Drie tips voor leuke vogelboeken

Nu de lente zich iets eerder aandient dan gebruikelijk, zijn de vogels ook al aardig actief. Er vliegt en fladdert van alles om ons heen, maar wat weten we er eigenlijk van? Drie leuke tips voor recente vogelboeken.

1. Baardman en Boterkontje

Heet de fuut fuut omdat ie ‘fuut’ roept? Houdt de ijsvogel van ijs en kan de putter putten? In vogelgidsen ontbreekt bijna altijd informatie over de herkomst van vogelnamen. In ‘Baardman en Boterkontje, de vogel en zijn naam’ (uitg. Bornmeer Noordboek, €17,50) verklaart Toine Andernach (taalkundige met passie voor taal en vogels) in luchtige en informatieve verhalen de vaak verrassende herkomst van raadselachtige vogelnamen voor vogel- en taalliefhebbers. Het betreft allemaal vogels die in Nederland te zien zijn.

2. De zeearend

Nienke Beintema vertelt het verhaal van de grootste roofvogel van de Lage Landen in ‘De zeearend’ (uitg. Atlas Contact, €22,99). Deze broedt sinds 2006 in ons land en is sindsdien met een spectaculaire opmars bezig. Hoe is dat mogelijk? En waarom zijn we nu allemaal zo enthousiast over deze machtige vogel, terwijl we hem nog geen eeuw geleden achteloos uit de lucht schoten? Nienke Beintema ging op pad met boswachters, onderzoekers, een kunstenaar en een fotograaf om deze vragen te beantwoorden.

3. De weg terug

In ‘De weg terug’ (uitg. Fontaine, €22) duikt Jon Day in de bizarre wereld van het duivenmelken en onderzoekt de wetenschappelijke mysteries van de drang van dieren om nesten te bouwen en traceert de betekenis van thuis. Als klein jongetje was Day al gefascineerd door duiven. Toen hij twintig jaar later verhuisde naar een Londense buitenwijk om een gezin te beginnen, raakte hij zijn gevoel van thuis kwijt. Hij keerde bouwde een duiventil en ging bij een lokale club voor duivenmelkers, hopende dat de duiven hem het gevoel van thuiskomen zouden leren.