Dat mijn moeder dit nu óók moet gaan doormaken, doet me echt pijn aan mijn hart
Ik heb mijn moeder helpen verhuizen naar een zorginstelling, of beter gezegd: naar een ‘residentie’, zoals dat tegenwoordig veel sympathieker heet. Maar sympathiek of niet, het was een van de moeilijkste dingen die ik in mijn leven heb moeten doen. Eind november heeft mijn moeder de diagnose dementie gekregen en hoewel ik het al langer vermoedde, wilde ik het eigenlijk niet weten.
Daphne Deckers Schrijfster, actrice en presentatrice doet verslag van haar drukke leven.
Ik ben mijn vader zeven jaar geleden verloren aan de gevolgen van dementie. Dat mijn moeder dit nu óók moet gaan doormaken, doet me echt pijn aan mijn hart. Afgelopen feestdagen was ik al mijn kerstspullen aan het opruimen en sorteren, want waar mijn man Richard dingen koopt volgens het principe ‘één in, één uit’ ben ik meer van ‘tien in, geen uit’. Tussen alle dozen kwam ik een zorgvuldig ingepakt aardewerken kerststalletje tegen dat ik ooit van mijn moeder kreeg. Ik zette het al jaren niet op, omdat ik bang was dat mijn kinderen of de hond het omver zouden maaien.
Maar dit keer zou mijn moeders cadeau een ereplaats krijgen. Voorzichtig pakte ik de mooi beschilderde poppetjes uit, de schattige dieren, de drie koningen, de lieve kerst-engel. En toen liet ik Maria uit mijn handen vallen. Tranen met tuiten heb ik gehuild. Hoe bestáát het dat ik iets jarenlang netjes bewaar en het dan kapot laat vallen? En dan ook nog de moederfiguur! En er ging al zoveel kapot. Het feit dat mijn moeder niet meer thuis kon wonen. Dat haar geheugen steeds verder achteruitgaat. Dat we moesten uitzoeken wat er meeging naar haar zorgstudio, en wat moest achterblijven. Dat ze per se al haar boekenkasten vol met tientallen boeken mee wilde nemen, en trots tegen iedereen in haar nieuwe woonomgeving zei: “Ja, ik ben een echte lezer”, terwijl ze zich eigenlijk niet meer zo goed kan concentreren. Tranen, tranen. Zoveel tranen. De residentie waar ze nu woont is erg mooi. De mensen die er werken zijn geweldig. Maar soms belt mijn moeder me op, dan vertelt ze me samenzweerderig dat ze erover denkt om de bus naar huis te nemen. Dan denk ik aan haar leeggehaalde huis, en word ik weer zo verdrietig. Hoe zal het verder met haar gaan?
Toen we de kasten aan het uitruimen waren, kwam ik een envelopje tegen met daarop in het handschrift van mijn moeder: zaadjes van Daphnes trouwboeket. Mijn moeder was blij verrast dat ik het had gevonden. “Ik heb jouw boeket destijds gedroogd,” zei ze, “maar ik kon het envelopje niet meer vinden. Nu kun je ze planten!” “Zouden die zaadjes het nog doen?” vroeg ik. “Gewoon proberen,” zei ze, “je weet nooit wat voor moois er nog kan groeien.”
Reactie toevoegen