Blik op oneindig: doe een rondje Marken

Eilandwandeling   

Eilandwandeling
Getty Images

Zin om uit te waaien op een bijzondere plek? Doe een rondje Marken met misschien wel de meest iconische vuurtoren van Nederland.  Dit is een eiland dat al lang geen eiland meer is, maar wel zo voelt. Wandel langs de waterkant, luister naar de golven en geniet.

Je hebt er niet eens zo heel veel goede wil voor nodig om in de vorm van Marken een vogel te herkennen. Zijn poten heeft hij tussen de veren getrokken, het kleine watertje op de oostpunt is onmiskenbaar een oog en het korte dijkje dat het Markermeer inloopt is de snavel. Vastberaden vliegt hij op de landkaart naar het oosten. Alleen dat bultje aan het uiteinde van zijn snavel... Zulke vogels ken ik niet. Dat bultje is een paard: het Paard van Marken, zoals de groen-witte vuurtoren met woonhuis en rode kap in de volksmond heet. Dit gebouw uit 1839 is een van de meest iconische vuurtorens van ons land. Al in 1700 werd op deze plek een toren gebouwd om de scheepsroute van de Waddenzee naar Amsterdam te markeren. Iconisch zijn ook de foto's van de toren omringd door kruiend ijs. In 1971 duwden ijsschotsen het Paard zelfs een paar centimeter van zijn plaats.

De iconische vuurtoren stamt uit 1839
Getty Images

Sijtje Boes

Strikt genomen is Marken geen eiland meer. Sinds 1957 wordt het door een dijk met het vasteland verbonden. Hierdoor wisten steeds meer toeristen Marken te vinden, aangetrokken door de werven, de boten en de klederdracht. Toeristen waren er trouwens ook in de jaren 20 van de vorige eeuw al. Toen opende het eerste souvenirwinkeltje op het eiland, dat van de legendarische Sijtje Boes. Sijtje leeft al lang niet meer, maar het winkeltje met haar naam is nog altijd aan de haven te vinden.

Visserij en hooihandel

Waar op Marken je ook loopt, je ziet altijd de rode kap van de toren. Of je moet net even in een steegje tussen de huizen op een van de werven staan. Rozenwerf, Moeniswerf en Wittewerf heten drie van de verhogingen die de Markers maakten om daarop vervolgens hun woninkjes stijf tegen elkaar aan te bouwen. Het is alsof de houten huizen beschutting bij elkaar zochten tegen de wrede zee. Zo gek is dat niet, want die overstroomde het eiland met ijzeren regelmaat. En het kon weken duren voor het water na een overstroming weer weg was. Aan veeteelt en landbouw hoefden ze op het natte, zoute land niet te denken; de Markers verdienden hun boterham in de visserij en de hooihandel. Hooi van dat vochtige land was voedzaam, het werd voor goed geld verkocht aan boeren in de Vechtstreek.

de houten huisjes
Getty Images

De Zuiderzee moest dicht

Rampzalig was de stormvloed van 1916 waarbij zestien Markers de dood vonden en velen hun huis verloren. Het was ook het laatste zetje dat de regering nodig had om tot de afsluiting van de Zuiderzee te besluiten. Met de bouw van de Afsluitdijk kwam in 1932 een eind aan de overstromingen, maar ook aan de winstgevende hooihandel en Zuiderzeevisserij.

De Markerwaard kwam er niet, het bleef gewoon Markermeer

In de verte ligt Almere

De Zuiderzee is niet meer. Wie nu van de Rozenwerf naar het Paard loopt, heeft het Markermeer aan zijn rechterhand. Waar het water ophoudt, tekenen de contouren van de hoogbouw van Almere zich af. Ik sta even stil bij de ijsbrekers van de Rozenwerf, lange balken die schuin uit het water omhoogsteken. Wanneer zullen ze weer eens dienst mogen doen om het eiland vrij te houden van kruiend ijs? Ook zonder ijs zijn ze trouwens fotogeniek, zeker in combinatie met het blauwe water en de groene huizen achter het smalle dijkpaadje.

je ziet Almere
Getty Images

Langs de Bukdijk en terug

Het water vergezelt me met zijn rustgevende, monotone golfslag tegen de dijk. Ik merk opeens dat ik mijn voetstappen in een net zo rustgevende cadans op het klinkerpad zet. Ik loop, voel de wind, hoor de golven, en ik geniet. Ook omdat het Paard steeds dichterbij komt. Het plaatje wordt alleen maar mooier. Zo'n stoere toren die met slechts een dijkje aan het eiland vastzit en aan drie kanten door water wordt omringd – het spreekt tot de verbeelding.Ik loop langs Markens nieuwbouwwijk Minnebuurt en volg de onverharde Bukdijk naar het eind en weer terug. Als een pijl wijst deze 2 kilometer lange dam in de richting van Volendam. Al ver voor dit vissersdorp eindigt hij plompverloren in de golven. De dam was een eerste aanzet voor de westelijke dijk van de Markerwaard, die uiteindelijk nooit van de grond kwam. In 1941 werd met de bouw begonnen. Na de oorlog volgden jarenlange discussies over wel of niet inpolderen, tot het kabinet in 1986 definitief besloot dat het Markermeer geen Markerwaard zou worden. Wat rest is een met struikgewas begroeide dijk van nog geen 20 meter breed, in de zomer een broedplaats voor tientallen vogelsoorten. Dit is trouwens het hele jaar door een fijn wild wandelpad, zo van niets naar nergens.

Bijna tijd voor een terrasje

Voorbij de Bukdijk heet het water aan mijn rechterhand Gouwzee. Het water is niet anders dan dat van het Markermeer, het uitzicht is dat wel: het rode havenfront van Volendam. In de Havenbuurt - de enige buurtschap van het eiland die niet op een werf is gebouwd - kom ik in de verleiding. De terrasjes zijn perfect gesitueerd voor het weer van vandaag: uit de wind, in de prille voorjaarszon. Ik heb me echter voorgenomen om vandaag een eiland te ronden, dus stap ik door. Maar hoe je het op Marken ook wendt of keert, welk rondje je ook loopt, altijd kom je weer bij Kerkbuurt en Havenbuurt uit, samen het centrum van het eiland.

Een stoel vlak bij de haven

Als ik mijn rondje eiland heb voltooid, loop ik doelbewust naar de haven. Daar zag ik al een leuk terrasje, helemaal aan het eind. Ik kies een tafeltje bij Brasserie De Taanketel, vlak naast de afgemeerde schepen in de haven. De bloemen in de felblauwe potjes op de tafeltjes kondigen parmant de lente aan. Ik bestel koffie, sluit mijn ogen en warm mijn gezicht aan de zonnestralen.  

meisjesklompen
Getty Images

Handig om te wetenreizen 

Marken is te bereiken over de dijk die ten zuidoosten van Monnickendam begint.
•  Vanaf metrostation Amsterdam-Noord vertrekt twee keer per uur een bus van EBS naar Marken. Die rijdt in een half uur naar de centraal gelegen halte Walandweg. Meer info: 9292.nl.
•  Zolang weer en wind het toelaten, is Marken meerdere keren per dag te bereiken met de boot vanuit Volendam. markenexpress.nl
•  Het hele eiland rond is ongeveer 9 kilometer. Wie de Bukdijk tot aan het eind heen en terugloopt, moet er circa 4 kilometer bij optellen. Ook zonder markering is Marken prima te bewandelen, verdwalen gaat je niet lukken.
•  Bij de parkeerplaats en de bushalte beginnen verschillende gemarkeerde wandelroutes die je eenvoudig kunt combineren. Zie wandelnetwerk-noordholland.nl en zoek op ‘Marken’. De app Wandelnetwerk Noord-Holland is ideaal om er tijdens de wandeling bij te hebben.