Een waddeneiland is altijd fijn, ook in de winter. Op Terschelling lijkt dan het stille strand nog breder. Je kunt er op ontdekkings-tocht met de boswachter en de jutter. Of oesters rapen én eten, het eiland rondfietsen en wonderlijke musea bezoeken.
Drie kitesurfers scheren over de golven als we na zo’n twee uur varen de haven van West-Terschelling bereiken. Tussen het grijs verschijnt zowaar wat blauw in de lucht. Voor mijn eerste bezoek koos ik bewust voor de winter. Ik hou van eilanden en van afgelegen, lege plekken. Bovendien bevindt zich op Terschelling de donkerste plek van ons land: Dark Sky Park bij de Boschplaat.
In dit natuurreservaat aan de oostkant van het eiland is nauwelijks lichtvervuiling: ideaal voor een ‘sterrenjacht’. Remi Hougee neemt me ’s middags mee naar de Boschplaat. Hij is boswachter bij Staatsbosbeheer en daarom mag hij met zijn pick-up over het brede strand van de Boschplaat rijden. De bruingrijze zee heeft schuimkoppen en aan land staat het helmgras op de duinen strak in de wind. “Mijn vrouw zwemt elke dag in zee”, lacht Remi, terwijl ik mijn muts opzet.
We lopen een stuk over het natte strand, dat bij vloed onder water staat, voor we naar het Drenkelingenhuisje rijden. De leegte vormt een verrukkelijk contrast met het hectische Centraal Station van Amsterdam waar ik dezelfde ochtend vertrok.Het Drenkelingenhuisje stamt uit 1863. Het diende als noodopvang voor schipbreukelingen. Ze konden er dekens en proviand vinden en met een bel een reddingsboot waarschuwen. Dit ‘Húske op ’e Hoek’ is nu geliefd bij wandelaars en natuurliefhebbers vanwege het prachtige uitzicht. Als we doorrijden naar het meest oostelijke puntje van Terschelling, de Koffiebonenplaat, zien we de vuurtoren van Ameland al. Remi is 16 jaar geleden uit Brabant hierheen verhuisd. “Ik zie mezelf niet snel teruggaan”, zegt hij. Ik lach, want ik begrijp Remi wel.
Het landschap verandert
Ook Maarten Sjoers is ‘import’. De goedgeluimde Tukker haalt me de volgende ochtend samen met Vincent Kooijman van de Jutfabriek vroeg op voor een ecosafari. Het is fris, een plaid houdt mijn benen warm in zijn elektrische wagentje. “Kou is een emotie”, zegt Maarten, “die kun je uitschakelen.” Ik maak me meer zorgen om het dichte wolkendek dan de kou, want ik hoop vanavond sterren te zien. Terwijl we door de duinen rijden, vertelt hij over het veranderende landschap. Dat het natter wordt door het zoete kwelwater dat teruggebracht wordt in de natuur.
Over de vliegdennen, die ooit geplant zijn om hout te leveren voor het stutten van de mijnen in Limburg. Nu moet een deel gekapt worden omdat ze anders het landschap overwoekeren. Hij laat ‘plakken’ zien, grasland waarmee de stuifduinen werden ‘vastgezet’. Enthousiast vertelt hij over roofvogels als de roodpootvalk en de zeer zeldzame blauwe kiekendief, waarvan twee vrouwtjes op Terschelling zijn gespot. Dicht bij zee gaan Vincent en ik jutten en rotzooi opruimen. We vinden wattenstaafjes, peuken en stukjes visnet en het verbaast me hoe vaak je die vindt in het zand van de bodem van de Waddenzee. En hoe klein de stukjes plastic zijn die we ook vinden.
De ramp in 2019, toen de MSC Zoe 281 containers in zee verloor, laat nog altijd sporen na. Daar maakt Vincent in zijn Jutfabriek nu kledinghaken van. Of vogelhuisjes. Net zoals hij alles wat hij vindt een tweede leven geeft.
Chef Werner Zuurman staat aan het roer van de Oester Expres boot. Aan boord krijgen alle gasten lieslaarzen aan, die we als jarretels vastklikken aan onze broekriem. De stemming zit er al snel in. We passeren een zeehond op een zeebank en leggen aan bij een plateau op zee, zo groot als een voetbalveld. De oesterbank is als een tapijt met duizenden oesters, en we mogen er zoveel eten als we willen. Mooie exemplaren worden door Werner vakkundig geopend. Hij schenkt gekoelde prosecco, en nooit at ik zulke lekkere oesters. Terug aan wal laat hij ons in zijn bar De Oesterfabriek zes verschillende bereidingen proeven, zoals met whisky of kimchi. Als we aan het begin van de avond terugfietsen naar ons hotel in Lies, zit het wolken-dek nog potdicht.
De sterren houden we tegoed
De outdoor outfit van Dark Sky-gids Aart Kramer is nat en hij kijkt beden-kelijk. Goede weerberichten heeft hij niet, maar hij stelt voor om toch naar de Boschplaat te rijden. Eenmaal geparkeerd zwiepen de ruitenwissers en beslaan al snel de ramen. Aart vertelt over het effect van duisternis. Dat kunstlicht de hormoonhuishouding verstoort, hoe planten ’s nachts groeien en een grootoorvleermuis een hooiwagen kan horen wandelen over een blad voor hij hem opeet. Als de regen mindert, stappen we uit de auto en installeren de Skyview-app op onze telefoon. Op mijn beeldscherm zie ik de sterrenconstellaties die ik zo graag helder en in de hemel had willen zien. Het zaadje is geplant. Terschelling is een plek waar ik terug zal keren. Want die Melkweg móet ik met eigen ogen een keer zien.
4x Lekker eten op TerschellingOp het eiland wordt veel gewerkt met lokale producten als veenbessen (cranberries), zilte groenten, schapenkaas en mosselen. Dit zijn fijne eetplekken:
|
Ga vooral ook hier naartoe
Het Behouden Huys. Wie Terschelling echt wil leren kennen, duikt in de geschiedenis van het eiland. En gaat dus langs bij museum Het Behouden Huys in West-Terschelling, met wisselende exposities over de geschiedenis, cultuur en zeevaart. behouden-huys.nl
Wrakkenmuseum. Alles wat Hille van Dieren veertig jaar lang opdook uit scheepswrakken vormt nu de wondere wereld van dit ‘prettig gestoorde’ museum. Sommige rariteiten gaan terug tot 1650. Achter de boerderij ligt de piratentuin. Je kunt hier ook eten. wrakkenmuseum.nl
Boekenboer. Aukje Schol heeft een boerderij met 20.000 tweedehandsboeken. Leuk: de schrijfkamer van Cor Bruijn is nagebouwd met het originele bureau waaraan hij Sil de Strandjutter schreef. Het is een B&B, dus boek een overnachting voor jou en je nieuwe boek. boekenboer-terschelling.nl
Goed om te weten!
|