Bloed is dé graadmeter van je gezondheid
Bij vage klachten is bloedonderzoek meestal de eerste stap om te achterhalen wat er aan de hand is. Bloed pikt namelijk in het hele lichaam signalen op en is daardoor een ideale klikspaan.
Als je ergens bloed ziet, is dat meestal een slecht teken. Maar zonder die rode vloeistof ben je pas echt in de aap gelogeerd. Gemiddeld stroomt er vijf liter door een volwassen lichaam. Het circuleert in een uur ongeveer zestig keer door de aderen en voorziet op die manier alle organen van zuurstof en voeding, voert afvalstoffen af en houdt de hersenen in leven.
“Zonder bloed zijn je hersenen niet meer dan een vettige blubber”, zegt de Belgische professor Marc Boogaerts, autoriteit op het gebied van hematologie en stamcelonderzoek. “Je hart zou een pomp zijn die het niet meer doet. Je nieren worden een filter die is opgedroogd. Zonder bloed kunnen je zintuigen eenvoudigweg niet functioneren, het licht in je ogen zou letterlijk doven.”
Er is bloed nodig om te denken, zien en bewegen. Maar bloed is ook een spiegel van wat er in het lichaam gebeurt. “Het is een levend weefsel dat in elke uithoek van je lichaam komt. Het pikt op alle mogelijke plekken signalen op. Heb je een infectie aan je duim, dan merkt je bloed dat en maakt afweerstoffen. Is je lever overbelast, dan stijgen bepaalde enzymen in je bloed. Bloed vertelt hoe het is gesteld met je afweer, hormonen en nierfunctie. Veel kankers laten kleine stukjes DNA los in het bloed. Met de juiste tests kun je die detecteren nog voordat er sprake is van klachten.”
Bloed vertelt precies hoe het is gesteld met je afweer, hormonen en nierfunctie
'Uit één druppel bloed is van alles op te maken'
Bloed is een doorlopend rapport van je gezondheid dat elke seconde wordt bijgewerkt. Eén blik op de samenstelling kan artsen vertellen of je ziek bent, herstellend of kerngezond. “Dat begint al op jonge leeftijd, met de hielprik bij pasgeborenen”, aldus Boogaerts. “Aan het bloed is te zien of er sprake is van bijvoorbeeld virussen of afwijkingen. Dat zou misschien ook wel op een andere manier kunnen, maar het grote voordeel van bloedonderzoek is dat het allesomvattend en toegankelijk is. Als een hartspecialist een hart van dichtbij wil bekijken, is dat een hele opgave. Een bot in je arm of been aan een onderzoek onderwerpen, is ook ingewikkeld. Maar niemand schrikt als er een buisje bloed moet worden afgenomen. Dat is zo gepiept.”
De routine bij bloed afnemen is altijd hetzelfde. Er wordt een elastische band om je arm gedaan, waarna je een vuist maakt zodat de aderen beter zichtbaar worden. Vervolgens wordt een geschikte ader aangeprikt, wat in het gunstigste geval meteen goed gaat. Dan loopt het bloed in het buisje dat op de holle naald wordt aangesloten. Binnen een paar tellen is het klaar.
“Uit één druppel is van alles op te maken”, vertelt Boogaerts, die al zijn hele leven gefascineerd is door bloed. “Een tekort aan bloedplaatjes, een teveel aan witte bloedcellen, iets met het plasma… In vroeger tijden speelde bloed al een pioniersrol in de wetenschap. Die rol is nog niet uitgespeeld. Hij wordt eigenlijk alleen maar groter.”
Plasma en rode bloedcellen
Wanneer bloed wordt onderzocht, kijkt de arts naar de verschillende onderdelen. Meer dan de helft, zo’n 55 procent, is plasma, een lichtgele vloeistof die vooral bestaat uit water met daarin eiwitten, zouten, hormonen en voedingsstoffen. Boogaerts: “Plasma houdt het bloed in beweging. De bloedcellen, de andere 45 procent, drijven hierin en komen dankzij het plasma overal waar ze nodig zijn. Plasma heeft een belangrijke rol als het gaat om het vervoer van stoffen, de stolling van bloed en het constant houden van de situatie in het lichaam. Het vertelt veel over stofwisseling en vochtbalans. Zit er te weinig eiwit in het plasma, dan kan dat wijzen op ondervoeding of leverproblemen. Te veel vetten? Dan loopt het cholesterol op.”
De volgende laag waar artsen naar kijken, zijn de rode bloedcellen. “Dit zijn de harde werkers van het stel. Ze vervoeren als een soort vrachtwagentjes zuurstof uit de longen naar de rest van het lichaam en nemen koolstofdioxide mee terug. Dat doen ze met behulp van hemoglobine, een ijzerhoudend eiwit dat de rode bloedlichaampjes hun rode kleur geeft en waaraan het zuurstof bindt. Zonder ijzer geen hemoglobine, zonder hemoglobine geen zuurstoftransport. Een tekort aan rode bloedcellen leidt tot bloedarmoede. Zou je geen rode bloedlichaampjes hebben, dan krijg je geen zuurstof meer en kun je niet leven.”
Witte bloedcellen
Daarna komen de witte bloedcellen in beeld, de poortwachters van het immuunsysteem. Ze ruimen beschadigde cellen op en beschermen het lichaam tegen indringers zoals bacteriën, virussen en schimmels. “Witte bloedcellen trekken voortdurend door het bloed, op zoek naar indringers. Zodra ze iets verdachts vinden, vallen ze aan of geven een alarmsignaal zodat andere cellen komen helpen. Er bestaan twee soorten witte bloedcellen. De ene soort valt direct aan om korte metten te maken met de vijand. De andere soort onthoudt wie de aanvaller is, waardoor het lichaam bij een volgende infectie sneller reageert. In een laboratorium wordt niet alleen gekeken naar de hoeveelheid witte bloedcellen, maar ook naar de verdeling tussen beide soorten.”
Elke minuut worden er 350 miljoen bloedcellen gemaakt door stamcellen in het beenmerg van de ribben, de wervels, het borstbeen en het bekken. Terwijl er per liter bloed maar liefst 5000 miljard rode bloedcellen rondzwemmen, zitten er van de witte bloedcellen ‘slechts’ 5 miljoen in elke liter. Die zijn wel heel hard nodig, want zonder witte bloedcellen zouden we van elke bacterie ziek worden.
“De kleinste groep bestaat uit bloedplaatjes, maar ook die zijn essentieel. Bloedplaatjes die bij een wond komen, zwellen op. Ze worden kleverig en vormen uiteindelijk een korstje. Ze zijn onmisbaar voor de stolling van je bloed bij ongelukken. Zonder bloedplaatjes zou je constant ernstige bloedingen hebben en zelfs kunnen doodbloeden.”
Gezond bloed is cruciaal
Als je ziet wat bloed allemaal doet, snap je hoe cruciaal het is om gezond bloed te hebben. De meest voorkomende afwijking is bloedarmoede, wat letterlijk betekent dat het bloed te weinig rode bloedcellen of hemoglobine bevat. Boogaerts: “Daardoor komt er minder zuurstof bij de weefsels, wat zich uit in vermoeidheid, duizeligheid, hartkloppingen of kortademigheid. Als je bij een arts komt met die klachten, wordt altijd eerst gekeken naar het ijzergehalte in het bloed. Daar hoort ook controle van het ferritinegehalte bij, de ijzeropslag. Uit dat ‘spaarpotje’ wordt geput wanneer er tijdelijk meer behoefte is aan ijzer, bijvoorbeeld na een operatie. Hoe leger dat potje, hoe meer het lichaam zal besparen op alles wat energie kost.”
Andere aandoeningen zijn complexer, omdat dan het bloed zelf ziek wordt. Bijvoorbeeld bij leukemie, een vorm van kanker waarbij het beenmerg onrijpe witte bloedcellen gaat produceren en er te weinig ruimte overblijft voor gezonde bloedcellen. “Bij erfelijke aandoeningen zoals sikkelcelanemie en thalassemie hebben de rode bloedcellen niet hun normale ronde vorm, maar zijn ze halvemaan- of sikkelvormig, waardoor ze sneller afbreken en bloedvaten kunnen verstoppen. Daarnaast zijn er ziekten waarbij het bloed te snel stolt. Dan doen de bloedplaatjes hun werk te goed. Gebeurt dit op het verkeerde moment op de verkeerde plek, dan kan een stolsel een ader of een slagader afsluiten, wat kan leiden tot een hartinfarct of beroerte.”
Regelmatig sporten
Bloed is dus niet alleen van levensbelang, maar ook kwetsbaar. Lang niet alles heb je daarbij zelf in de hand. Sommige mensen zijn genetisch belast met een hoger risico op bepaalde aandoeningen, of ze hebben gewoon pech. Maar je kunt je bloed wel een zetje in de goede richting geven, bijvoorbeeld door regelmatig te sporten. Tijdens het trainen maak je extra rode bloedcellen aan die zorgen dat er meer zuurstof naar de spieren wordt getransporteerd, waardoor de doorbloeding verbetert en je je fitter en energieker voelt dan wanneer je niet sport. Boogaerts: “Het hoeft echt geen topsport te zijn, dagelijks een half uur stevig wandelen of fietsen is al genoeg.”
Ook voeding speelt een rol bij het welzijn van je bloed. “Het past zich aan je manier van leven aan. Wil je dat je bloed zuiver blijft en de bloedvaten elastisch, dan is het goed om te minderen met zout, weinig verzadigd vet te eten, matig te zijn met alcohol en juist veel groenten, fruit, peulvruchten en volkorenproducten te eten.”
Gezond eetpatroon
Krijg je te weinig of verkeerde bouwstoffen binnen, dan kan dat leiden tot tekorten die vaak terug te zien zijn in het bloed. “Denk aan een tekort aan foliumzuur, vitamine B12 of ijzer, stuk voor stuk belangrijke bouwstoffen voor bloedcellen. Een evenwichtig en gezond eetpatroon is dus het beste voor je bloed.”
Em. prof. dr. Marc Boogaerts was als hematoloog verbonden aan de KU Leuven en het UZ Gasthuisberg. Hij is een pionier in de Belgische stamceltransplantatie en richtte het Leuvense Stamcelinstituut en Kankerinstituut op. Voor zijn werk ontving hij de titel van Grootofficier in de Kroonorde.
Een andere versie van dit artikel verscheen eerder in Plus Gezond januari 2026. Abonnee worden van het blad? Dat doe je in een handomdraai.
- Plus Gezond