Yvonne Kroonenberg (72) is schrijver en psycholoog. Ze schrijft maandelijks in Plus over relaties in brede zin
Ruim vijf jaar heeft mijn lieve vriend voor zijn demente ouders gezorgd, tot het niet meer ging. Het was geen kalme afdaling. De eerste jaren waren moeilijk doordat zijn ouders geen enkel inzicht hadden in hun ziekte. Ze wilden geen hulp, geen thuiszorg. “Ga maar voor oude mensen zorgen!” riepen ze door de brievenbus, wanneer er een hulpverlener aanbelde.
Yvonne Kroonenberg (72) is schrijver en psycholoog. Ze schrijft maandelijks in Plus over relaties in brede zin.
“Wij redden ons prima.” Dat was niet zo, ze legden sokken in de ijskast, aten vijf toetjes achter elkaar op en gaven het broodje dat hun zoon voor hen had klaargemaakt aan zijn hond. Mijn vriend werd steeds vaardiger in de huishouding en wist rampen te voorkomen. Dat vereiste discipline. Hij kon alleen even weg als zijn ouders sliepen. Uiteindelijk moest hij het opgeven. Zijn moeder werd steeds angstiger, kwam ’s nachts haar bed uit en liet zich niet meer geruststellen of troosten. Ze werd opgenomen in een verpleeghuis. Zijn vader had weer een andere vorm van dementie, één die ontremming teweegbracht. De meeste onwelvoeglijke handelingen kon mijn vriend wel voorkomen, maar op den duur lukte dat niet meer. De thuiszorg kon de man ook niet meer aan. Hij moest worden opgenomen, maar hij weigerde alle medewerking.
“Klootzak!” riep hij tegen zijn zoon en ook de zachtmoedige hulpverleners die waren gekomen om hem op te halen, schold hij uit. Er kwam politie aan te pas, heel lieve politie. Een van de twee agenten zuchtte: “Ach, meneer u wilt toch niet dat wij geweld moeten gebruiken?” Daarbij legde hij zijn hand even op het wapen dat hij aan zijn riem droeg. Dat hielp. De vader liet zich gedwee meenemen en in zijn nieuwe onderkomen ging hij tevreden voor het raam zitten en keek naar buiten. Af en toe probeerde hij de verzorgsters te grijpen, maar die ontweken hem handig. Hij was zeker niet de enige patiënt die zijn goede manieren was vergeten. Het hele probleem van de ontremming verdween toen hij een pop kreeg. Dat gebeurt wel vaker op de afdelingen van verpleeghuizen waar demente bewoners geestelijk diep in lala-land verblijven. ‘Mijn kleindochter’, noemt hij de pop en hij is de hele dag met haar bezig.
Terwijl de verpleging hem wast, wast hij zijn pop en alles verloopt zonder problemen. De pop slaapt in zijn armen en als hij bezoek krijgt, fluistert hij: “Zachtjes praten, de kleine meid slaapt!”“Het is een wonder,” vertelde mijn vriend, “mijn vader is helemaal veranderd. Hij is nu weer zoals vroeger, toen mijn zus en ik klein waren, een schat van een vader. En zoals hij later een lieve opa was. Hij maakte fruithapjes klaar voor de kinderen van mijn zus, hij speelde met ze, hij verschoonde ze, als dat nodig was.Er lopen meer bewoners van het verpleeghuis met een kinderwagen rond. Mijn vriend kwam een man tegen die een buggy duwde waar een pop scheef in hing. “Kijk uit!” riep mijn vriend onwillekeurig, “straks valt de baby!” De man keek boos naar de pop en gaf hem een harde tik. “Zojuist kroop hij er ook al bijna uit, dat rotjong!” Niet elke pop heeft het getroffen.
U leest een gratis artikel uit Plus Magazine.
Op Plusonline.nl bieden we iedereen de kans gratis kennis te maken met Plus Magazine. Hét maandblad bomvol informatie en inspiratie. Maar deze artikelen, dossiers en columns maken kost veel tijd en geld. Wilt u meer? Overweeg dan ook een abonnement op Plus Magazine.