hortus-bulborum.nl Er loopt een wandelroute langs: www.wandelnetwerknoordholland.nl (zoek op ‘Blauwe route Limmen Vredenburg’).

Startpunt: Hortus Bulborum, Zuidkerkenlaan 23A in Limmen.
Horeca: Eetbar Lekker, Dusseldorperweg 56, en Fletcher Hotel-Restaurant Heiloo, Kennemerstraatweg 425.
Vervoer: Neem de trein naar ­Castricum en bus 167 naar Limmen.

Nog meer mooie tuinen om in de lente te bezoeken: www.plusonline.nl/lente-tuinen

Bron(nen):