6 vragen over hersenvliesontsteking

Bacterie of virus?

Een hersenvliesontsteking treedt plots op en kan levensbedreigend zijn. Maar wat is het precies? En hoe loopt u het eigenlijk op? Zes veelgestelde vragen over hersenvliesontsteking.
1. Wat is hersenvliesontsteking?
Hersenvliesontsteking (ook wel meningitis of nekkramp genoemd) is een in sommige gevallen levensbedreigende ontsteking aan de – zoals de naam al zegt – vliezen om de hersenen. Naast het hersenvlies worden ook de vliezen om het ruggenmerg aangetast. De aandoening wordt veroorzaakt door een bacterie of een virus. Bij een bacteriële infectie zijn drie soorten bacteriën de boosdoener, namelijk: meningokok type B of C, pneumokok of Haemophilus influenzae type B. U kunt nare gevolgen overhouden aan een hersenvliesontsteking. Denk hierbij aan cognitieve problemen, taalproblemen en gedragsproblemen. Niet iedereen houdt er iets aan over. Het verschilt per persoon.
 
2. Wat zijn de symptomen?
De symptomen zijn verschillend afhankelijk van de soort infectie die u heeft.
 
Bacteriële infectie
  • huidbloedinkjes (paars-rode vlekjes die niet verdwijnen als u erop duwt)
  • ernstige hoofdpijn
  • stijve nek
  • koorts
  • overgeven
  • veranderd bewustzijn (slaperig of zelfs bewusteloos)
Virale infectie
  • hoofdpijn
  • koorts
  • lichte nekstijfheid
Bij baby’s zijn deze verschijnselen moeilijker te signaleren. Ze vertonen vaak een prikkelbaar of juist lusteloos gedrag.
 
3. Hoe krijgt u het?
De bacteriën die een hersenvliesontsteking veroorzaken komen vaak voor in uw neusholte. Heeft u ze nog niet in uw lichaam? Dan kunt u alsnog besmet raken. Als iemand hoest of niest bijvoorbeeld. Kleine druppeltjes met bacteriën en virussen worden dan het luchtruim ingeslingerd. Als u in de buurt staat van de nies- of hoestbui krijgt u de druppeltjes binnen. De bacteriën zijn in uw neus- en keelholte onschuldig.
 
Pas als u een slechte weerstand heeft, loopt u risico. De bacteriën kunnen dan in uw bloed terechtkomen. Hierdoor kunt u bloedvergiftiging oplopen. Via het bloed bereiken de bacteriën dan uw hersenen en hersenvliezen. Zo ontstaat een hersenvliesontsteking.
 
4. Hoe behandelt u het?
Een arts zal eerst een diagnose willen stellen. Hierbij moet het vocht dat tussen de vliezen ligt worden onderzocht. Uw hersenvliesvocht staat in verbinding met uw ruggenmergvocht. Dus aan uw ruggenmergvocht kunt u zien hoe het met uw hersenvliesvocht gesteld is. Met een ruggenprik wordt er een beetje vocht weggehaald. Een laboratoriumtest moet uitwijzen of u hersenvliesontsteking heeft en of het viraal of bacterieel is. Is het bacterieel? Dan wordt ook gekeken naar de soort bacterie.
 
Als de oorzaak van uw hersenvliesontsteking een virus is, dan geneest het meestal vanzelf binnen 1 à 2 weken. In het geval van een bacteriële infectie is de situatie een stuk ernstiger. U moet dan direct naar het ziekenhuis. Hier krijgt u antibiotica om de bacterie te doden.
 
5. Hoe voorkomt u het?
U kunt in Nederland ingeënt worden tegen hersenvliesontsteking. U bent dan voor het grootste deel beschermd. De vaccinatie biedt geen bescherming tegen alle hersenvliesontstekingveroorzakende bacteriën. Waartegen bent u wel beschermd en waartegen niet? Het zit zo:

Wel beschermd
  • meningokok type C
  • pneumokok
  • Haemophilus influenzae type B
Niet beschermd
  • meningokok type B

6. Wie loopt het meeste risico?
Hersenvliesontsteking komt het meeste voor bij kinderen onder de vijf jaar. Bij volwassenen komt de aandoening vooral bij soldaten in kazernes, in studentenhuizen en onder homo's voor. Een groot aantal homo's heeft veel wisselende contacten en reist veel en ver. Hierdoor lopen zij relatief meer risico dan hetero's.

Bron(nen):