Zo voorkom je financiële uitbuiting

Je geeft je portemonnee aan een nichtje dat boodschappen voor je doet, maar ongemerkt sijpelt veel meer geld weg. Financiële uitbuiting kan iedereen overkomen die afhankelijk is van hulp of verzorgers. Hoe herken je het en wat kun je ertegen doen?

Zo voorkom je financiële uitbuiting

Misbruik van vertrouwen is helaas heel eenvoudig, is de ervaring van Judith Cok, directievoorzitter van Rabobank Hollandse IJssel. Ze krijgt dagelijks signalen van uitbuiting van met name ouderen. “Iemand geeft bijvoorbeeld een betaalpas aan een goede kennis of familielid om €100 te halen. Maar diegene pint €200 en steekt €100 in eigen zak. Als dit maar vaak genoeg gebeurt, is de rekening op een gegeven moment leeg. Vaak komt het dan pas aan het licht, omdat de automatische incasso van allerlei vaste lasten niet meer functioneert. Wanneer het slachtoffer dan betalingsherinneringen ontvangt en ons verbaasd opbelt, gaan de alarmbellen rinkelen.’’

Niet pluis-gevoel

Hoeveel mensen financieel uitgebuit worden, is onbekend. Maar volgens Betaalvereniging Nederland krijgt één op de twintig ouderen te maken met een vorm van mishandeling, inclusief financieel misbruik. Ouderenbond Anbo schat het aantal slachtoffers op honderdduizenden. Opvallend: volgens de politie is in verreweg de meeste gevallen (85 procent) de dader een bekende of familie van het slachtoffer.

Voorkomen dat ongemerkt (veel) geld wordt weggesluisd van je bankrekening, begint met het signaleren ervan. Veel mensen denken dat bankmedewerkers vrijuit kunnen kijken naar de saldi van hun rekeninghouders en zodoende een oogje in het zeil kunnen houden. Maar dat is niet zo. De privacywetgeving verbiedt dit, aldus Mariëlle Lichtenberg, directeur particuliere klanten en lid van de groepsdirectie van Rabobank. “Naar het saldo kijken mag alleen als er aanleiding toe is. Een plotseling lege bankrekening is zo’n aanleiding. Maar er zijn ook twijfelgevallen. Soms voelt een medewerker dat er iets niet klopt, maar is er geen bewijs. In die gevallen beslist de compliance officer van onze lokale kantoren. Deze kan dan eventueel toestemming geven. We willen kwetsbare mensen daarbij helpen.”

In de praktijk is het voorkómen van misbruik niet eenvoudig. Judith Cok van de Rabobank: “Wij maken geregeld mee dat een klant samen met iemand anders naar ons kantoor komt om een bancaire machtiging te regelen. Meestal is die machtiging dan voor een jongere, die daarmee de bankzaken van moeder, tante of oudere vriend kan gaan overnemen. Als die twee dan ongemakkelijk doen, of we horen de jongere bijvoorbeeld een paar keer zeggen: ‘Dat wil je toch, hè tante?’, terwijl die tante daar niet erg enthousiast op reageert, moeten we aanvoelen dat er misschien iets niet klopt. Dan vragen we of ze de volgende dag willen terugkomen, zodat we eerst wat onderzoek kunnen doen. Maar wij zijn natuurlijk geen politie, huisarts of notaris.”

Zwijgen uit schaamte

Ook de huisarts kan een belangrijke rol spelen bij het signaleren van misbruik. Edmée Breure, praktijkondersteuner van een huisarts in Zoetermeer, schudt de voorbeelden van oplichting van ouderen uit haar mouw. Hoe opdringerige zorgmedewerkers zichzelf in het testament van hun klant praten. Hoe mantelzorgers de auto van een zieke buurman inpikken (“Als we de auto nou op mijn naam zetten, zorg ik voor het onderhoud en maken we een keer in de week een ritje.”). Of hoe de huishoudelijke hulp een slechtziende dame overhaalt om via internet te gaan bankieren en vervolgens duizenden euro’s overmaakt naar haar eigen rekening. Alleen al in haar eigen wijk ontdekte Breure vorig jaar 26 gevallen van ernstige financiële uitbuiting.

Vaak zijn slachtoffers afhankelijk van de dader(s) en zwijgen ze uit schaamte, of omdat ze het gevoel hebben niet anders te kunnen. De familie ontdekt de uitbuiting vaak pas na een overlijden. Misbruik op tijd signaleren en ingrijpen is daarom extra belangrijk.

Aangifte doen

Wat kan de politie betekenen als vermoedelijk financiële uitbuiting plaatsvindt? Een onderzoek starten naar de dader kan niet zomaar. Daar is eerst een formele klacht in de vorm van een aangifte voor nodig. Dit moet binnen drie maanden na het vaststellen van de overtreding. De aangifte moet worden gedaan door het slachtoffer of door een gemachtigde. Hij of zij kan dan op grond van artikel 163 van het Wetboek van Strafvordering naar de politie, die daarna een onderzoek start. Soms is het de vraag of het gedrag strafbaar is. En te bewijzen. Bijvoorbeeld als het slachtoffer de pinpas afgeeft aan een vertrouweling, die daarmee dingen doet die niet de bedoeling zijn. Het gaat dan om het verschil tussen (zeer) laakbaar gedrag en strafbaarheid.

Informatie delen

Veel partijen zijn doordrongen van de omvang en ernst van het probleem. Steeds vaker werken de zorg, de politie en het notariaat daarom samen in lokale ‘Allianties Financieel Veilig Ouder Worden’. Het doel is zo veel mogelijk informatie te delen, meer bewustwording te creëren en uitbuiting te voorkomen.

Fiscaal juriste Nickey Smelt is een van de initiatiefnemers van de Allianties, die door heel Nederland worden gevormd. Met haar bedrijf Executeursdiensten.nl adviseert ze mensen met hun (levens)testament of met de afwikkeling van een nalatenschap. Die ervaring neemt ze mee naar de Allianties. Smelt: “Ik leer professionals hoe ze signalen kunnen herkennen dat iemand geplunderd wordt. Zo mag je het noemen, vind ik. Het gebeurt aan de lopende band dat ouderen worden ‘leeggetrokken’. Ik herinner me het verhaal van twee zorgverleners die een oudere weduwnaar met alle middelen paaiden. Ze stuurden hem, zo bleek later, 12.000 appjes en werkten zich ieder voor 3,5 ton in zijn testament. Dat gebéurt gewoon. Niet alleen door buitenstaanders, maar vooral door de eigen kinderen, neefjes of verdere familie, die makkelijk toegang hebben tot een slachtoffer.” Ze onderschrijft de visie dat veel ouderen niet stilstaan bij hun financiële toekomst. Eenzaamheid, fysieke afhankelijkheid, mentale achteruitgang en verdriet zijn risicofactoren voor misbruik. Het begint vaak met paaien van het slachtoffer, dan indoctrineren, vervolgens isoleren (van de rest van de familie of naasten) en dan kaalplukken.

Vastleggen wat je wil

Belangrijk wapen tegen financiële uitbuiting is preventie (zie kader: Zo maak je het oplichters moeilijk). Soms is leed te voorkomen met een levenstestament. Daarin leg je vast wat je wensen zijn op het moment dat je daar zelf niet meer over kunt beslissen, en wie er wél beslissingen kan nemen. De notaris kan helpen bij het opstellen van een levenstestament. Aan de hand van een ‘Stappenplan beoordeling wilsbekwaamheid’ toetst de notaris of degene die tegenover hem of haar zit, in staat is zelfstandig beslissingen te nemen. Bij twijfel zal de notaris niet zomaar een levenstestament opstellen. De kosten (enkele honderden euro’s) zijn afhankelijk van de persoonlijke situatie. Prijzen verschillen per kantoor. Meerdere offertes vragen kan daarom lonen. ▪

  • Geef nooit je pinpas af voor boodschappen.
  • Doet iemand anders boodschappen voor je en heeft diegene toch een pinpas nodig? Open bij de bank een extra rekening en stort daar maandelijks een vast bedrag op voor de boodschappen, bijvoorbeeld €250. Dit bedrag kan ook via automatische incasso worden overgemaakt. De extra rekening heeft een eigen pasje. Aan het pasnummer is achteraf makkelijk te zien hoeveel geld de boodschaphulp gepind of afgerekend heeft. Desgewenst kan de bank dit ook zien.
  • Sluit je aan bij clubjes. De huisarts of wijkverpleger weet wel waar je moet zijn. Wie meer mensen kent, is minder afhankelijk van die ene opdringerige hulpverlener met veel mooie praatjes.
  • Herken de oplichter. Het begint met paaien, indoctrineren, vervolgens isoleren van de rest van de familie, en dan kaalplukken.
  • Durf te praten.

Signalen van misbruik

  • Plotselinge of onverklaarbare geldopnames bij de bank.
  • Onverklaarbaar tekort aan geld.
  • Het ontstaan van schulden.
  • Huurachterstand.
  • Grote belangstelling voor geld
  • of bezittingen van de oudere.
  • Waardevolle spullen verdwijnen.
  • Het weigeren van informatie over de financiële situatie.