De dokter luistert 18 seconden

Maak een vragenlijstje

De dokter luistert 18 seconden...meer tijd heeft uw huisarts niet nodig voor de diagnose. Zorg dat u glashelder kunt uitleggen wat eraan scheelt en wat u van uw huisarts wilt.

Van de tien minuten die een consult bij de dokter meestal duurt, zijn de eerste achttien seconden misschien wel het belangrijkst. Méér tijd heeft de gemiddelde huisarts niet nodig om te beslissen wat de patiënt mankeert, blijkt uit Amerikaans onderzoek. Daarna schakelt de dokter in gedachten al over naar behandelingsmogelijkheden.

Hoe hou je de huisarts bij de les? Want als iemand z’n standpunt bepaalt, sluit hij of zij zich af voor andere signalen. Het gevaar van tunnelvisie ligt dan op de loer. Het is dus zaak dat u de eerste achttien seconden van het consult, en de tijd die u daarna nog rest, optimaal benut. 

Betere gesprekken
Eize Wielinga legt in zijn vorig jaar verschenen boek ‘Hoe overleef je de dokter’ stapsgewijs uit hoe je ervoor kunt zorgen dat de dokter je ook echt ziet staan. Wielinga, als keel-, neus- en oorarts verbonden aan het Rijnland Ziekenhuis in Leiderdorp, is vooral bekend als panellid in het avro-programma ‘Missers’ (over medische fouten) en van zijn columns voor BNR Nieuwsradio. Hij vindt dat er in de spreekkamer nog te veel fout gaat.

In zijn boek kiest hij partij voor de patiënt. Via een reeks praktische tips ‘leidt’ hij die op tot een verantwoordelijke en betere gesprekspartner voor de arts, zodat de patiënt maximaal kan profiteren van de hem toegemeten tien minuten in de spreekkamer.

Is zo’n boek wel nodig? Zijn wij de laatste jaren niet zó mondig en assertief geworden dat wij ons mannetje heel goed kunnen staan in de spreekkamer?

Je zou denken van wel. Maar uit ­onderzoek van het nivel (Nederlands instituut voor onderzoek van de gezondheidszorg) blijkt dat het erg tegenvalt met die mondigheid. De Nederlander stelt zijn huisarts over het algemeen maar weinig vragen: nog geen vier per consult. Dat is nog geen 2 procent van alles wat tussen arts en patiënt besproken wordt in de spreekkamer. Nederlandse patiënten zijn wat dat betreft minder mondig dan hun lotgenoten in België of Zweden. Komt dat misschien doordat wij de spreek­kamer al beter geïnformeerd binnenstappen en dus al niet veel meer hoeven te weten? Nee, constateert het nivel. Komt het dan misschien doordat de arts uit zichzelf al zoveel uitstekende informatie geeft dat de patiënt geen vragen meer hoeft te stellen? Nee, denkt Eize Wielinga. “Als er sprake is van miscommunicatie, dan ligt het vaak aan de dokter”, vindt hij. “De arts neemt zijn verantwoordelijkheid niet als meerdere van de patiënt. Hij slaagt er niet in productief te communiceren. Alles moet van de patiënt uitgaan, de arts doet zijn ding en laat de rest er maar bij zitten. Dat klinkt wat gechargeerd, maar op grond van de gevallen die wij bij ‘Missers’ moesten beoordelen, moet ik wel die conclusie trekken.’’

Wie meer aandacht wil van zijn huisarts, zal daar zelf z’n best voor moeten doen. Dat kan aan de hand van de volgende tips.

Bedenk vooraf wat u aan de assistente gaat vragenDe eerste horde die u moet nemen, is de doktersassistente die de afspraken noteert. Zij zal overtuigd moeten worden van de noodzaak van een afspraak. Stel uzelf van tevoren de vraag: kan ik het met de assistente af (bijvoorbeeld voor het afhalen van een herhaalrecept of het opnemen van de bloeddruk) of moet ik de huisarts zien? Wil ik snel een afspraak, heb ik echt haast en hoe maak ik dat duidelijk, of kan ik ook de volgende week langskomen? Heb ik hoofdpijn en wil ik pillen omdat ik morgen moet werken? Of is deze hoofdpijn voor mijn gevoel niet normaal en denk ik dat er meer aan de hand is? Als u niet snel aan de doktersassistente duidelijk kunt maken wat u van de huisarts verwacht, neemt zij het gesprek over – en dan ontstaat vaak het eerste gevoel van onvrede. 

Maak een vragenlijstje
Is een afspraak eenmaal gemaakt, dan is het handig om een lijstje met vragen of aandachtspunten mee te nemen naar uw gesprek met de huisarts. Vaak krijgt u in de spreekkamer al zoveel informatie dat vragen die u vooraf belangrijk vond er toch bij inschieten. Werk uw vragenlijstje tijdens het spreekuur punt voor punt af. Zorg dat u antwoord krijgt op ál uw vragen. Zeg gerust ook bij het afscheid: stel dat ik nog iets wil weten, hoe kan ik u dan bereiken?

Maak slim gebruik van internet
De helft van de patiënten die naar hun huisarts gaan, heeft eerst rondgesnuffeld op internet. Ook huisartsen vinden het langzamerhand normaal dat ze een patiënt tegenover zich krijgen die alles over zijn symptomen al bij elkaar gegoogeld heeft. Gebruik internet om informatie te verzamelen en vragen te kunnen stellen tijdens het spreekuur. Maar realiseer u wel dat veel informatie op internet niet klopt en bovendien niet op uw situatie van toepassing is of gedateerd is. Betrouwbare informatie is te vinden bij de patiëntenverenigingen en op websites als www.kiesbeter.nl, www.apotheek.nl en www.ggdgezondheidsinfo.nl. Ook websites van ziekenhuizen en huisartsen zijn betrouwbaar.

Vraag uw arts wat goede websites zijn om meer over uw aandoening te weten te komen. Ga liever niet bewapend met grote stapels printjes van websites naar uw arts; uw arts zal toch echt zelf willen vaststellen wat eraan scheelt. Probeer ook niet zelf een diagnose te stellen, want u bent niet opgeleid om medische informatie op juiste wijze te duiden. Bovendien maakt u zich mogelijk zorgen om niets.

Stel uw vragen per e-mail
Korte, informatieve vragen die uw arts met ‘ja’ of ‘nee’ kan beantwoorden, kunt u per e-mail stellen. Vraag bij een consult daarom altijd om het e-mailadres van de dokter. U hebt bijvoorbeeld te horen gekregen dat u diabetes hebt en vraagt zich thuis af of u nu nooit meer een boterham met suiker mag eten. Of u hebt een aanvullende vraag op voorgeschreven medicatie. Krijgt een arts veel vragen in één e-mail, dan zal hij waarschijnlijk besluiten dat het zinvoller is om de patiënt nog eens op het spreekuur te vragen. Verzoeken om een recept of om medicatie zal een arts nooit zonder meer per e-mail beantwoorden. Stel dat u bijvoorbeeld last hebt van geïrriteerde ogen en u vraagt per mail om een oogzalfje, dan zult u tóch voor het spreekuur worden uitgenodigd. Om een goede diagnose te kunnen stellen, moet de arts de patiënt ook kunnen zien, want achter schijnbaar kleine symptomen kunnen grote kwalen schuilgaan. Uw gezichtsuitdrukking, of u bleek ziet, hoe u erbij zit: het zijn allemaal dingen die een huisarts veel informatie opleveren, die hij aan de telefoon of via de mail niet krijgt. 

Maak eventueel een dubbel­afspraak
Een consult bij een huisarts duurt standaard tien minuten. Jongeren hebben vaak de neiging om vragen en klachten te stapelen voordat zij naar hun dokter stappen. En ouderen hebben vaak meer problemen tegelijk. In beide gevallen is tien minuten niet genoeg. Een goede huisarts zal samen met u bepalen welke problemen voorrang krijgen en direct moeten worden aangepakt. Voor de andere minder urgente klachten kan altijd nog een vervolgafspraak worden gemaakt. Wie rustig en uitgebreid met de huisarts wil overleggen, kan altijd een dubbel­afspraak maken. Dan wordt in de agenda ruimte gemaakt voor een consult van twintig minuten. Zo’n afspraak kan bijna nooit op korte termijn gemaakt worden. Het is dus zaak om een dubbelafspraak tijdig vast te leggen. Ernstige problemen kunnen altijd wél snel en apart in het gewone consult aan de orde komen. 

Neem iemand mee naar het consult
Wie hardhorend is of een slechtnieuwsgesprek verwacht bij de huisarts, doet er goed aan een bekende als vertrouwenspersoon mee te nemen. Uit verschillende onderzoeken blijkt dat bij een slechte diagnose een patiënt kan dichtklappen, waardoor hij de informatie ná de diagnose niet meer opneemt. En hoe zieker iemand is, hoe moeilijker het voor hem wordt zijn eigen belangen goed te verdedigen en ook alle aandacht te vragen die hij op dat moment verdient. Een vertrouwenspersoon kan een deel van die rol overnemen en later in alle rust met de patiënt op het gesprek terugkomen. Een goede arts zal nooit weigeren om een familielid of vriend toe te laten bij een gesprek met zijn patiënt. Integendeel. Vaak is het voor een arts juist prettig als er iemand bij het gesprek zit die emotioneel wat meer afstand kan nemen. Ook als er een diagnose moet worden gesteld. 

Oefen thuis in kort en bondig praten
Tot slot: is het nou zo slecht gesteld met de aandacht van de huisarts? Nee, is de indruk van veel patiëntenverenigingen. Over het algemeen zijn patiënten juist heel tevreden over hun huisarts. En de laatste jaren wordt in de opleiding voor huisartsen zeer veel aandacht besteed aan de wijze van communiceren; zo’n 20 tot 30 procent van de opleidingstijd wordt hieraan besteed. Er is een nieuwe lichting huisartsen gekomen die speciaal getraind is op het zorgvuldig luisteren. Maar de patiënt kan zelf ook veel doen als het gaat om het verbeteren van de kwaliteit van de gesprekken in de spreekkamer. Gaat u binnenkort naar uw huisarts? Oefent u eens het volgende: vertel kort en helder wat u mankeert en wat u van uw dokter verwacht.

En dat dan in achttien seconden...

Bron(nen):
Trefwoorden: