48 uur in Marrakesh

Kruiden, kleuren en geuren. Een bezoek aan deze Marokkaanse koningsstad met zijn paleizen, markten, riads en tuinen is een feest voor alle zintuigen.

Dag één

10.00: Oriënteren | Moorse architectuur

Bewonder de Moorse architectuur tijdens een wandeling door de Medina, het middel­eeuwse stadscentrum. De Medersa Ben Youssef is een oude koranschool die versierd is met kleurrijke mozaïeken. De dorst ­lessen kan bij de prachtig versierde Chrob ou Chouf-waterkraan, die zelfs op de Unesco-Werelderfgoedlijst staat. De Lazama-synagoge en de ­Miaâra-begraafplaats tonen hoe ook Joden in de geschiedenis van de stad een rol spelen. In de doolhof van straatjes is de mooie minaret van de Koutoubia-moskee een goed oriëntatiepunt.

12.30: Lunch | Groen toevluchtsoord
Als de zon op zijn felst is en de drukte in de Medina goed op gang is gekomen, is Le Jardin Secret een fijn toevluchtsoord. Deze recent gerestaureerde riad (traditioneel Marokkaans huis of paleis met binnentuin) doet de Duizend-en-een-nacht-sfeer herleven. De prachtig aangelegde tuin wordt bewaterd door een ondergronds irrigatiesysteem en is dan ook heerlijk koel. In het ­bijbehorende café worden naast muntthee ook salades en broodjes geserveerd.

15.00: Winkelen | De magische souk
Wie de Souk Semmarine in de Medina betreedt, wordt overweldigd door de kleurrijke en geurige koopwaar. Het strijklicht van de zon, dat gefilterd wordt door de overkappingen, geeft de markt een magische uitstraling. Wie geïnteresseerd is in ambachten, kan zich door een van de vele jonge gidsen – die soms wat opdringerig kunnen zijn – naar de leerlooierijen in het noordelijk deel van de Medina laten leiden. Sla het aangeboden bosje munt voor in de neusgaten niet af.

19.00: Diner | Geurige eetstalletjes
Aan het eind van de middag maken de fruitkraampjes, slangenbezweerders en straatartiesten op de Place Djemaa el Fna, het grote plein, plaats voor talloze geurende eetstalletjes. Naast slakken en geitenhoofd zijn er ook minder griezelige lokale specialiteiten te krijgen zoals de harirasoep, gegrild lamsvlees en gerechten uit de tajine. Sluit de maaltijd af met een glas gemberthee bij een van de theestalletjes.

Dag twee

10.00: Uitstapje | Vorstelijke ruïne
Marrakesh is een van Marok­ko’s koningssteden en de paleizen in het zuiden van de stad zijn een statig aandenken uit de tijd van sultans. Toen sultan Ahmed el-Mansour de scepter zwaaide, was El Badi een van de grootste en mooiste paleizen in het noordwesten van Afrika. Tegenwoordig ­regeren er de ooievaars, die hun nesten in de ruïnes van dit nog steeds indrukwekkende paleis hebben gebouwd. Het Bahiapaleis, gebouwd in de 19de eeuw, is nog wel in volle glorie te bewonderen.

12.00: Pitstop | Kamelenburger
Net buiten de Medina, in een oude school, zit Café Clock. Een kleurrijk café, waar in de binnentuin en op het dakterras kleine concerten worden gehouden. De kamelenburger is een van de specialiteiten van de chef. Wie zelf de kneepjes van de geurige Marokkaanse keuken wil beheersen, kan terecht in de kookschool van het café. 

14.00: Museum | Haute couture
De in Algerije geboren Franse modeontwerper Yves Saint Laurent bracht veel tijd door in Marrakesh. “Marrakesh heeft mij kleur geleerd”, zei hij. In het nieuwe museum Musée Yves Saint Laurent hangt onder meer zijn iconische Mondriaanjurk. Maison Tiskiwin toont de bijzondere verzameling van de Nederlandse antropoloog Bert Flint. Elke kamer stelt een stop voor op de handelsroute van kamelen in de Sahara.

16.00: Relaxen | Modern Marrakesh
Brede boulevards met terrassen, kleine galerietjes en stijlvolle modewinkels. In de wijken Guéliz en Hivernage toont Marrakesh zijn moderne gezicht. Wie niet meer de benen heeft om te gaan winkelen, kan zich laten ­vertroetelen in een van de hamams van de luxehotels.

19.00: Diner | Romantisch tafelen
Opgefrist en opgetut voel je je onder de sinaasappelbomen van restaurant Pepe Nero haast als een ster in een oude Hollywoodfilm. Chef Khalid Robazza Essafa serveert een Italiaans en een ‘Rode Stad’-menu als eer­betoon aan zijn stad.

Bron(nen):