Het einde van de Telefoongids

Weet u nog hoe u vroeger toch even uw eigen naam opzocht in de nieuwe Telefoongids? Of hoe uw kinderen door de flinterdunne velletjes bladerden, op zoek naar het telefoonnummer van hun idool? Helaas, die iconische Telefoongids wordt dit jaar voor het laatst gedrukt. Een terugblik.

Het was te verwachten en misschien had het zelfs wel wat eerder mogen gebeuren. Want zeg nu zelf: pakt u het telefoonboek er nog bij als u het telefoonnummer van de garage of de bloemist nodig heeft? Waarschijnlijk niet: uit onderzoek bleek onlangs dat nog maar 2 procent van de Nederlanders de Telefoongids met enige regelmaat uit de kast trekt.

Telefonistes

In ons land verscheen de eerste Telefoongids in 1881. Het boek telde 49 nummers, meer abonnees waren er toen nog niet. Dat aantal nam razendsnel toe: in 1915 waren er al 75.000 mensen met een telefoonaansluiting. Met die groei nam ook het aantal pagina’s van het telefoonboek toe: in 1915 waren het er 758. Het was nog de tijd dat je de landelijke telefoongidsen alleen op het postkantoor kon raadplegen. En als je iemand wilde spreken, belde je met een telefoniste die de verbinding vanachter haar immense schakelbord tot stand bracht. 

Netnummers

Omdat het aantal telefoonabonnees hand over hand toenam, werden de telefoonnummers ook langer. De eerste mensen met een telefoonaansluiting konden nog een nummer hebben dat uit slechts een of twee cijfers bestond. In 1915 kregen de eerste Amsterdammers echter al nummers bestaande uit vijf cijfers en in 1930 werd het netnummer ingevoerd. Abonnees in de grotere plaatsen konden zodoende zonder tussenkomst van een telefoniste met elkaar bellen.

De nabije toekomst zag er zelfs nog veel fraaier uit, schreef de Delftsche Courant op 7 februari 1935, ‘Zodoende zal in de toekomst het heele interlocale verkeer voor 85 % vol-automatisch kunnen geschieden.’

Automatisering

Als gevolg van de oorlog duurde het uiteindelijk tot mei 1962 voor de telefonistes en hun schakelborden daadwerkelijk verdwenen. Bijna dan toch, want er bleven nog zo’n vijftienhonderd ‘opgewekte telefoondames’ in dienst om, zoals het Algemeen Handelsblad schreef: ‘… te bemiddelen bij internationale gesprekken, inlichtingen te verschaffen en klachten aan te horen.’ Hiermee was Nederland - na Zwitserland - het tweede land ter wereld dat een volledig geautomatiseerd telefoonnet had.

Van ongevraagd naar gevraagd

Begin jaren 50 werd de Telefoongids een boekwerk dat elke telefoonabonnee thuis ontving. Het hoogtepunt van de verspreiding lag in de jaren 80: toen werden er maar liefst zeven miljoen gidsen gedrukt en door de postbode thuisbezorgd.

Met de komst van het internet veranderde het zoekgedrag van mensen. Steeds meer informatie was eenvoudig online te vinden en steeds meer mensen vonden die dikke gids onzin en pure papierverspilling. Internetondernemer Alexander Klöpping nam uiteindelijk het voortouw. In 2012 lanceerde hij een website waarop je kon aangeven dat je de gids niet langer wenste te ontvangen. Niet veel later besloot de verspreider van de gids - het bedrijf DTG - om de Telefoongids alleen nog op aanvraag te versturen. En nu, in 2018, rollen de laatste telefoonboeken van de pers. De allerlaatste exemplaren worden in december 2018 in Enschede verspreid.

Cursussen en nummerinformatie

Aan de verstokte gebruikers van de Telefoongids heeft DTG ook gedacht. Bij Seniorweb vindt u een speciale pagina over zoeken via de online Telefoongids. Daarnaast gaan DTG en Seniorweb samen het land in om mensen te leren online een telefoonnummer te zoeken. Verder blijft het telefoonnummer 1819 nummerinformatie gewoon bestaan. Let hierbij wel op: de kosten voor het bellen met 1819 bedragen € 1 per minuut, en die teller loopt door als u zich via 1819 laat doorverbinden. Het is dus slimmer het telefoonnummer even op te schrijven en zelf te bellen. 

Bron(nen):