Kuststreek-wandeling: de wilde kanten van Zeeuws-Vlaanderen

Zeeuws Vlaanderen
Getty Images

Tussen het Belgische Knokke en de meest zuidelijke badplaats van Nederland, Cadzand-Bad, ligt het Zwin. Ongerept strand en prachtige natuur aan de kust. Must-be voor wandelaars én vogelaars. Ook aan de andere kant van Zeeuws-Vlaanderen halen vogelspotters hun hart op: in het Verdronken Land van Saeftinghe.

Eerst gaan we naar het Zwin, prachtig natuur- gebied met een grote verscheidenheid aan planten en dieren. Het Zwin is een slufter, een strandvlakte achter de duinen die in verbinding staat met de zee. Tweemaal per dag stroomt een grote hoeveelheid zeewater bij hoogtij het gebied binnen. Direct achter de geulmonding ligt zandstrand, meer naar binnen liggen duinen en schorren. Dankzij de afwisseling van zoet en zout groeien hier bijzondere planten en is het een paradijs voor vogels zoals aalscholvers, ooievaars, wulpen, scholeksters, kokmeeuwen, tureluurs, grauwe ganzen, kleine zilverreigers, en torenvalken.Het Belgische deel van het Zwin is groter dan het Nederlandse deel en begin 2016 is er een vernieuwd bezoekerspark geopend met allerlei uitkijk- en belevingshutten. Even een brug over en je bent in de rest van het Zwin waar natuur nog echt zijn gang kan gaan. Goed voor uren wandelen in een prachtige omgeving. De Zwinvlakte is gesloten bij springtij en stormweer, dan is het er te gevaarlijk.

Rietzanger
Getty Images

Spot de vogels

Veel trekvogels gebruiken het Zwin als tijdelijke stopplaats. In het najaar, eind oktober, kun je meelopen met een vogeltrekwandeling. Met een beetje geluk zie je heel wat overtrekkende vogels zoals spreeuwen en koperwieken. Ook Arctische ganzen, die broeden in het noordpoolgebied en in de herfst en winter zuidwaarts trekken zoals bijvoorbeeld kolganzen, voegen zich bij de overwinterende watervogels. Nog een goede wandeling voor vogelaars is de steltloperwandeling op 22 en 23 november. Het Zwin behoort tot de beste steltlopergebieden van België. Deze vogels pendelen tussen de Afrikaanse overwinteringsgebieden en de noordelijk gelegen broedgronden en gebruiken het Zwin als tussenstop.

Even een brug over in het Zwin en je ziet de natuur nog echt zijn gang gaan

Grote aantallen houden hier even halt om bij te tanken, maar een paar duizenden blijven ook overwinteren. Dankzij de uitbreiding van het gebied in 2019 hebben de slikken en schorren een nog grotere aantrekkingskracht op deze vogels.  

Een ware brakwater-wildernis

Ook op de grens van Nederland en België, maar dan aan de oostkant van Zeeuws-Vlaanderen ligt Het Verdronken Land van Saeftinghe met zijn slikken, schorren en oude polders.  Dit is het grootste aaneengesloten ‘natte’ land van West-Europa. In de late Middeleeuwen was het een gebied met welvarende polders, maar door stormvloeden gingen in de 14e en 16e eeuw grote stukken van het ingepolderde land verloren. In de Tachtigjarige Oorlog werden ter verdediging van Antwerpen bovendien opzettelijk dijken doorgestoken. Het gebied kan dus met recht ‘verdronken land’ worden genoemd. Zie, ruik en ervaar het ritme van het getij, de invloed van de zee en de Schelde. Wie de uitgestrekte brakwater-wildernis bezoekt, vergeet dit nooit meer.

50.000 grauwe ganzen

In 1907 vond de laatste inpoldering plaats waarbij de Hertogin Hedwigepolder ontstond, die aan het zuidoostelijke deel van Saeftinghe grenst. De begroeiing op het schor toont de invloed van het brakke vloedwater.

Het plantje echt lepelblad is een van de bijzondere soorten die hier voorkomt, net als spiesmelde, gewone zoutmelde, zeeaster, heen, schorrezoutgras en strandkweek. In het oosten, waar de invloed van zoet water groter is, hebben zich rietvelden ontwikkeld. Dit zijn belangrijke broedgebieden voor bedreigde vogel- soorten zoals het baardmannetje, de blauwborst, rietzanger en bruine kiekendief.

Natuurlijk zie je hier ook andere kustvogels: zilver- en kokmeeuwen, visdiefjes en scholeksters. Saeftinghe is voor veel doortrekkende en overwinterende vogels van belang als pleisterplaats. Van de ganzen is de grauwe gans het talrijkst; hier kunnen er wel 50.000 van zijn; je weet niet wat je ziet!

Mee met een gids

Het natuurgebied mag voor een heel groot deel alleen met een ervaren gids worden bezocht. Alleen het Plankierpad (1 km) en de Ruige Laarzen Route (2,5 km) zijn vrij toegankelijk. Let wel op bij springtij en bij hoog water. Dan kunnen deze wandelpaden onder water komen te staan en zijn dan niet begaanbaar. Bekijk daarom eerst de getijdentabel die beschikbaar is in het bezoekerscentrum. Regelmatig zijn er excursies, zie hetzeeuwselandschap.nl.

Zo’n drie uur durende tocht door het grootste brakwaterschor van Europa is pittig, maar onvergetelijk. Kledingadvies: goed passende laarzen, op het weer afgestemde kleding én een set droge kleding voor na de tocht.

Meer informatie: grensparkgrootsaeftinghe.eu

Vestingdorp Retranchement

Als je toch in de buurt van het Zwin bent, ga dan ook even naar Retranchement, een charmant vestingdorpje. De naam komt van het Franse woord voor verschansing en ontstond  in de Tachtigjarige Oorlog.

Rond 1604 liet Prins Maurits hier twee forten bouwen om de Zwingeul te verdedigen. Drie bestemmingen die zeer de moeite waard zijn:1 Vestingwerken & wallen De langste overblijfsels van Fort Nassau (en ooit Fort Oranje) zijn nog goed zichtbaar. De wallen met grachten en bastions zijn intact en begaanbaar via wandelpaden. 2 De Zaalkerk uit 1630 Gebouwd voor de garnizoensoldaten, met authentieke preekstoel. 3 De Standerdmolen uit 1818 Uniek in Zeeland als koren- én pelmolen voor gerst. Te bezoeken op afspraak.

Havenstad Sluis

Ooit was Sluis een levendige havenstad aan het Zwin, hier legden in de middeleeuwen schepen vol handelswaar aan. In 1290 kreeg het stadje stadsrechten en groeide het uit tot een belangrijk knooppunt tussen Vlaanderen en de Noordzee. De stadspoorten en vestingwallen nodigen wandelaars uit die van erfgoed houden.Het Belfort van Sluis is uniek. Dit is het enige middeleeuwse belfort van Nederland (gebouwd in 1375), met klokkenspel en uitzicht over de omgeving. Tegenwoordig is er een modern en interactief museum gehuisvest met onder andere een afdeling over de geschiedenis van Sluis en een afdeling over taal en over Johan Hendrik van Dale, de grondlegger van woordenboek 'De Dikke van Dale’. Johan Hendrik van Dale heeft als stadsarchivaris in dit Belfort gewerkt.

Auteur