Steenslag: laat deze schade niet lopen!

Weinig automobilisten weten dat schade door een slecht wegdek is te verhalen op Rijkswaterstaat. Maar doe wel snel aangifte en zoek getuigen, merkte pechvogel Emilio Consigliere.

Steenslag. Honderden automobilisten maakten in januari 2009 kennis met dit vervelende fenomeen. Door de felle vorst lieten deeltjes van het asfalt op de A6 en andere snelwegen los. Het gevolg: een steentjesregen die lak en voorruit beschadigde. Rijkswaterstaat, verantwoordelijk voor de snelwegen, riep automobilisten via kranten en tv op zich te melden. Schades, oplopend tot honderden euros, werden snel vergoed.

Toch, ondanks de kortdurende media-aandacht vanwege de vorst, weten veel automobilisten niet dat de overheid aansprakelijk is te stellen voor een slecht wegdek of gebrekkige weguitrusting, zegt Peggy Vos-Vervuurt, senior-schadebehandelaar bij DAS Rechtsbijstand.

En weten ze dat wel dan zijn ze niet goed op de hoogte hoe een claim de beste kans maakt, zoals uit het voorbeeld van Emilio Consigliere blijkt (zie kader). Vos-Vervuurt: ,,Als beheerder moet de overheid voor een goed en verkeersveilig wegennet zorgen. Is dit niet het geval en ontstaat schade, dan is de wegbeheerder risicoaansprakelijk. Kun je dit aantonen dan moet de overheid de schade in principe vergoeden.’’

Voorbeelden zijn er voldoende: een gat in de weg, weggesleten of afgebrokkelde belijning, een vluchtheuvel die niet deugt, een verkeersbord dat het uitzicht belemmert. Ook bij wegwerkzaamheden gaat veel fout, zegt Vos-Vervuurt. ,,Soms wordt na asfaltering een weg te vroeg vrijgegeven, waardoor losliggende asfaltdelen de onderkant van de auto beschadigen.’’ Schade kan ook optreden bij overvloedige regenval. ,,Bijvoorbeeld als putdeksels ineens omhoog schieten.’’

Slachtoffer Emilio Consigliere

Emilio Consigliere reed op 8 augustus 2007 op de provinciale weg N471 bij Berkel en Roderijs, toen hij plotseling een harde bonk hoorde. ,,Ik reed in een bocht per ongeluk over de linkerstreep, die half afgebrokkeld was. Daar zat toevallig net een flink gat in het asfalt.’’

Thuisgekomen constateerde hij een flinke scheur in beide zijbanden, schade: €251,90. Op initiatief van zijn (stief)vader Hans Stoutjesdijk besloot hij zijn schade te verhalen op de provincie Zuid-Holland. ,,Die dient immers voor veilige wegen te zorgen.’’

De provincie weigerde zijn claim echter. Had Consigliere maar niet in de berm moeten rijden, luidde het weerwoord. Stoutjesdijk, die zich namens zijn zoon in de zaak vastbeet, nam daar geen genoegen mee. Hij schreef een brief naar gedeputeerde Van Dijk, waarop de provincie de beslissing opnieuw bekeek.

Ondanks de erkenning dat Consigliere niet in de berm, maar op de redresseerstrook (die óók goed verhard dient te zijn) had gereden, ving hij weer bot. Consigliere had geen aangifte gedaan bij de politie en ook geen getuigenverklaring bijgevoegd. Vele brieven later lieten vader en zoon het er vorige maand maar bij zitten. ,,Jammer, maar het was me vooral om de veiligheid te doen, niet om geld,’’ zegt Consigliere.

Toch keert de overheid niet zomaar uit. Automobilisten moeten aantonen dat er sprake is van nalatigheid bij de wegbeheerder. Nederland telt ruim 136.000 kilometer weg (CBS, 2008), waarvan ruim 5000 snelweg en bijna 7900 kilometer provinciale weg. Overheden kunnen onmogelijk elk gebrek tijdig opmerken.

Vos-Vervuurt raadt daarom aan bij schade de gevaarlijke situatie meteen bij de politie te melden. ,,Noteer een naam of personeelsnummer van de agent als bewijs van de melding. De politie informeert vervolgens de wegbeheerder. ,,Anders kan de laatste stellen niet op de hoogte te zijn van het gebrek.’’

Onderbouw uw claim verder via getuigenverklaringen van medeweggebruikers of inzittenden in de auto. Maak zo mogelijk foto’s van het gevaar en de ontstane schade. ,,Hebben meer mensen de gevaarlijke situatie opgemerkt, dan staat u een stuk sterker.’’

Hoe aan zo’n verklaring te komen? Door een advertentie in het plaatselijk krantje te zetten. Of door navraag bij buurtbewoners, als de schade binnen de bebouwde kom is opgetreden.

Lukt het niet getuigenverklaringen te vinden, dan kan het aanvragen van een schouwrapport uitkomst bieden. De overheid inspecteert geregeld het wegennet. ,,Zo valt na te gaan of het gebrek is opgemerkt voordat de schade ontstond, waardoor wegonderhoud al noodzakelijk was. In dat geval is dat voor de rechter bewezen.’’ Al met al genoeg mogelijkheden, besluit Vos-Vervuurt. ,,Als een claim goed is onderbouwd, blijken rechters vaak soepel te zijn. Het is zonde om het er maar bij te laten zitten.’’

Rijkswaterstaat: '80 procent claims afwijzen'

Het is aan de weggebruiker te bewijzen dat hij door een gebrek aan een rijksweg of onzorgvuldig handelen van Rijkswaterstaat schade heeft opgelopen, laat woordvoerder Jonna Brandsma namens Rijkswaterstaat desgevraagd weten. ,,De weggebruiker moet de toedracht van de aansprakelijkheid aantonen via getuigenverklaringen, politierapport en foto's. Van onze kant informeren we bij weginspecteurs naar de staat van het specifieke wegdeel."

Volgens Brandsma monitort Rijkswaterstaat het wegennet 'continu'. ,,We hebben dagelijks weginspecteurs op de weg rijden die eventuele schades melden en zo nodig zelf oplossen, zoals met koud asfalt bij een gat." Daarnaast heeft Rijkswaterstaat een aparte meetwagen die de staat van de weg daadwerkelijk meet, dus de stroefheid en algemene staat van het onderhoud. ,,Daar worden ook de onderhoudsplanningen op aangepast."

Ook de automobilist moet goed opletten, vindt Rijkswaterstaat. ,,Daarbij moet hij rekening houden met mogelijke oneffenheden. Verder is enige steenslag niet te vermijden."

Van alle claims wijst Rijkswaterstaat normaliter 75 tot 80 procent af. Wel besloot de snelwegbeheerder extra coulant te zijn bij de vele claims die afgelopen januari vanwege de extreme vorst werden ingediend.