Noraly Beyer: 'Ik kijk naar hem, loop met hem mee, zie hoe hij zijn handen beweegt'

Noraly Beyer
Plus Magazine

Op internet stuit ik op het tv-programma De kist waarin Joost ondervraagd werd over zijn visie op de dood. Ik verdwaal graag in herinneringen, maar hem nu in levenden lijve zien op een foto of in een film is de goden verzoeken. Toch wint de roekeloosheid, want ik kan mijn ogen niet van het beeld weghouden. Ik kijk naar hem en loop met hem mee.

Noraly Beyer is oud-nieuwslezeres schrijft en treedt op. In deze column schrijft ze over de dood van haar geliefde Joost Prinsen.

Hij had toen al een kromme rug, maar liep nog zonder stok. Ik zie hoe hij zijn handen beweegt, hoe zijn lippen van elkaar schuiven en ik hoor dat hij niet gelooft dat er iets na de dood is – zijn katholieke opvoeding ten spijt. In antwoord op een vraag van presentator Kefah Allush zegt hij dat hij de dood graag te vriend houdt en hoopt dat hij geen lang ziekbed krijgt. Hij maakt grapjes met Kefah en lacht als hij zegt dat hij zichzelf wel een leuke man vindt. Achteraf herken ik de ernstige ondertoon hierbij. “Vind je me wel een leuke jongen?” vroeg hij mij bijna dagelijks. Zo wilde hij zich overtuigen van mijn liefde voor hem. Op mijn beurt raakte ik elke dag vertederd door zijn liefde voor mij.Twee weken voor zijn dood waren we in Nijmegen. Hij hield van Indisch eten en reserveerde een tafel bij Emmy Indonesisch Specialiteiten Eethuis. 

Eethuis bleek een toepasselijke naam voor de omgebouwde huiskamer met tafels voor 24 personen, waar traditionele Indonesische gerechten op het menu staan. De gasten keken even op toen wij binnenkwamen. Een enkeling fluisterde onze namen, anderen ­knikten. Niemand zei iets – tot Joost zich verslikte in een grote garnaal uit de sambal goreng udang. Een man aan de tafel naast ons snelde toe. Hij zei dat hij arts was en hielp hem er weer bovenop. De eetlust was Joost vergaan, maar hij stond des te meer open voor een praatje met de arts en zijn ­gezelschap. Andere gasten mengden zich nu ook in het gesprek en haalden met plezier herinneringen op aan zijn tv-carrière.  Het viel me op dat de man en de vrouw aan de tafel voor ons stil bleven. De vrouw scheurde een stukje van haar rekening af en begon te schrijven. 

Nadat iedereen weg was, stond ze op en legde het gevouwen papiertje naast mijn bord. Ik knikte naar haar en las toen wat ze geschreven had. “Ik wilde jullie niet lastigvallen. Maar u Joost P. was mijn jeugdheld en u Noraly B. mijn geliefde nieuwslezeres. Super!! Lieve groet, Therese.” Toen ik opkeek was ze al verdwenen. Ik heb haar nooit meer gezien. Ik vraag me af of Therese ooit naar De kist heeft gekeken. Of ze heeft gelezen wat Joost in 2016 op het hout schreef: ‘Hij is leeg. Hopelijk nog lang.’

Het is 2026 en hij is er niet meer.

Auteur 

Reactie toevoegen

Comment

  • Web- en e-mailadressen worden automatisch naar links omgezet.
  • Regels en alinea's worden automatisch gesplitst.