Gemeente mag traplift niet zomaar weigeren

De Drentse gemeente Noordenveld is door de Centrale Raad van Beroep op de vingers getikt. De gemeente had geweigerd een traplift te vergoeden op grond van de Wmo (Wet maatschappelijke ondersteuning). De gemeente vond dat de bewoonster zich ook tijdig had kunnen inschrijven voor een gelijkvloerse seniorenwoning. Het probleem was dus 'voorzienbaar' en daarom weigerde de gemeente de vergoeding.

De Centrale Raad van Beroep, de hoogste rechter op dit rechtsgebied, oordeelde dat de reden voor weigering niet juist was. Als 'voorzienbaarheid' op deze manier wordt uitgelegd, kunnen ouderen nooit meer in aanmerking komen voor een maatwerkvoorziening in het kader van de Wmo. Iedereen weet dat ouderdom gepaard gaat met een toenemende kans op gezondheidsklachten en verlies van mobiliteit. Volgens de redenatie van de gemeente Noordenveld moet iedereen dan tijdig allerlei maatregelen nemen om eventuele gebeurtenissen in de toekomst voor te zijn. De CRvB oordeelde dat zoiets niet de bedoeling van de Wmo kan zijn.

De uitspraak betekent dat gemeenten 'voorzienbaarheid' niet zomaar kunnen gebruiken om een Wmo-voorziening te weigeren. De gemeente moet kijken naar de werkelijke situatie en hoe ze ouderen kan ondersteunen bij het langer zelfstandig thuiswonen. Een gemeente mag niet verwachten dat burgers zelf maatregelen treffen om een mogelijke verslechtering van de gezondheid in de toekomst op te vangen.