Zo maakt AI de zorg beter

AI in de zorg: 11 succesvolle toepassingen

De toekomst van de gezondheidszorg: AI in de zorg
Getty Images

We horen er elke dag over: kunstmatige intelligentie (AI). In Nederlandse ziekenhuizen en onderzoekscentra wordt het al volop toegepast. Niet om artsen te vervangen, maar om hen slimmer en sneller te laten werken. Wat merken wij daar als patiënt van?

1. Poliepen slimmer vinden

Tijdens een coloscopie (darmonderzoek) kan AI ­verdachte poliepen direct markeren op het scherm. De arts ziet meteen: hier moet ik extra goed kijken. Kleine ­poliepen die hij anders misschien over het hoofd ziet, kan hij zo tijdig weghalen. Hoe eerder de arts een poliep weghaalt, hoe kleiner de kans dat die uitgroeit tot kanker. Dat scheelt zware behandelingen in de toekomst.

2. Borst- en  alvleesklierkanker eerder opsporen

AI kan op mammografieën kleine afwijkingen zien die het menselijk oog soms mist. Onderzoek laat zien dat één radioloog samen met AI meer tumoren vindt dan twee radiologen zonder. Eerder ontdekken betekent eerder behandelen en meer kans op genezing. AI kan ook alvleesklierkanker beter herkennen op CT-scans dan de gemiddelde radioloog. In een internationale studie scoorde het beste AI-model nauwkeuriger en gaf het 38 procent minder vals-positieve uitslagen. De Gezondheidsraad verwacht dat bevolkingsonderzoek in de toekomst zal verbeteren dankzij AI. Daar is nog wel verder onderzoek voor nodig.

3. Persoonlijk dieet bij diabetes

In Nederlandse ­pilots wordt AI ingezet om voedings­advies persoonlijker te maken. Het systeem kijkt naar bloedwaarden, leefstijl en medische ­gegevens en berekent welk voedingspatroon het beste past. Geen standaarddieet, maar maatwerk. Dat kan helpen om bloedsuiker stabieler te houden en complicaties te voorkomen.

4. Psychische klachten signaleren

AI kan patronen in taal en gedrag herkennen. Online platforms analyseren ­gesprekken of vragenlijsten en signaleren vroegtijdig risico’s op depressie of angststoornissen. Dat betekent niet dat een computer een diagnose stelt, maar wel dat mensen sneller kunnen worden doorverwezen om passende hulp te krijgen.

5. Sneller nieuwe medicijnen creëren

AI kan miljoenen moleculen (werkzame stoffen) doorrekenen en voorspellen welke kansrijk zijn als medicijn. Wat vroeger jaren duurde in het lab, kan nu veel sneller dankzij computersimulaties. Dat versnelt onderzoek naar nieuwe behandelingen tegen kanker en zeldzame aandoeningen.

6. Minder gemiste afspraken in het ziekenhuis

AI helpt ook achter de schermen. Sommige ziekenhuizen gebruiken ­modellen die voorspellen welke patiënten hun afspraak waarschijnlijk missen. Zij krijgen gerichte herinneringen. Het resultaat: een betere opkomst, kortere wachtlijsten en efficiënter gebruik van personeel en operatiekamers.

7. Uitbraken van infectieziekten voorspellen

Het RIVM en academische centra gebruiken AI om grote hoeveelheden data te analyseren, zoals meldingen van infecties of ziekenhuisopnames. Zo kunnen uitbraken sneller worden herkend. Tijdens corona bleek hoe belangrijk dat is. Vroege signalen helpen om maatregelen gerichter in te zetten.

8. Verbeteren longkankerscreening

Onderzoekers van het Radboudumc hebben een AI-model ontwikkeld dat het aantal vals-positieve uitslagen bij longkankerscreening met 40 procent vermindert. Het algoritme berekent per longplekje op een CT-scan hoe groot de kans op kanker is. Vooral bij plekjes van 5 tot 15 millimeter presteert AI b­eter dan bestaande risicomodellen. Minder vals-positieven betekent minder onnodige vervolgonderzoek, lagere kosten en minder ­onrust bij patiënten.

9. Analyse en therapie bij de fysio

In de Nederlandse fysiotherapie wordt AI steeds vaker ­ingezet bij bewegingsanalyse en oefentherapie. Met ­behulp van camera’s of sensoren kan software de houding, uitvoering of het loop­patroon van ­oefeningen analyseren. De ­fysiotherapeut krijgt zo objectieve meetgegevens over bijvoorbeeld bewegings­uitslag, snelheid of symmetrie. Sommige oefen-apps ­geven patiënten thuis direct feedback, terwijl de therapeut op afstand de voortgang kan volgen en het programma kan aanpassen. Dat maakt revalidatie persoonlijker en beter meetbaar, zonder dat het contact met de behandelaar verdwijnt.

10. Hulp bij afasie

Door een herseninfarct of dementie kunnen taal- of spraakproblemen (afasie) ontstaan. Rijksuniversiteit Groningen onderzoekt hoe AI daarbij kan helpen. Denk aan apps die met spraakherkenning en slimme woordvoorspelling zinnen helpen vormen. Of die alternatieve woorden en afbeeldingen suggereren als iemand vastloopt in een gesprek. Ook kan AI oefeningen op maat aanbieden.

11. Assistentie bij de huisarts

AI wordt in Nederland steeds concreter ingezet in de huisartsenpraktijk. Zo zijn er systemen voor digitale triage, waarbij patiënten online vragen beantwoorden en de urgentie van hun klachten wordt ingeschat, wat assistenten helpt bij hun planning en werkverdeling. Ook gebruiken sommige praktijken spraakgestuurde tools die tijdens consulten meeluisteren en automatisch samenvattingen maken voor het elektronisch patiëntendossier, zodat huisartsen meer tijd hebben voor de patiënt.

Let op en blijf kritisch

Onderzoekers waarschuwen dat AI-systemen niet neutraal zijn. Ze leren van ­bestaande data en als die eenzijdig zijn – bijvoorbeeld vooral gebaseerd op mannen – kan het zijn dat ze de klachten van vrouwen of minderheidsgroepen minder goed herkennen. Dat ­betekent: actief controleren op scheve verhoudingen en zo nodig ­extra data verzamelen. Een arts of ­andere professional moet de gegevens bovendien altijd kunnen controleren en corrigeren. Ook medische informatie via chatbots is niet altijd betrouwbaar. ChatGPT en zijn collega’s zijn geen artsen en ­geven soms foutieve of ­onvolledige ­adviezen. Houd daar ­rekening mee als je een medische vraag stelt. Kort gezegd: AI is een slimme ­assistent, maar geen alwetende dokter.

Dit artikel verscheen eerder in Plus Magazine april 2026. Abonnee worden van het blad? Dat doe je in een handomdraai.

Auteur 
Bron 
  • Plus Magazine