Lente in Kyoto

Druk, druk, druk. Maar ook: mooi, mooi, mooi. Herbert Paulzen dompelt zich onder in de lentegeuren en -kleuren van de Japanse stad Kyoto. En kijkt zijn ogen uit in de geishawijk.

Witgepoederde gezichten. Witgepoederde nekken. Opgestoken haren. Kleurrijke kimono’s. Houten sandalen. Geisha’s in Kyoto, op weg naar… ja, waarheen? Om sararimen (kantoormannen) te behagen? Hapjes te voeren? Te dansen? Te converseren in beleefde frases zonder inhoud?

Ik heb het geld niet voor een geisha. Ik word ook niet uitgenodigd door een grote company die indruk wil maken op een gajjin (vreemdeling). Zou ik het wel willen? Me laten voeren met hapjes sushi en sashimi? Me laten toezingen in een gestileerde taal die ik niet begrijp? Me anderszins laten behagen? Ik moet er niet aan denken! Ik vind ze lelijk. Die witte gezichten. Die dikke dure ingewikkelde kimono-bepakking. Die dribbelpasjes. Dat geklepper van de hoge houten sandalen.

Missing media-item.

Een zaak van prestige

En dan blijkt dat ik er ingetuind ben. Het is anders, zoals in Japan zoveel anders is dan op het eerste gezicht lijkt. Dat wil zeggen: voor een met de westerse bril kijkende westerling. Neem die geisha’s die ik meende te zien. Dat waren geen geisha’s. Waarschijnlijk niet eens maiko’s (geisha’s in opleiding). Maar gewone Japanse huisvrouwen die een dag lang geisha willen zijn, zich laten kleden en schminken en bepoederen, en dan trots over straat dribbelen en zich laten fotograferen – ook door onwetenden als ik.
Geisha’s. Zelden zal een Oosters begrip zoveel exotische misverstanden hebben veroorzaakt als het begrip geisha. Een dure prostituee, dat is toch wel zo’n beetje de voorstelling die de meesten hebben. Klopt het?

Die vraag is niet zo eenvoudig te beantwoorden. Geisha’s waren en zijn bedreven in de kunsten – dansen, zingen, musiceren – en in converseren en thee-ceremonieën. In het traditionele Japan waren veel geisha’s zeker ook bedreven in de liefde. Vaker echter waren zij de concubine van een ‘peetvader’ en zo’n peetvader was een man van status en rijkdom die zich een geisha als ‘statussymbool’ kon permitteren en haar kon voorzien van kamer en kleren. Voor de man was het onderhouden van een geisha een zaak van prestige.

En nu? Nog steeds worden geisha’s opgeleid in ­geisha-huizen. In Kyoto staan die in Gion, de traditionele uitgaanswijk. Zo’n opleiding duurt jaren. Je kunt een geisha ‘huren’, dat kost een heleboel geld. Maar daar draaien Japanse firma’s de hand niet voor om als het erop aankomt partijen te organiseren voor hun (vaak buitenlandse) relaties.

Massaal gepicknickt

Kyoto is niet alleen maar Gion. Kyoto is Japans beroemdste tempelstad, op drie uur Shinkansen (de hogesnelheidstrein) van Tokio gelegen. Kyoto is niet een aaneengesloten oord van contemplatie, inkeer, godsvrucht en ascese. Kyoto is een moderne grote stad met veel hightech, een futuristisch station, ondergrondse, supermoderne winkelcentra, overdekte markten en druk straatverkeer. De tempels, schrijnen en pagoden zijn verspreid door de hele stad, als oases van eenvoud, esthetisch ingevoegd in landschaps­parken. Rustpunten te midden van grootsteedse hectiek. Hoewel… rustpunten? Ik ben er in de mooiste tijd van het jaar, de lente, de tijd van de kersenbloesem.

Heel Kyoto staat in de bloei. Straten, stegen, tuinen, parken zijn verlicht door de natuur. Prachtig. En omdat de voorspellingen van de weermannen deze keer zijn uitgekomen, hebben miljoenen Japanners precies op tijd een week vakantie opgenomen. Dus de stad- en tempelparken worden massaal bezocht. Voor iedere in bloei staande boom laat men zich fotograferen. In de weekends wordt massaal gepicknickt onder de roze bomen en langs de beide rivieren die de stad als het ware omarmen.

Vriendelijke goden

Druk, druk, druk – overal. In het oostelijk deel van de stad staan de mooiste tempels, gevleid tegen dichtbegroeide heuvels. Stenen trapjes leiden omhoog. Rijkgetakte bomen verspreiden een diffuus licht. Bizar, bijzonder en mooi zijn de roodgelakte ­torii die leiden naar de Fushimi-Inari schrijn: 10.000 ‘poorten’, zo dicht tegen elkaar aan, dat ze als het ware een tunnel vormen.
Schrijnen, tempels, pagoden. Wat is wat en voor wie is wat? Boeddhisme of shinto (de oorspronkelijke religie van Japan)? Zijn dat tegenstellingen? Of is er sprake van vermenging? Westerlingen associëren het spirituele leven in Japan toch het meest met zen, de uit China overgewaaide variant van het boeddhisme. En onlosmakelijk verbonden met zen is meditatie: de concentratie op je eigen bewustzijn, het bereiken van een diepe geestelijke ervaring.

Zen staat, zo lijkt het, lijnrecht tegenover de volks­religie van het shintoïsme. Deze authentiek Japanse verering van goden, voorouders en de natuur bestond al lang voor de komst van het boeddhisme. Maar nu onderscheiden de uiterlijke vormen van boeddhisme en shintoïsme zich nauwelijks meer, of ze vullen elkaar aan.

Shinto is een simpele religie die weinig eist. Slechts geloof en offertjes. Shinto is volks. Shinto is ook plezier. Shinto-goden zijn vriendelijke goden die van plezier houden en van mensen die in hun naam plezier maken. Maar Shinto-goden willen het warm en gerieflijk hebben, vandaar overal ‘aangeklede’ ­godenbeelden, met truitjes, schortjes en mutsjes.

De goden verzoek je om succes in ceremonies, al of niet bijgestaan door priesters. Je laat een gedresseerde parkiet een voorgedrukte papieren horoscoop trekken, om het na lezing op te vouwen en vast te knopen aan een heilig voorwerp of aan de takken van een boom vlakbij de tempel. Voor iedere tempel hangen onder afdakjes honderden houten plankjes, waarop een bede om succes is geschreven. Alle soorten succes: voor op het werk, op school, in de familie of in de sport. In een van de tempels zag ik honderden papieren slierten hangen, bestaande uit duizend aan elkaar geregen bonte origami-vogels – gemaakt door schoolkinderen vlak voor hun examens.

Feest voor de zintuigen

Tempels, schrijnen, pagoden. Overal. Ook in het moderne deel van de stad. En ook in dat grote overdekte marktstratencomplex van Nishiki in het midden van de stad. Je herkent ze aan de witte of rode lampions met inscripties, de met wensen en beden bedrukte plankjes, de precies gerangschikte bloemen. Iedere dag kom ik erlangs, want iedere dag struin ik over de markt om te genieten van die mengeling van exotisme en schoonheid.

Ontelbare soorten vis, op ijs gedrapeerd als kostbare stukken uit een expositie. Fantastisch, esthetisch, kunstig gerangschikte koopwaar, kommen met gefermenteerde groente, fraai bedrukte sake-vaten, vele soorten thee en noedels. Maar ook schoenen en sandalen, hippe kleren. En antiek- en boekwinkels. En natuurlijk eethuisjes. Kroegachtige eethuisjes, snackbar-achtige eethuisjes, sushi-bars. Die Nishiki-markt is een feest voor alle zintuigen.

Nog één keer ga ik naar Gion. Ik hoor ze al, de wit­besokte voeten op de hoge houten klapsandalen. Dan zie ik ze, met hun witbepoederde gezichten, opgestoken haren, rode lippen en kleurrijke kimono’s. En nu weet ik dat het geen geisha’s zijn, geen maiko’s, maar gewone Japanse huisvrouwen vlak voor het einde van hun eenmalige dagje-geisha-zijn. De echte geisha’s zie ik slechts in een flits, minder opvallend gekleed en geschminkt, aanzienlijk jonger, aanzienlijk mooier. Ze ruisen langs en zijn zo verdwenen.

Missing media-item.

Kyoto Praktisch

Kyoto is de voormalige keizerlijke hoofdstad van Japan en telt 1,5
miljoen inwoners. De stad bezit meer dan tweeduizend tempels, heiligdommen en parken, waarvan UNESCO er zeventien als wereld-
erfgoed heeft erkend.

Hoe kom je er?
KLM vliegt rechtstreeks op Tokio vanaf €850 incl. belastingen. Daarna is het nog een kleine drie uur met de supersnelle Shinkansen-trein.

Fietsen
Een prima manier om Kyoto te verkennen is per fiets. Op veel plaatsen in de stad kan men fietsen (ook elektrische) huren voor 500 tot 2000 yen
(€4 tot €17) per dag. Let wel: in Japan rijdt het verkeer links; fietsers rijden meestal op de stoep, zowel links als rechts van de straat. Agressief fietsen en veel bellen is uit den boze, ook in het fietsverkeer is men hoffelijk en voorkomend.

Klimaat

Hoewel de zomers warm en vochtig kunnen zijn, verschilt het klimaat niet veel van dat in Nederland. De meeste regen valt in de maanden juni t/m september.

Visum & vaccinaties
Voor Japan is een geldig paspoort nodig. Voor een verblijf langer dan negentig dagen is een visum vereist.
Vaccinaties zijn niet noodzakelijk.

Valuta
De Japanse munteenheid is de yen; 100 yen is €0,87 (februari 2009).

Reisgidsen
• ‘Japan’, serie: Capitool Reisgidsen. Uitg. Van Reemst, €26,90.
• ‘Reisgids Japan’, serie: Dominicus. Uitg. Gottmer, €23,95.

Om te lezen

• ‘Het geluid van vallende sneeuw’, door Jannie Regnerus. Uitg. Wereldbibliotheek, €14,50.
• ‘Dagboek van een Geisha’, door Arthur Golden. Uitg. Anthos, €7,50.
• ‘Geketende democratie’ door Hans van der Lugt. Uitg. Prometheus, €18,90.
• ‘Japan’ door diverse auteurs, o.a. Carolijn Visser, Adriaan van Dis, Cees Nooteboom. Uitg. Pandora Pockets, €10.

Met dank aan literaire reisboekhandel Evenaar, Amsterdam,
www.evenaar.net

Informatie
Japans Verkeersbureau, Jozef Israëlskade 48E, 1072 SB Amsterdam, T 020-676 00 60 of www.japantravelinfo.com

 

Auteur 
  • Herbert Paulzen