Oppasopa en oppasoma: een echte baan

Onderzoek wijst uit dat gastouders onvoldoende op de hoogte zijn van nieuwe regels. Lees hier de veranderingen in de Wet Kinderopvang 2010.

Deze week is bij veel gezinnen de brief van de Belastingdienst/Toeslagen op de deurmat gevallen. In deze brief staan onder meer de nieuwe regels voor gastouderopvang in 2010. De brief roept bij veel ouders en gastouders vragen op. Uit onderzoek van het gastouderbureau ViaViela blijkt dat meer dan de helft van de Nederlandse gastouders niet weet wat te doen om ook volgend jaar kinderen op te mogen vangen.

Oppasoma Stella: ”Voor de ouders is het heerlijk dat de kinderen bij een bekende worden opgevangen. Bij oma is het vertrouwd en nu wordt het ook nog eens een echte baan. Ik ben niet bang voor het diploma. We hebben zoveel ervaring en kennis opgebouwd.”

Veranderingen binnen de Wet Kinderopvang in 2010

Vanaf 1 januari 2010 wordt de oppassubsidie alleen uitbetaald als zowel de gastouder als het gastouderbureau voor het einde van dat jaar staan ingeschreven in het Landelijk Register Kinderopvang. Om in dit register te komen moeten gastouders kunnen aantonen dat zij door opleiding of ervaring voldoende in staan zijn om kinderen op te vangen. Voor de oppasopa’s en -oma’s zijn dit geen ingrijpende veranderingen. Een groot deel van hen voldoet door jarenlange leef- en opvoedervaring al aan deze eisen.

Vereist is wel dat een EHBO-diploma behaald wordt. Op het financieel vlak gaat de uurvergoeding omlaag naar € 5,00 per uur. Daarnaast worden er strengere eisen aan het oppasadres en ook aan de gastouders gesteld. Hieronder de eisen op een rij.

Eisen aan oppasadres

Het huis waar de kinderen worden opgevangen moet aan de volgende eisen voldoen:

  • Er moet een aparte slaapruimte aanwezig zijn voor kinderen jonger dan 1,5 jaar.
  • De brandveiligheid moet worden gewaarborgd door aanwezigheid van rookmelders.
  • Ouders en gastouders mogen niet op hetzelfde adres staan ingeschreven.
  • Gastouders mogen maar op één locatie kinderen opvangen: bij de gastouders thuis of bij een oppasgezin.
  • Samen met het gastouderbureau moet een risico-analyse veiligheid en gezondheid worden opgesteld. Dit houdt in dat de opvanglocatie wordt gecontroleerd en geëvalueerd op kindvriendelijkheid.
  • Er wordt een maximum gesteld aan het aantal op te vangen kinderen: dit is afhankelijk van de leeftijd van de kinderen. 
  • Er moet een achterwacht zijn: als de gastouder alleen past op vier of meer kinderen, is het verplicht om een ‘reserveoppas’ te regelen in geval van nood.
  • Bezoek van GGD: de GGD houdt toezicht op de kwaliteit van de gastouderopvang en komt bij de gastouder langs.

Eisen aan gastouder

De gastouder moet aan de volgende eisen voldoen:

  • In bezit zijn van Verklaring Omtrent het Gedrag (VOG).
  • De gastouder moet blijven bijleren en handelen naar pedagogisch beleidsplan. 
  • Werken met een protocol kindermishandeling. 
  • In bezit zijn van een ervaringsdiploma of diploma van een erkende opleiding. 
  • Certificaat Eerste Hulp aan kinderen van het Oranje Kruis. 
  • Nederlands spreken. 
  • Minimaal 18 jaar zijn of ouder. 
  • Vanaf september 2010 opgenomen zijn in het landelijk register gastouderopvang.
Auteur 
Bron 
  • www.viaviela.nl