Zit er antibiotica in vlees?

Kleine kans bij consumptie

Goede vraag! In deze rubriek gaat Plusonline op zoek naar het antwoord op knagende vragen. Deze keer: zit er antibiotica in vlees?

Een kleine kans

Het komt voor dat dieren die worden gehouden voor vlees antibiotica toegediend krijgen. Vooral de dieren die gevoelig zijn voor infectieziekten, zoals jonge kalveren, kippen en varkens op stal, krijgen vaak een antibioticakuur. Ook bij dieren met infecties of wanneer er een ziekte heerst in de stal, wordt er antibiotica ingezet. De kans dat je de antibioticum binnenkrijgt door het eten van vlees, is volgens het Voedingscentrum echter heel klein. Daar zorgt de strenge Europese wetgeving voor met een wachttijd. Dieren die antibiotica hebben gekregen, mogen niet worden geslacht voor deze wachttijd voorbij is.

Controle

In principe zou er na deze wachttijd geen antibioticum meer te vinden zijn in vlees, vis, eieren of melk. Omdat dit niet altijd voor honderd procent kan worden gegarandeerd, controleert de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) steekproefsgewijs of er toch nog wat restjes zijn achtergebleven en of deze niet de maximale toegestane hoeveelheid antibiotica overschrijden.

ESBL-bacteriën

Een soort bacterie dat inmiddels resistent is geworden voor antibiotica is de ESBL-bacterie. Helaas wordt deze bacterie regelmatig aangetroffen op dieren. Ook mensen kunnen de bacterie gemakkelijk met zich meedragen, maar vaak gaat dit ongemerkt. Pas wanneer de ESBM-bacterie een infectie veroorzaakt, wordt het problematisch, omdat deze infectie niet zomaar met antibiotica te genezen is. Kwetsbare groepen zijn kinderen tot vijf jaar, zwangere vrouwen, ouderen en mensen met een lage weerstand. Je kunt het risico op besmetting van de ESBL-bacterie makkelijk verkleinen door vlees op een hygiënische manier te bereiden en regelmatig je handen te wassen.

Dieren zonder antibiotica

Er zijn ook vee-dieren waarbij er nauwelijks tot geen antibioticum wordt ingezet. Dit zie je voornamelijk terug in de biologische sector. In deze sector ligt er meer focus op het welzijn van het dier, waarbij de natuurlijke weerstand zo veel mogelijk wordt bevorderd.

Toch vaker plantaardig

Ondanks de kleine kans op antibiotica door vleesconsumptie, is het advies van Het Voedingscentrum om vaker een plantaardige keuze te maken. De instelling adviseert om niet meer dan 500 gram vlees per week te eten, waarvan maximaal 300 gram rood vlees. Dat is inclusief vleeswaren. Rood vlees vergroot de kans op darmkanker, een beroerte en diabetes type 2. Daarbij zijn dierlijke producten een flinke belasting voor het milieu. Lees hier over hoe je duurzamer kunt eten.

Heb jij ook een goede vraag? Stuur ons een mail.

Bron(nen):