Plus Onderzoek: 85 procent is bang voor online fraude

AI: Afschrikwekkend of Interessant?

AI: Afschrikwekkend of Interessant?
Getty Images

AI, oftewel kunstmatige intelligentie, is overal: van automatisch geschreven teksten tot foto’s en video’s die nauwelijks van echt te onderscheiden zijn. Moeten we hier bang van worden of juist enthousiast? We vroegen het onze lezers én AI-expert Maarten Sukel.

De uitkomsten van het ­onderzoek, ingevuld door 1477 50-plussers, zijn duidelijk: voor onze lezers is het lastig om echt van nep te onderscheiden. Zo lieten we ze twee foto’s zien: één echte en één AI-afbeelding. Wat bleek? Ruim de helft (52 procent) dacht dat de AI-afbeelding de echte foto was. Ook als er alleen een nepbeeld te zien was, dacht maar liefst 47 procent dat het om een echte afbeelding ging. Maarten Sukel kijkt niet op van deze ­uitkomsten. “De kwaliteit van afbeel­dingen en video’s verbetert in sneltreinvaart. Heel veel mensen kunnen nep niet meer onderscheiden van echt. De meesten zijn er ook helemaal niet mee bezig. Als je het weet, zie je het vaak wel, maar het is heel lastig.”

Angsten zijn van alle tijden

AI is beangstigend, vindt 49 procent van de ondervraagden. Ze zien wel voordelen, maar geven aan ook wel bang te zijn. Een veelgehoorde reactie van onze lezers: “Angsten zijn er bij elke nieuwe technologie. Van weefmachines tot computers. En nu AI.” 15 procent geeft aan zich zorgen te maken en 5 procent is zelfs heel bang voor wat AI kan betekenen voor de toekomst. Zoals een van de ­deelnemers het verwoordt: “Je weet nooit meer wat echt is.” Volgens Sukel is die angst niet terecht en komt het vooral doordat de meeste mensen er te weinig van af weten. “Dagelijks horen we de term AI langskomen. Maar daarbij wordt alles op één hoop gegooid. Dat maakt het ook een beetje verwarrend. Het is een verzamelnaam voor een heel grote bak aan technologieën. Heb je het over een slimme chatbot of heb je het bijvoorbeeld over een technologie waar ziektes snel en effectief mee opgespoord kunnen worden? Wat ik mensen zou willen aanraden, is om een beetje door te denken als ze het woord AI horen. Stel jezelf de vraag: wat bedoelen ze hier nou precies?”

Geen feiten, maar ondersteuning

In het onderzoek hadden we het voor­namelijk over AI-chatbots als ChatGPT en Copilot. 44 procent van de ondervraagden geeft aan hiervan gebruik te maken om antwoorden te vinden op ­vragen, minder dan de helft daarvan ­gebruikt ze ook voor het stellen van ­medische vragen. Daarbij zijn ze kritisch op de antwoorden die ze krijgen. “Dat is een goede houding. Heel verstandig”, zegt Sukel. “Vaak zie je bij chatbots dat als het een onderwerp betreft waar je iets over weet, dat het antwoord niet klopt. Gebruik die taalmodellen dan ook niet om feiten op te zoeken, maar als ondersteuning. Een chatbot vervangt je huisarts niet, maar legt bijvoorbeeld wel uit wat de huisarts bedoelt. Dus geen symptomen invoeren en vragen wat hij denkt dat je hebt. Maar meer als toelichting: ‘dit zegt de huisarts en dit betekent het.’ Geef een systeem goede input. Je hebt zelf invloed op de uitkomst. Het is heel belangrijk om te leren met de systemen om te gaan en ze op de juiste manier te gebruiken. Chatbots zijn geen feiten­machines, maar knappe schrijfmachines. Het is altijd goed om twijfels te hebben bij antwoorden. Ook zou ik adviseren geen persoonlijke, medische gegevens te gebruiken in dit soort programma’s; ­zeker bij de gratis versie weet je niet waar het terechtkomt. Veel zaken die tien jaar geleden een risico waren, zijn dat nog ­altijd. Zo is het nu op meer manieren ­mogelijk dan toendertijd om mensen op te lichten. Denk aan iemands stem ­namaken, dat is steeds makkelijker en ­realistischer. Wees daar alert op.” Bij veel van onze lezers zit het met de alertheid wel goed. Zoals een van hen zegt: “Gewoon proberen en ontdekken wat mogelijk is. Altijd kritisch blijven en je gezonde verstand gebruiken.” 

85 procent van de ondervraagden geeft aan bang te zijn voor online fraude

Te mooi om waar te zijn

Ook de angst om opgelicht te worden, is aanwezig. Maar liefst 85 procent van de ondervraagden geeft aan bang te zijn voor online fraude zoals valse e-mails, telefoontjes en WhatsApp-berichten. “Terecht”, aldus Sukel. “Het is helaas lastiger geworden om te zeggen: is het echt of is het nep? Toch zijn er wel een paar manieren om te ontdekken of het om ­oplichting gaat of écht voor jou bedoeld is. Stel jezelf twee vragen: is het logisch dat ik dit nu krijg? En is het te mooi om waar te zijn? Als het antwoord op de tweede vraag ja is, dan is dat vaak ook zo. Vertrouw je een brief van bijvoorbeeld de Belastingdienst niet, ontvang je een raar telefoontje of een vreemde e-mail? Neem bij twijfel altijd contact op met de desbetreffende organisatie en zoek uit of het echt is. Verstrek ook nooit persoonlijke gegevens of een bank­rekeningnummer. Instanties als de ­Belastingdienst en banken vragen hier nooit om.” Naast kritisch blijven en je gezonde verstand gebruiken is er ook veel meer kennis en voorlichting nodig. Maar liefst 88 procent van de ondervraagden vindt dat de overheid hier een rol in moet spelen. Sukel kan zich daarin vinden, maar vindt ook dat techbedrijven hier hun verantwoordelijkheid in moeten nemen. “De technologie wordt door die bedrijven de wereld in gebracht, dus zij hebben er in zekere zin nog controle over. Ze zoeken de grenzen op, omdat het commercieel ­interessant is. Ik zou het logisch vinden als de overheid bij techbedrijven aanklopt en zou zeggen: dit mag wel en dit mag niet. De komende jaren zullen er niet alleen meer regels moeten komen, maar zal ook strenger moeten worden opgetreden.”

Bewust en met mate

En op welk vlak zullen we in de toekomst het meeste aan AI gaan hebben? “Het staat nu echt nog in de kinderschoenen. Ik denk dat we het moeten gaan gebruiken daar waar het echt handig voor is. Bewust en met mate. Ik verwacht dat het een belangrijke bijdrage kan leveren om de economie in de toekomst draaiende te houden met de vergrijzing die eraan komt. Bijvoorbeeld in de zorg. Ik verwacht dat de ­huisarts het zal inzetten om tijdrovende administratieve taken over te nemen. Denk aan het gesprek in de spreekkamer. Dat het wordt opgenomen en automatisch ingevoerd. En in het ziekenhuis zullen ­bepaalde diagnoses sneller én beter gesteld worden door slimme technologische ­toepassingen. Er zullen altijd mensen ­nodig blijven om te controleren, maar ­misschien zullen mensen over tien jaar wel zeggen: ‘Ik heb liever dat AI de diagnose stelt dan een arts.’”

De cijfers in dit artikel zijn afkomstig uit een online onderzoek waaraan 1477 Pluslezers in januari 2026 hebben deelgenomen. Een andere, uitgebreidere versie van dit artikel staat in Plus Magazine, april 2026. Abonnee worden van het blad? Dat doe je in een handomdraai.

 

Auteur 
Bron 
  • Plus Magazine