9 keer het gezonde van soep

Bron van groente en vocht

Soep kan altijd. Of het nu een lekker licht groentesoepje is in de lente, een koude gazpacho in de zomer of een romige pompoensoep in de herfst. En op een koude winterdag genieten we natuurlijk massaal van snert.  Negen keer het (on)gezonde van soep.

1. Groente

Soep is een heel gemakkelijke manier om groente te eten. Hoeveel groenten u binnenkrijgt via een bord soep is natuurlijk sterk afhankelijk van wat u zelf in de soep doet. Een pan met 600 gram groenten op een liter water voor vier personen, levert u ongeveer 150 gram groenten. Dan bent u dus alweer een heel eind op weg voor de aanbevolen 250 gram.

2. Vocht

Met een kop soep komt u niet alleen gemakkelijker aan de aanbevolen dagelijkse hoeveelheid groenten: het helpt ook bij het op peil houden van de vochthuishouding. Een portie soep is toch wel 250 milliliter. Minimaal een achtste van de 1,5 tot 2 liter water die u dagelijks nodig heeft.

3. Vult goed

Een van de grote voordelen van soep is het verzadigende effect. Soep vult de maag, die zet uit en stuurt signalen naar het verzadigingscentrum in de hersenen. Een soepje voor de maaltijd zorgt dat u minder eet, maar ook een maaltijdsoep kan goed vullen.

Soep met stukjes groenten verzadigt langer dan een soep die volledig gepureerd is. Dit is wel sterk afhankelijk van de bouillon. Een waterige bouillon geeft u een minder vol gevoel dan een gebonden of dikke soep waarbij (een deel) van de ingrediënten is gepureerd.

4. Vitamine en vezels

Een soep waarin u zelf groente verwerkt zit vol vezels: hoe minder je de groente bewerkt, des te meer vezels. Daarnaast zijn groenten een belangrijke bron voor vitaminen en mineralen. Bij het koken van de soep gaat er wel iets verloren, maar er zijn ook stoffen die door het koken juist beter tot hun recht komen. Lycopeen uit tomaten kunt u bijvoorbeeld veel gemakkelijker opnemen na het koken. Ditzelfde geldt voor bètacaroteen in wortelen.

5. Slanke soep

De meeste soepen bevatten relatief weinig vet, maar ook hiervoor geldt natuurlijk dat u het zo gek kunt maken als u zelf wilt. Room, boter en vette bouillon kunnen van soep ook een calorieënbom maken. Trekt u zelf bouillon van bijvoorbeeld kippenbouten of een mergpijp? Laat de bouillon eerst even afkoelen: u kunt het vet dan zo van de soep afscheppen.

Zetmeelhouders als aardappelen, pasta en rijst geven een soepje ook meer calorieën. Voor een gebonden soep heeft u ook niet per se aardappel nodig: courgette, pompoen en knolselderij werken net zo goed.

6. Pas op met zout

Bij een zelfgemaakte soep bepaalt u zelf hoeveel zout erin gaat. Meestal heeft u zelfs helemaal geen zout nodig: kruiden verrijken de smaak ook. Ben u wel bewust van het feit dat veel bouillonblokjes behoorlijk zout zijn, ze bevatten soms wel 7 gram per liter. Het meeste zout vindt u in kant-en-klaarsoepen en oplossoepen.

7. Gezondheidsvoordelen

Er zijn verschillende onderzoeken gedaan naar de voordelen van soep. Onder andere naar het bekende pannetje kippensoep als u ziek bent. De soep versterkt volgens diverse studies de weerstand. Ook schijnt kippensoep de spijsvertering te verbeteren en helpt het uw neusslijmvliezen te herstellen.

Om verkoudheid en griep te voorkomen is het slimmer om tomatensoep te eten. Het lycopeen in tomatensoep komt uw immuunsysteem ten goede. Daarnaast zouden regelmatige soepeters minder last hebben van een verhoogd cholesterol en overgewicht.

8. Op dieet met soep

Iedere dag een soepje is helemaal niet slecht, maar u moet zeker niet doorslaan. Leven op soep is geen goed idee, dat is te eenzijdig en voorziet niet in alle benodigde voedingsstoffen. Datzelfde geldt voor het soepdieet. Door alleen maar soep te eten kunt u wel degelijk snel afvallen, maar dat is van tijdelijke aard. Zodra u stopt met het dieet zitten de kilo’s er zo weer aan.

9. Soep bewaren

Als u soep bereidt, maakt u vaak een grote pan. Een prima idee, want u kunt de soep dan meerdere dagen eten. Het is dan wel belangrijk dat u de soep goed bewaart, anders is hij snel zuur.

Laat de soep zo snel mogelijk afkoelen en zet hem pas in de koelkast als hij echt koud is. U kunt soep beter niet te lang op kamertemperatuur laten staan en ook meerdere keren opwarmen is onverstandig. Op die manieren krijgen bacteriën vrij spel.

Portioneer de verse soep en verwarm alleen wat u echt nodig hebt. U kunt soep ook in kleine porties invriezen.

Trefwoorden:

Reactie toevoegen