De diëtest: Paleo 2.0 ★★★☆☆

Zo fit en slank als een oermens

Er worden heel veel boeken over gezonde voeding en leefstijl uitgegeven. Diëtist Mary Stottelaar leest én beoordeelt ze voor Gezondheidsnet in deze rubriek, de Diëtest. Deze keer: Paleo 2.0, zo fit en slank als een oermens van Evert Berkelaar.
Auteur:
Evert Berkelaar
Jaar van uitgave:
2020
Prijs:
€ 21,99
ISBN:
978 9021575827
Aantal pagina's:
192

Voor wie is dit boek bedoeld?

Voor iedereen die echt terug naar de basis wil en zelf aan de slag wil met het samenstellen van een persoonlijk voedingsplan dat gebaseerd is op wat de oermens at.

Eerste indruk

De helft van het boek bestaat uit uitleg over wat een paleovoeding inhoudt. Je ziet veel tabellen en overzichten. Van Berkelaar gaat diep op de materie in: hij maakt een vergelijking met eten volgens de Schijf van Vijf en legt uit waarom er een paleo 2.0 is ontstaan. De tweede helft van het boek bestaat uit recepten voor ontbijt, lunch, diner en snacks/smoothies. Bij elk recept staat een foto en die zien er behoorlijk smakelijk uit.

Wat weten we van de auteur?

Evert Berkelaar is de man achter de Nederlandstalige website www.hetpaleodieet.nl. Deze website bestaat sinds 2008, rond de tijd dat het paleodieet oftewel het oerdieet populair werd in Nederland. Berkelaar heeft een praktijk waarin hij als voedingsdeskundige en personal trainer mensen begeleidt op het gebied van een paleo leefstijl. Hij schrijft ook regelmatig voor het Paleo Magazine.

Wat is er nieuw aan dit dieetboek?

Het paleodieet in een modern jasje. De 2.0 slaat op de beperkte toevoeging van wat zuivel, peulvruchten en graanproducten. Voedingsmiddelen die in de klassieke paleovoeding en oorspronkelijke paleodieet niet voorkomen.

Even doorlezen

De theorie achter eten als een oermens gaat ervan uit dat we als mensen genetisch nauwelijks veranderd zijn. Onze genen zijn nog gelijk aan die van onze verre voorouders in de oertijd. Maar onze voeding is ondertussen wel heel erg veranderd. Berkelaar weet te vertellen dat 80 procent van wat er in de Schijf van Vijf staat, niet werd gegeten in paleotijd. De oermens at vooral groente en fruit, noten, zaden en veel vis en vlees. Er was ook niet altijd eten voorradig dus er werd regelmatig gevast. Berkelaar legt uit dat de eetgewoonten van de oermens het bewijs zijn dat juist die voedingsmiddelen veilig en gezond zijn en de basis zouden moeten zijn van elke voeding. Op basis van recente inzichten kunnen ook zuivel, peulvruchten, granen en aardappelen volgens Berkelaar in beperkte mate bij je passen. Maar dat moet je dan wel uitzoeken. Want het kan volgens hem heel goed zijn dat je die voedingsmiddelen niet tolereert en er allerlei klachten van krijgt. Volgens Berkelaar zou je dus met een ouderwetse paleovoeding moeten beginnen en dan stap voor stap volgens een door hem opgestelde 7 dagentest moeten proberen of zuivel, graanproducten en peulvruchten klachten veroorzaakt. Stel: je wilt weten of je geitenkaas kunt verdragen. Dan eet je na een periode van 3 weken strikt paleo een week lang elke dag geitenkaas. De eerste dag een klein beetje en de hoeveelheid voer je steeds verder op. Na 7 dagen weet je dan of je het kunt verdragen en kun je door met het testen van een volgend voedingsmiddel. Tot slot neemt Berkelaar je in het boek aan de hand voor het samenstellen van je eigen voedingsplan.

Wat kun je ermee in de praktijk?

Het is best een klus om paleo te gaan eten. Het wijkt nogal af van wat we gewend zijn. Het is veel meer dan weglaten van brood, graanproducten, zuivel, suikers, snacks en alcohol: het is een volledige aanpassing van je voedingsgewoonten. En dat zal best even tijd kosten. Begeleiding erbij is aan te raden, omdat het niet altijd even gemakkelijk is de juiste keuzes te maken. Zelfs niet met de handleiding in dit boek. En dan is de kans nog groot dat je voeding niet volwaardig is. Berkelaar doet dus wel een poging je te leren hoe je je voeding moet samenstellen, maar het is een behoorlijk gepuzzel en gereken. Eerst ga je bepalen hoeveel calorieën, eiwitten, en vetten je nodig hebt. Dan ga je die calorieën verdelen over de verschillende voedingsmiddelen die je gaat eten en vervolgens verdeel je die voedingsmiddelen over de dag in maaltijden. Zonder gebruik te maken van een berekeningsprogramma of een app wordt dat wel heel lastig. Natuurlijk heb je de recepten uit het boek. Maar het is heel vreemd dat er ondanks al die nadruk op getalletjes, geen hoeveelheden calorieën, eiwitten en vetten genoemd staan bij de recepten.

Wat vindt de diëtist van het dieet - helpt dit echt?

Er zitten absoluut hele goede kanten aan de paleovoeding. Veel groenten en fruit en noten en zaden vormen de basis van elk gezond voedingspatroon. De hoeveelheid vlees, vis, en eieren is hoog in een paleovoeding: je hoort uit te gaan van zo’n 250-400 gram per dag. Daar moet je natuurlijk wel van houden, en als flexitariër of vegetariër kom je er niet echt mee uit de voeten. En qua duurzaamheid scoort deze voeding natuurlijk ook niet echt hoog. Die grote hoeveelheden vlees, vis en eieren zorgen er wel voor dat er veel eiwit in de voeding zit. En dat zorgt samen met grote porties groenten voor een lang wegblijven van een hongergevoel. Het helpt dus zeker bij het afvallen. De recepten uit het boek passen daarom ook heel goed in een koolhydraatbeperkte eetstijl. Maar de grote hoeveelheid eiwit is niet voor iedereen geschikt. Zeker in geval van nierproblemen zou ik dit absoluut afraden. Verder vind ik het jammer dat je in het boek voor veel voedingsmiddelen (bruine rijst, peulvruchten, groenten van de nachtschadefamilie zoals tomaten) bang wordt gemaakt omdat ze volgens Berkelaar giftig zijn of zogenoemde anti-nutriënten bevatten. Zolang je met een voeding volop varieert, houden de positieve en negatieve kant van bepaalde voedingsmiddelen elkaar in evenwicht. Wil je echt paleo gaan eten op een manier zoals in dit boek wordt aangeraden dan moet je je goed realiseren dat het enorm afwijkt van de normale voeding. Een oermens snoepte en snackte natuurlijk niet. Een goede zaak, maar of het ook vol te houden is?

Oordeel: ★★★☆☆

Pluspunten

  • Grote nadruk op groenten en fruit
  • Lekkere recepten
  • Uitgebreide uitleg met literatuur ter onderbouwing

Minpunten

  • Veel dierlijke eiwitten
  • Veel rekenwerk
  • Bangmakerij
  • Kans op onvolwaardige samenstelling