Dingen uit onze jeugd die nu écht niet meer kunnen

Langs de snelweg picknicken. Roken in huis en een draai om je oren op school. Het zijn allemaal zaken die we ons nu nauwelijks meer kunnen voorstellen, maar die in onze jeugd de normaalste zaak van de wereld waren. Wie weet het nog?

Bermtoerisme

Bermtoerisme was vanaf de jaren ’50 razend populair. Picknicken met het hele gezin, in de berm langs de snelweg. Klapstoeltje en thermoskan erbij. Het langsrazende verkeer deerde de bermtoeristen niet, ze vonden het juist gezellig. En trouwens, zo hard gingen de auto’s toen nog niet.

Plus Magazine Tijdmachine

Krijgt u geen genoeg van de nostalgische verhalen en herinneringen? Word nu lid van de Plus Magazine Tijdmachine groep op Facebook en ga samen terug naar toen!

Zonder gordel in de auto

Op de achterbank zat je met je broers en zusjes, zonder gordel. Het liefst in het midden, want dan kon je nog lekker tussen je ouders door, de radio aanzetten. Als de auto te klein was voor alle kinderen, moest er één op de grond zitten, op de ‘drempel’ tussen de twee stoelen. Wat er zou gebeuren bij een botsing, daarover dachten we niet na.

Straf op school

Kwetsbare kinderzieltjes, daar deden ze vroeger niet aan. De meeste onderwijzers waren best streng, als je er nu op terugkijkt. Wie ondeugend was kreeg een draai om zijn oren, moest in de hoek staan, werd op de gang gezet of moest nablijven. Of strafregels schrijven. Vijftig keer ‘Ik mag niet praten onder de les’. Op de meeste scholen van nu worden dit soort straffen niet meer gegeven. Er wordt meer gepraat met de leerlingen: “Wat is er met je aan de hand? Gaat het wel goed met je?”

Jasschort

Moeders droegen vroeger een jasschort. Dat was een schort die hun kleren bijna helemaal bedekte, zodat die niet vies werden. Je moeder droeg het jasschort bijna de hele dag. Pas als ze naar buiten ging, ging het jasschort uit. Maar bij een kletspraatje op straat met de buurvrouwen, hield ze het aan. Want die droegen immers óók allemaal een jasschort.  

Echte kaarsen in de kerstboom

Vroeger was het de normaalste zaak van de wereld om échte kaarsen te branden in de kerstboom. Een beetje eng was het wel, maar ook heel sfeervol en mooi met die flakkerende lichtjes. Natuurlijk stond er een emmer water pal náást de boom, of op z’n minst een natte spons op een stok of een emmer zand. Meestal ging het goed, maar het was wel altijd opletten geblazen. Wie weet het nog?

Sigarenbandjes sparen

Er was altijd wel een oude oom of een buurman die sigaren rookte. En dat leverde de mooiste sigarenbandjes op die je zelfs in een speciaal album kon inplakken. Veel rood en bladgoud en portretten uit de geschiedenis van Amerika. De geur van sigaren bleef nog jarenlang in je album hangen. Herinnert u het zich nog? Wat was uw favoriete merk?

Roken in huis

Dat roken niet goed voor je was, is pas langzaam doorgedrongen. Vroeger stonden op verjaardagen de sigaretten pontificaal klaar op tafel, net als de chips en de taart. Maar ook buiten de verjaardagen werd er in huis flink doorgepaft. Kinderen of geen kinderen. Je wist niet beter en voor velen is de geur van sigaretten of sigaren nog altijd een vertrouwde, veilige geur uit je jeugd.

Je moeder wist niet waar je was

In onze jeugd waren er geen mobieltjes. Dus als je de straat op ging, wist niemand waar je was en was je bovendien onbereikbaar. Dat was de normaalste zaak van de wereld. Je speelde met de buurkinderen en je ging ravotten in het park of het bos. Je was bezig en druk. En als het etenstijd was, kuierde je richting huis. Handen wassen en aan tafel. En ’s avonds wéér de straat op, tot het te donker werd.