Nabestaandenpensioen valt vaak vies tegen

Kamerlid Omtzigt presenteert initiatiefnota

Na het overlijden van een partner blijkt het nabestaandenpensioen soms veel lager dan verwacht. Vooral vrouwen komen er bekaaid van af.

Over het vaak teleurstellende nabestaandenpensioen schreven we al eerder in Plus Magazine.

Tweede Kamerlid Pieter Omtzigt (CDA) verdiepte zich de afgelopen tijd in de materie en sprak met weduwen en weduwnaars met geldzorgen. Hij presenteert daarom een initiatiefnota. 

Sinds 1996 krijgen alleen nabestaanden met kinderen onder de 18 jaar of deels arbeidsongeschikte nabestaanden een uitkering. Wie wat verdient, wordt meestal gekort. In de praktijk komt dit erop neer dat veel nabestaanden niet in aanmerking komen voor een vangnet van de staat. Zij moeten wachten tot ze zelf AOW krijgen of vallen daarop terug.  

Daarnaast hebben nabestaanden in veel gevallen recht op een nabestaandenpensioen dat is opgebouwd via de werkgever. Ook daarin is veel veranderd, stelt Omtzigt. Voorheen kregen nabestaanden sowieso een pensioenuitkering. Nu krijgen nabestaanden steeds vaker alleen geld als de partner voor het pensioen overlijdt en nog in dienst is bij dezelfde werkgever. 

Veranderen van baan kan zo de helft van je pensioen schelen, waarschuwt Omtzigt.

Wat nu?

Voor wie goed voor degene die achterblijft wil zorgen, zit er vaak niet veel anders op dan zelf een verzekering af te sluiten. Dat kan in verschillende vormen zoals een overlijdensrisicoverzekering. In dat geval keert de verzekeraar bij overlijden een bedrag uit. Zo'n verzekering kan in veel gevallen goedkoper.