Napoleons wapengekletter keert terug

Deze maand is het 200 jaar geleden dat Napoleon met zijn leger door Wallonië naar Waterloo trok. Flip van Doorn volgt de Route Napoléon en merkt hoe tastbaar de geschiedenis is.

Wanneer ik ergens heb geslapen, zal niemand een bordje bij de deur hangen waarop staat dat ik daar heb overnacht. En dat zal voor veruit de meeste mensen opgaan. Voor een enkeling gelden andere regels. Zo vermeldt een plaquette aan de gevel van een stadspaleis in het Waalse plaatsje Beaumont dat keizer Napoleon I er de nacht van 14 op 15 juni 1815 doorbracht. En het is niet de enige plaquette in zijn soort. Door heel Europa zijn op huizen, boerderijen en kastelen bordjes geschroefd die melden dat Napoleon er overnachtte. Vaak was zelfs het simpele feit dat l’empereur ergens passeerde al aanleiding voor een gedenkteken. Dat maakt het makkelijk zijn spoor te volgen, bijvoorbeeld op weg naar de laatste, beslissende veldslag in zijn keizerlijke loopbaan. De ‘Route Napoléon’ voert van de Franse grens via Charleroi naar het roemruchte ­slagveld bij het dorpje Waterloo, even ten zuiden van Brussel. En dat spoor van de keizer door de Zuidelijke Nederlanden van toen is nog warm. 

Eerste levensbehoeften

Het zijn drukke tijden voor oorlogstoeristen. Een eeuw verstreek sinds de Eerste Wereldoorlog woedde en overal langs de fronten vinden de bijbehorende herdenkingen plaats. Tegelijkertijd is het op 18 juni 2015 op de kop af 200 jaar geleden dat bij Waterloo de slag werd uitgevochten die definitief een einde maakte aan de macht van Napoleon. In de opmaat naar dat allesbeslissende gevecht trok hij vanaf de Franse grens noordwaarts, won en passant zijn laatste veldslag, en worstelde met verschillende lichamelijke ongemakken, waaronder aambeien. De bordjes en plaquettes langs de route doen soms vermoeden dat de keizer alleen reisde, maar niets is minder waar. Zijn persoonlijke hofhouding bestond uit honderden mensen plus een reisbibliotheek, archieven, keizerlijk zilver en porselein en meer ‘eerste levensbehoeften’. Van de vierhonderd paarden van het gezelschap waren er veertig gereserveerd voor de keizer zelf. En dan zijn troepen: alsof alle inwoners van Zwolle zich tegelijkertijd verplaatsten. 120.000 militairen vergezelden hem op zijn tocht naar het noorden, met hun paarden, kanonnen, karren. En ze hadden haast. Vrijwel alle buurlanden van Frankrijk hadden zich verenigd in een coalitie die moest voorkomen dat Napoleon opnieuw over Europa zou gaan heersen. Wilde hij zich tegen die overmacht staande houden, dan zou hij moeten voorkomen dat de Pruisische troepen zich bij het gezamenlijke leger van Britten en Nederlanders zouden voegen.

De kleine jongen en de keizer

Het laatste dorp aan de Franse kant van de grens heet Hestrud. Aan het riviertje de Thure vind ik een stenen zuil met weer een bronzen ­plaquette. Op die plek zou een ­jongetje ­Napoleon hebben afgeraden verder te gaan. De wetenschap wat er daarna gebeurde, maakt het monument aandoenlijk. Ik zie ze voor me: het paard dat z’n dorst lest, de keizer en het jongetje keuvelend aan de oever. Totdat Napoleon zijn paard de sporen geeft en zijn ondergang tegemoet rijdt. Dat is precies wat deze route zo mooi maakt: de kleine anekdotes, de voetnoten bij de geschiedenis.

Strategische vergezichten

Deze Route Napoléon is een reisdoel op zich, maar ook heel geschikt voor wie op de terugreis vanuit Frankrijk nog een paar dagen de tijd heeft. Een autoroute, want het leger van Napoleon trok langs de weinige verharde wegen van die tijd. Inmiddels zijn het doorgaande verkeerswegen. Fietsen langs de hoofdroute valt niet aan te bevelen. Gelukkig is het wel mogelijk uitstapjes te maken over de vrijliggende fietspaden van de RaVel. Zo voerde een divisie onder leiding van Jérôme Bonaparte, de broer van de keizer, strijd met de Pruisen bij het vestingstadje Thuin. De vergezichten over het dal van de Sambre zijn nu uit toeristisch oogpunt interessant toen waren ze vooral van strategisch belang. Vanuit Thuin kun je langs de Sambre naar de ruïne van de Abbaye de l’Aulne fietsen, om bij Gozée de hoofdroute weer op te pikken.

Met duizenden tegelijk

Even ten noorden van Charleroi won Napoleon zijn laatste veldslag. Ik heb geluk. Bij het Musée de la Bataille de Ligny tref ik de Keizerlijke Garde. De mannen hebben een bivak opgeslagen en zijn druk aan het oefenen voor een historische reconstructie van de veldslag, die op 16 juni 2015 zal worden gehouden. “Aansluitend trekken we te voet verder naar Waterloo voor de grote herdenking daar,” vertelt Michel Jaques. In het dagelijks leven is hij officier in het Belgische leger, in zijn vrije tijd trekt hij geregeld zijn Franse uniform aan om historische scènes na te spelen. Benoît Histace, de beheerder van het museum, schuift bij ons aan. Ook hij draagt het blauwe tenue van de Garde impériale, de elitetroepen van de keizer. Benoît is trots op de plek die zijn dorp in de geschiedenis inneemt. “De naam van Ligny staat als laatste in het rijtje grote overwinningen van Napoleon in de Arc de Triomphe gegraveerd. Maar die slag heeft hier grote gevolgen gehad. Het was zomer, de complete oogst ging verloren, het dorp lag in puin. Het heeft vijf jaar geduurd voor het leven weer zijn normale loop nam.” Benoît heeft een landbouwbedrijf, hij bewerkt de velden rondom het dorp. “Nog steeds stuit ik op kogels, knopen en andere overblijfselen van de slag. Topstuk van ons museum is een musket dat we in de beek vonden, nog bijna helemaal intact. De geschiedenis is hier zo tastbaar, die wil ik delen.” Ik kijk toe hoe een groepje militairen exerceert, op bevel van Benoît de musketten laadt en afvuurt, en probeer me voor te stellen hoe het moet zijn als ze met meer dan duizend tegelijk zo op me af zouden komen.

Slagveld vol papiertjes

Dat is misschien wel wat me het meest raakt: de massaliteit. In het bezoekerscentrum bij het slagveld van Waterloo geven films een indruk van de omvang van de gevechten. Ook het naastgelegen panorama, een enorm cilindervormig schilderij, beeldt de slag in al zijn hevigheid uit. Schouder aan schouder trokken hele regimenten tegen elkaar ten strijde. Een mist van kruitdampen hing over de velden, kanonnen bulderden, schoten weerklonken. Behalve de 73.000 Franse en 67.000 geallieerde militairen namen ook tienduizenden paarden van de cavaleristen deel aan de strijd. “Na afloop bleven meer dan 40.000 doden en gewonden achter op het slagveld.” Gids Isabelle Baeker laat een korte stilte vallen. “En weet je wat misschien wel het merkwaardigst was? Het leek of het had gesneeuwd, midden in de zomer. De infanteristen hadden papieren zakjes bij zich met kruit en kogels. Die scheurden ze met hun tanden open, ze laadden hun musketten en gooiden het papier weg. Het slagveld lag bezaaid met witte papiertjes.”

Europa zonder wapengekletter

We staan bij de Butte du Lion, de enorme heuvel die koning Willem I liet verrijzen na de overwinning op Napoleon. Isabelle Baeker heeft een mooie overpeinzing: “Eigenlijk heeft Napoleon met geweld geprobeerd een verenigd Europa te stichten. Laten we hopen dat de landen die nu samen aan Europa bouwen, dat zonder wapengekletter zullen blijven doen.” Onder de indruk van alles wat ik heb gezien, loop ik terug naar het bezoekerscentrum. Ik zou een bordje kunnen maken waarop staat dat ik hier vandaag geweest ben, maar ik denk niet dat iemand het zou ophangen. Alleen voor een enkeling gelden andere regels.

200 jaar Waterloo

Route Napoléon
Een gemarkeerde autoroute, ‘Route Napoléon en Wallonie’, volgt de 94 km die Napoleon en zijn leger in juni 1815 aflegden. Er zijn een Michelingids en kaart bij verkrijgbaar (www.routenapoleoninbelgie.nl). ‘Pass 1815’ geeft in Waterloo en bij het slagveld toegang tot de belangrijkste musea (www.waterloo-tourisme.be).

De slag meemaken?
Een spectaculaire reconstructie van de Slag bij Waterloo, met 5000 figuranten, vormt het hoogtepunt van de herdenking: 18 t/m 21 juni 2015 (www.waterloo2015.org). Op 16 juni wordt ook de Slag bij Ligny nagespeeld (www.ligny1815.org).

Waterloodag
Tot 1940 vierde Nederland Waterloo-dag. De dag van Napoleons definitieve nederlaag, 18 juni, gold als nationale feestdag. In de loop van de jaren nam het belang van de herdenking af. Na WO II nam Bevrijdingsdag de rol van Waterloodag over.

Lees meer over de Napoleonroute en de Belgische Ardennen op www.plusonline.nl/napoleonroute

Bron(nen):