Mijn verhaal: 'Op de veranda met ons mooie uitzicht dacht ik: is dit het nou?'

Vrouw zit peinzend op veranda
Getty Images

Vier jaar geleden had ik me niet kunnen voorstellen dat ik weer iedere ochtend wakker zou worden in een Brabants rijtjeshuis. En wat ik al helemaal niet had kunnen bedenken, is hoe gelukkig ik me daarbij voel. Vier jaar geleden had ik een heel ander toekomstbeeld voor ogen...

Mariëlle:

Weg van het grijze wolkendek, het Nederlandse vlakke land en het voorspelbare ritme van het leven hier. Zon, zee, bergen en elke dag een verrassing: dat was wat ik wilde, net als mijn man. Erik en ik zijn beiden gek op Spanje. Toen de kinderen klein waren, kampeerden we er ieder jaar. Later toerden we er rond met een camper en telkens gingen we met pijn in ons hart naar huis. Toen Eriks ouders kort na elkaar overleden, bleek dat ze er financieel veel warmer bij hadden gezeten dan we wisten. Onze droom om ooit te emigreren leek plotseling binnen handbereik. 

Ik mocht op afstand werken, Erik kon aan de slag bij een Spaanse kennis. Wat hield ons tegen? Tijdens een korte vakantie, bedoeld om ons te oriënteren, vielen we voor een finca met een olijfboomgaard. Toen we terugvlogen, was de koop rond. Mensen vroegen ons later vaak: wanneer begon de spijt? Nou, bij het leegruimen van ons oude huis overviel me soms al een unheimisch gevoel. Ons hele leven ging door mijn handen. Dat zouden we nu allemaal achterlaten… Toch overheerste de voorpret over deze stap, die ook onze kinderen ons van harte gunden. En daar gingen we, uitgezwaaid door heel veel lieve mensen, op een woensdag in oktober. Zou het anders gelopen zijn als we in het voorjaar waren vertrokken? Zo simpel kan het toch onmogelijk zijn? Maar het feit is dat die eerste winter ons zwaar viel. Natuurlijk, het weer was beter dan in Nederland. Toch misten we de zomerse vakantiesfeer. Maar ook de vrijheid van het rondtrekken. Terwijl Erik zijn plek probeerde te vinden tussen zijn Spaanse collega’s, zat ik in mijn eentje achter de computer. 

Handig, makkelijk, maar ook erg saai. Ik miste de kinderen, onze vrienden, zelfs onze klagende buurvrouw. Het gemak van zomaar ergens aanwippen, het niet altijd de auto hoeven te pakken. De etentjes met mensen met wie we echt wat deelden, veel meer dan de oppervlakkige nieuwe kennissen met wie we nu zogenaamd leuk stonden te padellen. Op de veranda met ons mooie uitzicht dacht ik vaak: is dit het nou? Ondertussen worstelde Erik met zijn werk. Collega’s vonden hem veel te direct, sloten hem buiten. Toen was ineens mijn dochter zwanger, ongepland, maar erg gewenst. 

De week dat we in Nederland waren, was veel te kort, met buikpijn zat ik in het vliegtuig terug. Na anderhalf jaar krampachtig proberen te wennen, kwamen we terug. Eindelijk weer echt thuis. Oh, wat geniet ik elke week van mijn oma-dag! Mensen noemen ons avontuur mislukt, ik zie het liever als een wijze les. Een behoorlijk dure wijze les. Maar mijn blijdschap om terug te zijn, is werkelijk onbetaalbaar.”