Pluslezers over hun eigen Hippie Trail

Per bus, camper, auto, boot, trein, al of niet liftend, trokken mensen in de jaren 60 en 70 richting India, Nepal en Afghanistan. En aan die reis bewaren ze nog steeds de beste herinneringen.

'Voor geen goud willen missen'

“Mijn (inmiddels ex-)man Nico en ik zegden in 1978 onze baan op en vertrokken met de Magic Bus naar Turkije. In Kusadasi ontmoetten wij Mustafa, die ons meenam naar zijn familie in een dorpje hoog in de bergen. De ontvangst was hartverwarmend. Er werd een haan geslacht en ik werd tot een echte Turkse omgekleed. Samen met Mustafa reisden we verder naar Afghanistan. Na het passeren van de Iraans-Afghaanse grens kwamen de waterpijpen tevoorschijn. Er werd luidkeels ‘hasjiesj, hasjiesj’ en ‘this is ­Afghanistan’ geroepen. Een geweldige inwijding! Nadat iedereen was uitgeblowd, gingen we verder, totaal relaxed. Al met al zijn we van ons spaargeld van 15.000 gulden een jaar weggeweest. Een fantastische ervaring, die ik voor geen goud had willen missen.” Karin de Frankrijker (61), Nieuwkoop

'Nederig en dankbaar werd ik ervan'

“Een echte hippie was ik niet, maar idealen had ik wel. De Hippie Trail heb ik in 1968-1969 als 20-­jarige afgelegd. Ruim een week heb ik in de grotten van het hippiedorp Matala op Kreta gewoond, en later een tijdje in Goa (India), ook zo’n hippieplek. De wiet en hasj waren volop verkrijgbaar, maar zelf heb ik niet of nauwelijks gebruikt – ik was meer een toeschouwer. Het was een unieke reis, op een uniek tijdstip: geen oorlogen of opstanden, ik leefde van één dollar per dag. Van veel mensen langs de route heb ik portretten gemaakt, als herinnering of als dank voor een overnachting of een maaltijd. De reis heeft mij nederig en dankbaar gemaakt.” Ellen Heutink (64), Oldenzaal

'De mooiste reis van ons leven'

“Nadat wij in 1972 afgestudeerd en getrouwd waren, maakten we met een VW-kampeerbusje een tocht naar India en Nepal. In een half jaar legden we zo’n 30.000 kilometer af. Op het imperiaal lagen vier reserve­banden. Door de erbarmelijk slechte wegen hebben we die ­allemaal tot op de draad versleten. We hadden onze reis goed voor­bereid en zijn ook niet ziek geweest, in tegenstelling tot veel andere ­reizigers die we tegenkwamen. Na de drukte en opdringerigheid van India was Nepal een verademing. Het natuurschoon van de Himalaya en de vriendelijke bewoners waren een hoogtepunt. We hebben inmiddels alle continenten van de wereld gezien, maar deze reis – waarin we ons pionier en avonturier waanden – is nog altijd de mooiste reis van ons leven.” Cees (64) en Jeannette Lodiers (65), Wageningen

'De ware hippie was Jezus Christus'

“In 1973 vertrok ik op 21-jarige leeftijd ­vanuit Gouda op mijn motorfiets richting Israël. De kibboets leek mij het ware ­ideaal. In ruil voor werk kreeg je eten en drinken en een gratis overnachting. Toen ik hoorde dat er vlak bij de kibboets opnamen werden gemaakt voor de film ‘Jesus Christ Superstar’ meldde ik mij aan als figurant. Men was net bezig met de opnamen waarbij Jezus voor ­Pilatus werd gebracht en de ­menigte ‘Crucify!’ moest schreeuwen. Dat heb ik toch maar niet gedaan.
Ik ging naar India, naar het land van de wijsheid, om de waarheid te zoeken. Maar ik kreeg er dysenterie. Aan de voet van de Himalaya logeerde ik zeven weken bij een groep hippies – barmhartige samaritanen – om aan te sterken. Daar ontmoette ik Peter Lane en zijn vrouw. Zij wezen me op de ware ­hippie Jezus Christus. Door hen ben ik een echte christen geworden.” Maurits Tompot (60), Gouda

'Ik reisde zelfs per tractor'

“Liftend ging ik in 1974 via Zagreb, Belgrado, Skopje en Thessaloniki tot aan de Turkse grens. Vandaar per tractor en bus naar Istanbul. Het contact met thuis verliep per brief. Later heb ik alle brieven weer van mijn moeder teruggekregen. Zo schreef ik: ‘We zijn met de bus uit Istanbul vertrokken en rijden door de bergen van Oost-Turkije. Er ligt sneeuw. ’t Is erg gezellig, maar we hebben een Afghaanse chauffeur die de verkeersaanwijzingen niet kan lezen.’ En later vanuit New Delhi: ‘Ik reis nu samen met een Canadees, een Nigeriaan, een ­Engelsman, twee Spanjaarden en iemand uit Fiji.’ Ik ben zo’n twee maanden onderweg geweest. Toen ging ik weer naar huis om theologie te studeren.” Jan Kaptein (62), Maarssen

Foto: Timeline.com