Banden voor het leven: welke kies je?

Man vervangt autoband
Getty Images

Sta je er weleens bij stil dat het enige contact tussen je auto en het wegdek bestaat uit vier stukjes rubber? De banden bepalen je remweg, de stabiliteit van de auto in bochten, het rijcomfort en je brandstof- of elektriciteitsverbruik. Dus welke kies je?

Ben je geen veelrijder, dan zit je meestal wel even vast aan je keuze voor een setje banden. Die keuze is deels een kwestie van smaak, maar heeft ook alles te maken met het gebruik dat je meestal van je auto maakt. Rijd je meer dan circa 15.000 kilometer per jaar en in alle seizoenen? Dan valt de aanschaf van zowel een set zomer- als winterbanden te overwegen. Rijd je minder en kun je ervoor kiezen thuis te blijven als de weersomstandigheden niet uitnodigen tot een autorit? Dan zijn allseason-banden wellicht een slimme keuze. Rijd je elektrisch? Bedenk dan dat de banden een hoger wagengewicht aan moeten kunnen – een EV is een verhoudingsgewijs zware auto. Maar laten we bij het begin beginnen.

Zomer, winter, allseason…

Eerst de banden zelf. Zomerbanden zijn ontworpen voor temperaturen van meer dan ruwweg 7 °C. Ze zijn gemaakt van een hardere rubbersamenstelling en bieden mede daardoor de kortste remweg op droog en nat wegdek bij warmere omstandigheden. Winterbanden zijn gemaakt van een zachtere rubbersamenstelling en beschikken over lamellen in het profiel: daardoor blijven ze soepeler bij lage temperaturen en bieden ze betere grip op sneeuw en ijs. Deze banden herken je aan het  3PMSF‑symbool (een sneeuwvlokje in een berg met drie pieken). Dat symbool is een aanvulling op de bekendere M+S‑aanduiding en geeft aan dat de band voldoet aan minimale sneeuwremprestaties (strikter dan bij de M+S‑banden) volgens wettelijk voorgeschreven tests (het zegt trouwens niets over prestaties op ijs). Allseason-banden zijn een compromis tussen beide varianten. 

Dus een handige tussenoplossing voor wie relatief weinig rijdt, geen ruimte heeft voor de opslag van twee bandensets of simpelweg geen zin heeft in twee keer per jaar een bandenwissel. Ook allseasonbanden zijn er met het 3PMSF‑symbool.Er bestaan ook runflatbanden, waarop je nog enkele kilometers kunt rijden als ze lek zijn, terwijl banden met een hogere draagkracht (herkenbaar aan de aanduiding XL of ‘reinforced’) zijn bestemd voor zwaardere of elektrische auto’s. Voor EV’s zijn er banden met een lage rolweerstand die de actieradius bevorderen. Let bij EV’s altijd ook op de draagcapaciteit (XL/reinforced).Kies niet op gevoel, maar houd je aan de vereisten van de autofabrikant. Ga bij bandentests altijd uit van betrouwbare bronnen als ANWB, Autoweek, Autovisie of Bovag. Gebruik altijd de door de fabrikant voorgeschreven bandenspanning (gewoonlijk te vinden op een sticker aan de binnenzijde van het voorportier). Meet de bandenspanning altijd wanneer de banden koud zijn.

Een beetje autoband gaat circa 40.000 kilometer mee

Vergeet je reservewiel niet

Check ook het reservewiel of de thuiskomer (indien aanwezig). Veel moderne auto’s hebben geen van beide aan boord, maar hebben een setje om bandenlekken provisorisch te dichten. Controleer ook dat setje regelmatig op werking en vervaldatum. Is er een TPMS-systeem (Tyre Pressure Monitoring System) aan boord van je auto? De waarschuwingen van dat systeem zijn nuttig, maar mogen nooit in de plaats komen van het zelf regelmatig controleren van de bandenspanning.

Wanneer vervang je de banden?

Een beetje autoband gaat onder normale omstandigheden vaak tussen circa 30.000 en 50.000 kilometer mee. Maar zelfs bij matig (en rustig) gebruik hebben autobanden niet het eeuwige leven. 

  • Vertoont een band een bolling of uitstulping op de zijwand, dan duidt dat op beschadiging van het bandenkarkas en dan is de enige optie directe vervanging. 

  • Vertoont het profiel meer slijtage aan één kant (binnen- of buitenkant), dan wijst dat op een uitlijnprobleem of ophangingsslijtage. Laat de banden wisselen van as (dus van voor naar achter of andersom), om de slijtage gelijkmatiger te maken en levensduur te verlengen. De garage moet daarbij adviseren, want het is niet bij alle soorten banden mogelijk.

  • Voel je trillingen in het stuur tijdens het rijden, of maken de banden merkbaar meer geluid dan normaal, vraag dan bij je garage om de uitlijning, balancering en ophanging te controleren.

  • Zie je scheurtjes? Rubber veroudert. De invloed van zonlicht, temperatuurschommelingen, lang stilstaan of lage bandenspanning kan leiden tot droogtescheuren in de zijwand. Zijn die diep en raken ze het karkas, dan moeten de banden worden vervangen. Vaak laten oudere banden kleine, oppervlakkige haarscheurtjes zien. Dat is geen reden tot directe paniek, maar houd ze goed in de gaten. 

  • Over het algemeen wordt geadviseerd om banden van acht tot tien jaar oud sowieso te vervangen, ook al oogt het profiel nog prima. Sommige fabrikanten adviseren zelfs eerdere vervanging, afhankelijk van gebruik en opslag.

Caravans en campers

Alle aanbevelingen gelden natuurlijk net zo goed voor caravan-, vouwwagen-, aanhanger- en camperbanden. Die laatste helemaal omdat die vaak maar een paar maanden van het jaar worden ingezet. Goede controle op bandenspanning en slijtagesporen is dan dus nóg belangrijker. Als een caravan of camper een poos in de stalling heeft gestaan, is het zaak de banden goed te checken op sporen van verdroging, scheuren of karkasbeschadiging. Let erop dat caravan-/aanhangwagenbanden vaak andere draagindexen en specificaties hebben en volg de leeftijdsaanbevelingen van de fabrikant. Sommige fabrikanten adviseren vervanging eerder dan bij personenautobanden wanneer ze lang stilstaan.

Wat zegt die band?

Op de zijkant van elke autoband vind je veel relevante informatie, zoals de bandenmaat, load‑index (het draagvermogen), de maximaal toegestane snelheid op de band) en DOT‑code (de productiedatum. De laatste vier cijfers geven de productieweek en het productiejaar weer: 2324 betekent: week 23 van 2024).

Volg altijd de door de autofabrikant aanbevolen maat en bandentype, te vinden in het instructieboekje of op de deursticker. Ook het Europese bandenlabel biedt houvast en bevat gegevens over de rolweerstand (relevant voor brandstof- of stroomverbruik), natte grip en externe geluidsproductie. Dat label helpt banden te vergelijken, maar praktijktests van onafhankelijke partijen als ANWB, Autovisie, Autoweek geven daarnaast informatie over de remweg op droog en nat, water- afvoer en slijtagemetingen.

Een laatste tip: mijd niet automatisch alle goedkope banden – sommige betaalbare merken scoren prima in bandentests – maar vermijd spotgoedkope banden waar geen betrouwbare testinformatie over te vinden is.

Auteur