Hoeveel moet je trainen om fit te worden?

Houd je aan de beweegrichtlijnen

Goede vraag! In deze rubriek gaat PlusOnline op zoek naar het antwoord op knagende vragen. Deze keer: hoeveel moet je trainen om fit te worden?

Je wilt graag beginnen met sporten, of je staat jezelf juist al minstens drie keer in de week af te beulen in de sportschool. Maar: hoeveel moet je nu echt trainen om fit te worden? Dat ligt er natuurlijk helemaal aan wat je precies met 'fit' bedoelt. Volgens de encylopedie betekent het 'energiek en gezond' en 'in goede lichamelijke conditie' zijn.

Zoveel moet je bewegen

Bewegen verkleint het risico op chronische ziekten en houdt het lichaam fit. Daarom heeft de Gezondheidsraad beweegrichtlijnen opgesteld om mensen in beweging te krijgen. Zij adviseren aan volwassenen en ouderen om minstens 150 minuten per week matige of zwaar intensieve inspanning te verrichten, verspreid over diverse dagen. Daarnaast adviseren zij om minstens twee keer per week spier- en botversterkende activiteiten te doen. Aan ouderen wordt aangeraden om hun workouts te combineren met balansoefeningen.

Kinderen van 4 tot en met 18 jaar moeten minstens 1 uur per dag matige of zwaar intensieve inspanning doen en minstens drie keer per week spier- en botversterkende activiteiten verrichten. Voor beide groepen geldt: bewegen is goed, maar meer bewegen is beter. Ook moet je niet te veel stilzitten. Als je je aan deze richtlijnen houdt, zou je je dus fitter moeten voelen. 

Geen actieve leefstijl

De beweegrichtlijnen zijn opgesteld voor mensen die geen actieve leefstijl hebben. In 2017 voldeed 47% van de Nederlanders van 4 jaar en ouder aan de beweegrichtlijnen. Dat is bijna de helft. Er is dus nog zeker winst te behalen. 

Snel fit worden

Merk je dat je je wel iets fitter kunt voelen? Dan hebben wij handige tips voor je. Zo kun je na het eten een stukje wandelen en dagelijks push-ups doen. Met een paar veranderingen in je leefstijl kun je je gezondheid al snel en effectief verbeteren.  

Heb jij een goede vraag? Stuur ons een mail.

Bron(nen):
Trefwoorden: