Eén op de tien 50-plussers financieel uitgebuit

Een kennis of een verzorger die geld wegneemt: het komt voor bij 10 procent van de ouderen, blijkt uit een enquête onder 1032 Pluslezers. Soms eenmalig, maar in ruim 40 procent van de gevallen langer dan een jaar. Opmerkelijke resultaten én tips om u te weren tegen financiële uitbuiting.

Over de omvang van financiële uitbuiting van ouderen bestond veel onduidelijkheid. Dat het gebeurt, staat vast. Maar hoe vaak, door wie en om welke bedragen het gaat, bleef een wat schimmig gebied. Het Sociaal Cultureel Planbureau zette eerder dit jaar de bestaande onderzoeken naar alle vormen van ouderenmishandeling op een rij en kwam tot de conclusie dat het laatste grootschalige onderzoek twintig jaar oud is.

In schattingen werd tot nu toe uitgegaan van zo’n 20.000 tot 40.000 gevallen van financiële uitbuiting per jaar. De bestrijding hiervan staat ‘hoog op de politieke agenda’; zo kondigde staatssecretaris Martin van Rijn (VWS) eerder dit jaar de campagne ‘Veilig financieel ouder worden’ aan. Dat er meer aandacht komt voor financiële uitbuiting is terecht, zo blijkt uit ons onderzoek. Het blijkt namelijk veel vaker voor te komen dan men dacht.

Tegen hun wil
Bij 10 procent heeft een bekende weleens tegen de wil van de ondervraagde geprofiteerd van diens bezit, iets afgepakt, zomaar geld overgemaakt, spullen gestolen of iets dergelijks. 6 procent van de ondervraagden heeft dat niet aan den lijve ondervonden, maar kent wel een gedupeerde. Wanneer we dit vertalen naar het aantal 65-plussers (ruim 3 miljoen, van wie ruim 700.000 80-plussers), dan zou er sprake zijn van veel meer slachtoffers dan tot nu toe werd aangenomen.

Beroepskrachten
De grootste boosdoeners zijn de ex-partners. Althans, zo worden ze gezien. Want er is dan niet altijd sprake van ‘uitbuiting’, al wordt dat wel zo ervaren. Veel vaker lijkt dat te gaan om ‘oud zeer’ over te veel alimentatie moeten betalen of juist te weinig krijgen en gesteggel over de verdeling van het pensioen. Verontrustender zijn de beroepskrachten op de tweede plaats. In bijna één op de vijf gevallen is de dader een professional. Zorgverleners die betrapt worden op financiële uitbuiting kunnen na hun ontslag meestal elders zonder problemen weer aan de slag.[[image file="2015-09/stelen_2.jpg" align="right" ]] Er gaan nu stemmen op om ook voor zorgmedewerkers een Verklaring Omtrent Gedrag (VOG) verplicht te stellen, maar zover is het nog niet. In Rotterdam ligt bovendien een initiatiefvoorstel om een ‘waarschuwingsregister’ op te stellen van professionals die zich schuldig hebben gemaakt aan uitbuiting. Naast de professionals bestaan de daders uit familie, vrienden en kennissen. Opvallend: zoons slaan vaker toe (11 procent ) dan dochters (2 procent).

Langdurige uitbuiting
In de meeste gevallen van uitbuiting wordt er contant geld gestolen, gevolgd door spullen. Maar ook machtigingen worden misbruikt. De uitbuiting lijkt óf eenmalig te zijn óf lang te duren. In de helft van de gevallen is het na één keer afgelopen, bij 41 procent van de gedupeerden duurt de uitbuiting langer dan een jaar. Soms is de waarde van hetgeen gestolen wordt niet in geld uit te drukken: het gaat dan meer om de emotionele waarde. Vaak is de schade aanzienlijk: in 41 procent van de gevallen meer dan €5000, met enkele uitschieters (4 procent) naar meer dan €100.000.  

Slachtoffers herkennen
Financiële uitbuiting is moeilijk aan te pakken. Ten eerste omdat de slachtoffers een band hebben met de daders en van hen afhankelijk zijn. Bijvoorbeeld voor zorg. Dus al worden de daders betrapt, dan nog is het voor de slachtoffers vaak moeilijk de confrontatie aan te gaan. Sommige slachtoffers zijn zich bovendien niet meer helemaal bewust van hetgeen hun wordt aangedaan. Daarnaast kunnen gevoelens van schaamte er juist voor zorgen dat iemand zich meer en meer terugtrekt. Al deze factoren maken de rol van de omgeving des te belangrijker. Maar hoe weet je of iemand wordt uitgebuit? Ouderenbond Anbo heeft de belangrijkste signalen van finan­ciële uitbuiting op een rij gezet:

  • Betaalachterstanden; brieven van incassobureaus etc.
  • Geldgebrek.
  • Extreme voorzichtigheid met het geven van informatie over financiële situatie.
  • Plotseling verdwijnen van geld en/of goederen.
  • Onverklaarbare geldopnames.
  • ‘Dubieuze’ testament­wijzigingen.

Maak het bespreekbaar
Hebt u een vermoeden van uitbuiting? Probeer het dan in elk geval bespreekbaar te maken. Daarna kunt u maatregelen treffen. Soms is dat eenvoudig door contact op te nemen met de bank. De Rabobank biedt bijvoorbeeld ‘samen bankieren’, zodat u afspraken kunt maken over maximaal op te nemen bedragen en mee kunt (laten) kijken naar afschrijvingen. Is een zorgverlener de dader? Schakel dan de directie in. Als er sprake is van strafbare feiten, kunt u natuurlijk ook aangifte doen bij de politie. Voor het terugvorderen van geld of spullen kunt u naar de rechter stappen, al is dat vaak niet zo eenvoudig.

Ten eerste geldt ook dan de regel: wie eist, bewijst. Dus u moet aan kunnen tonen wie de rechtmatige eigenaar is. Bovendien is het vaak de vraag of de goederen en/of het geld er nog zijn. Overweegt u een gang naar de rechter, laat u dan eerst goed informeren over uw kansen. U kunt ook een melding doen en meer informatie inwinnen bij het meldpunt ‘Veilig Thuis’ ­(T 0800-2000, gratis). Deze nieuwe organisatie is onder meer ontstaan uit de voormalige steunpunten Huiselijk Geweld, maar nog niet erg bekend. Bijna twee van de drie ondervraagden hebben niet geoord van het meldpunt Veilig Thuis.

Wat u zelf kunt doen
Financiële uitbuiting achteraf aanpakken kan lastig zijn, maar u kunt wel veel regelen om het te voorkomen. Ten eerste door na denken over de eigen wensen. Wat wilt u dat er met uw geld en bezittingen gebeurt? Dat wordt soms vastgelegd in een testament voor na het overlijden, maar niet voor het moment dat iemand niet of onvoldoende in staat is zelf beslissingen te nemen, bijvoorbeeld in geval van ziekte of ongeval. Uw wensen voor die situatie – of dat nu tijdelijk is of niet – kunt u op verschillende manieren laten regelen, bijvoorbeeld in een bankmachtiging. Informeer naar de mogelijkheden bij uw eigen bank, want de voorwaarden kunnen verschillen.

Levenstestament
U kunt ook kiezen voor beperkte volmacht of juist een zeer uitgebreide, zoals een levenstestament. Daarin kunt u voor tal van zaken laten vastleggen wie er onder welke voorwaarden namens u mag handelen: de zogeheten toezichthouder(s). Een notaris kan u daar meer over vertellen. Overweegt u een levenstestament op te laten stellen? Vraag dan bij meerdere partijen een offerte aan. De prijzen kunnen sterk ­verschillen. Daarnaast kunt u ervoor zorgen dat er altijd meerdere personen moeten zijn die zich met uw financiën bemoeien, zodat ze elkaar controleren. Laat anderen meekijken; ook hier kunt u met de bank vaak afspraken over ­maken. Niet meer in staat om deze zaken nog zelf te regelen? Dan kunnen anderen daarvoor een maatregel aanvragen bij de rechter met het verzoek benoemd te worden tot:

  • mentor, voor persoonlijke niet-financiële zaken (denk daarbij ook aan medische beslissingen);
  • bewindvoerder, voor finan­ciële zaken; of
  • curator, voor beide.

Wilt u juist voorkomen dat zoiets mogelijk is of bepaalde mensen uitsluiten van deze taak, dan kunt u een volmacht of levenstestament laten opstellen. De rechter zal deze wensen dan meenemen in zijn oordeel.

1 Reactie

Door eni (niet gecontroleerd) op vr, 3-2-2017 - 17:38

ik werk bij een oudere man 96jr. die steeds maar weer vertelt over zijn zoon die veel electr.gereedschap van hem leent maar het nooit terug geeft waarna hij via via hoort dat de zoon het vervolgens op marktplaats verkoopt voor geld,dat is dus ook zoiets.
of hij zegt dat hij het niet terug kan geven omdat het stuk gegaan is en dan zijn vader maar een nieuwe laat betalen.