Recept: ouderwetse appelbeignets

Een vervanger van de oliebol is de appelbeignet. Zo maak je een ouderwetse appelbeignet.

Benodigdheden: 

  • 250 gr zelfrijzend bakmeel
  • 300 ml melk
  • 5 à 6 niet al te grote zachtzure appeltjes (bijvoorbeeld Elstarappels)
  • 2 eieren
  • 1 eetl. kaneel
  • 1 snuf zout
  • Zonnebloemolie om te frituren

Voor de suikermix van de beignets:

  • 100 gr suiker
  • 1 eetl. kaneel

Materiaal: 

  • Zeef
  • Kom
  • Schilmesje (of dunschiller)
  • Appelboor
  • Mes
  • Pan om in te frituren

Dit recept kun je het beste in drie delen opdelen: 

  • Het beslag
  • De olie
  • De appels

Bereidingswijze: 

Het beslag

1.    Zeef het bakmeel, het zout en de kaneel boven een (grote) kom. 
2.    Doe hier de eieren en de melk bij en klop het geheel tot een glad beslag. Zorg ervoor dat beslag niet te dun wordt, want dan loopt het zo van de appels af. Te dun: doe er wat bloem bij. Te dik: doe er een scheutje melk bij.
3.    Laat het beslag een uur rusten. 

De olie

Zorg dat de olie 175 graden is als je gaat frituren.

De beignets

  1. Schil de appels en steek met de appelboor het klokhuis eruit. 
  2. Snijd de appels in plakken van ongeveer ½ centimeter dik (ter vergelijking: iets dunner dan een ananas uit blik)
  3. Maak de suikermix van de beignets door 100 gr suiker te mengen met 1 eetl. kaneel. Dip de appels vervolgens aan één kant in de suiker. 
  4. Wentel de appels met een vork door het beslag. Laat de appels even uitlekken en laat ze in de hete olie zakken. Doe dat niet met teveel tegelijk, want dan daalt de temperatuur van de olie en worden de beignets minder goed gaar. 
  5. Wip ze af en toe even om, tot ze lichtbruin en gaar zijn. Dat komt aan op ongeveer anderhalve minuut/twee minuten.
  6. Laat de beignets even uitlekken op keukenpapier en bestrooi ze met wat suikermix of poedersuiker. 
  7. Laat ze nog een klein beetje afkoelen en klaar zijn ze!

Bron: Koken met Karin.