Schuurtje bouwen? Denk aan de regels!

Geen vergunning nodig, of toch wel? Zijn de buren akkoord? Check de regels vóór u gaat bouwen, om narigheid achteraf te voorkomen.

Een schotelantenne bevestigen aan de achtergevel is geen probleem. Aan de voorgevel is altijd een vergunning nodig. Een serre aan de achtergevel is meestal ook toegestaan, al gelden er regels wat betreft hoogte, diepte en afstand tot de buren en de openbare ruimte. Hetzelfde geldt voor een schuur of garage in de achtertuin: een vergunning is niet nodig, als u zich maar aan de regels houdt.

Vergunningvrij aanbouwen

Een gebouw dat aan de woning vastzit heet een aan- of uitbouw. Voorbeelden zijn een serre, bijkeuken, garage of carport. Voorwaarde voor een aan- of uitbouw is dat die in directe verbinding staat met de woning. Is het gebouw alleen van buitenaf bereikbaar, dan heet het een bijgebouw, waarvoor iets andere regels gelden.

Dit zijn de regels:
Wie zich aan de volgende regels houdt, mag zonder vergunning aan de slag met een aan- of uitbouw in de achtertuin.
• Bouw maximaal één woonlaag op de grond. Voor bouwen op het dak van een andere woonlaag is een vergunning nodig.

• Vergroten van het woongenot moet het doel van de aanbouw zijn. Dat klinkt misschien logisch, maar het sluit uit dat u een winkel begint in het kersverse optrekje.

• Houd minimaal een meter vrij tussen de uitbouw en de openbare weg of het openbare groen. Hebt u een hoekhuis, dan mag u soms ook vergunningvrij aan de zijkant uitbouwen. Voorwaarde is dat uw zijerf niet grenst aan de weg of het openbaar groen. Bovendien moet u een meter vrijhouden tussen de aanbouw en het voorerf en tussen de aanbouw en het erf van de buren.

• Maak de aanbouw niet hoger dan vier meter.

• De aan- of uitbouw mag niet meer dan 25 centimeter uitsteken boven de eerste verdiepingsvloer. Boven het complete huis uitsteken mag helemaal niet. Verder mag de aanbouw niet dieper zijn dan 2,5 meter, gemeten vanaf de gevel waar tegenaan is gebouwd.

• Het eindresultaat mag niet zijn dat uw tuin voor meer dan de helft is volgebouwd, een eventueel schuurtje dat er al stond meegerekend.

• Houd u aan het bouwbesluit, waarin minimale technische eisen voor de bouw zijn vastgelegd, bijvoorbeeld op het gebied van veiligheid en energiezuinigheid. Voor leken zijn de regels in het bouwbesluit moeilijk te begrijpen. Vraag zo nodig advies aan een architect, bouwkundige of aannemer. Kijk op www.vrom.nl/bouwbesluit voor meer informatie.

• Zorg dat uw bouwwerk er fatsoenlijk uitziet. De welstandscommissie beoordeelt het plan niet vooraf, maar als het resultaat niet om aan te zien is, kunt u wel worden gedwongen het af te breken.

• Bouw alleen vast aan een permanent woonhuis dat geen monument is. Ook voor aanbouwen aan een recreatiewoning of een beschermd stadsgezicht is altijd een vergunning nodig.

Vergunningvrij bijbouwen

De regels voor een los bijgebouw of een losse overkapping lijken erg op de regels voor aanbouwen. Verschillen zitten ’m in de maximale hoogte en het maximale oppervlak. Als u zich houdt aan deze regels voor bouwen in de tuin, hoeft u geen vergunning aan te vragen.

• Bouw maximaal één bouwlaag op de grond, niet op een ander gebouw.

• Doel van het bijgebouw is het vergroten van het woongenot.

• Houd minimaal een meter vrij tussen de uitbouw en de openbare weg of het openbaar groen.

• Hebt u een hoekhuis, dan mag u soms ook vergunningvrij aan de zijkant bijbouwen. Voorwaarde is dat uw zijerf niet grenst aan de weg of het openbaar groen. Bovendien moet u een meter vrijhouden tussen het bijgebouw en het voorerf.

• Neemt het bijgebouw 10 m2 of meer in beslag, houd dan ook een meter vrij tot het erf van de buren.

• Bouw niet hoger dan drie meter.

• Het eindresultaat van uw bouwplannen mag niet zijn dat uw tuin voor meer dan de helft is volgebouwd, een eventueel schuurtje dat er al stond meegerekend.

• Het totaal aan bijgebouwen of overkappingen mag maximaal 30 m2 in beslag nemen.

• Zorg dat uw bouwwerk er fatsoenlijk uitziet.

• Bouw niet bij een recreatiewoning, monument of beschermd stadsgezicht.

Lichte vergunning

Als uw plannen niet binnen de regels voor vergunningvrij bouwen passen, bent u verplicht een vergunning aan te vragen bij de gemeente. De gemeente beoordeelt dan of uw plannen voldoen aan het bestemmingsplan, de bouwverordening, het bouwbesluit en de welstandsnota. Als uw plannen maar een klein beetje afwijken van de regels, volstaat vaak een lichte vergunning. Dat geldt bijvoorbeeld als de maten iets groter zijn of als u dichterbij de buren of bij het openbaar groen wilt bouwen dan de regels voor vergunningvrij bouwen voorschrijven.

Ook voor een bijgebouw tussen de 30 en de 50 m2 is in de regel een lichte bouwvergunning nodig, al mogen gemeenten hiervan afwijken door een groter oppervlak vergunningvrij te maken. Een belangrijk voordeel in vergelijking met een reguliere vergunning is dat de welstandscommissie er bij een lichte vergunning niet aan te pas komt. Ook is de beslistermijn voor een lichte vergunning korter: maximaal zes weken in plaats van twaalf.

Op de website van het ministerie van VROM kunt u door middel van het beantwoorden van vragen nagaan of voor uw bouwplan een vergunningsplicht geldt. Zie: www.vrom.nl/bouwvergunningen_online

Slopen of kappen?

Vergunningvrij bouwen is één ding, vergunningvrij slopen en kappen iets anders. Moet er worden gesloopt en komt er minimaal 10 kubieke meter sloopafval vrij, dan hebt u hier over het algemeen toestemming voor nodig van de gemeente. De verwijdering van asbest mag nooit zonder vergunning. Kappen van bomen in uw eigen tuin gaat ook niet altijd zomaar. De regels hiervoor zijn per gemeente verschillend. Sommige gemeenten laten tuineigenaren zelf bepalen wat ze kappen, andere gemeenten stellen eisen aan de leeftijd, de omvang en/of de soort boom.

Omgevingsvergunning

Hebt u meer dan één vergunning nodig, bijvoorbeeld een bouw- én een sloopvergunning, dan moet u hiervoor verschillende procedures doorlopen. Voor sloopvergunningen zijn weer andere formulieren nodig dan voor kapvergunningen en met een beetje pech hebt u ook nog een milieuvergunning of een uitritvergunning nodig. Per 1 juli gaat dat trouwens veranderen. Vanaf die datum bestaat er nog maar één vergunning: de omgevingsvergunning. Deze kunt u bij de gemeente aanvragen door middel van een eenduidige procedure, die alle vereiste toestemmingen in één keer regelt.

Er kleeft een maar aan dit verhaal: de invoeringsdatum van 1 juli kan nog opschuiven als de automatisering niet op tijd klaar is. Hebt u verschillende vergunningen nodig, dan loont het de moeite om bij uw gemeente na te vragen of u er inderdaad per 1 juli terecht kunt voor het aanvragen van een omgevingsvergunning.

De buren hebben rechten

Bouwen op grond van de buren mag niet. Dat lijkt logisch, maar toch gebeurt het vaak. Bij de aanbouw van een serre bijvoorbeeld ligt het voor de hand de scheidingsmuur tussen de ene woning en die van de buren door te trekken. In dat geval komt de serremuur voor de helft op grond van de buren te staan. Dat kunt u dus niet zonder toestemming doen. Bespreek uw bouwplannen dus met hen en vraag eventueel toestemming voor bouwen op hun grond.

Gaan ze akkoord, dan is het raadzaam dit te laten vastleggen bij de notaris. Dit heet het vestigen van een erfdienstbaarheid. Door deze akte zullen ook volgende eigenaren van het buurhuis op de hoogte zijn van de afspraken en zich hieraan conformeren bij de koop.

Zonder toestemming van de buren mag u de muur en bijbehorende fundamenten alleen maar op eigen grond bouwen.

Bouwen op grond van de buren gebeurt niet altijd expres. Waar mensen werken worden fouten gemaakt, en dat gebeurt helaas ook in de bouw. Zo kan het gebeuren dat een stukje muur per ongeluk toch op het perceel van de buren terechtkomt. Dat mag niet en de buren kunnen in dat geval dus eisen dat u de muur weer afbreekt. In de meeste gevallen komt het niet zo ver, omdat uw nadeel om de boel weer af te breken meestal groter is dan het nadeel van de buren dat ze een piepklein stukje tuin missen. De zaak is op te lossen door alsnog een stukje van het erf over te dragen of door vestiging van een erfdienstbaarheid. Het is redelijk dat u de buren hiervoor een schadevergoeding betaalt.

Met een aan- of uitbouw maakt u de woning groter. Staat de woning op gepachte grond, dan moet u mogelijk meer erfpacht betalen. U kunt dat terugvinden in de erfpachtvoorwaarden.

Muur of haag?

Voor een erfafscheiding is vrijwel nooit een vergunning nodig. Toch moeten ook muren en hagen tussen uw tuin en die van de buren aan regels voldoen. Soms zijn die regels gemeentelijk bepaald, bijvoorbeeld een maximale hoogte of een uniforme afscheiding in het geval van een nieuwbouwwijk. Laat de gemeente de bewoners vrij in hun keuze, dan zijn de bepalingen in het Burgerlijk Wetboek leidend. Hierin gaat het met name over afspraken maken met uw buren.

Allereerst zal duidelijk moeten zijn waar de erfgrens loopt. Meestal zult u het hierover samen met uw buren wel eens kunnen worden, maar bij onduidelijkheid kan een kaart van het Kadaster uitkomst bieden. Lukt het daarmee nog niet, dan kunt u tegen betaling de landmeter van het Kadaster de erfgrens laten aanwijzen. Als de eigenaren van beide percelen hierbij aanwezig zijn, is het probleem voor eens en voor altijd opgelost.

Vervolgens staat u voor de keuze: wordt het een schutting, een muur of een groene erfafscheiding? Het mooiste is het als u het samen eens kunt worden over een afscheiding op de erfgrens, waarvan u samen de kosten draagt. Lukt het echter niet om overeenstemming te bereiken, dan is de snelste oplossing een afscheiding op eigen grond te zetten, zodat ieder naar eigen smaak een schutting of een rij coniferen kan kiezen.

Eventueel kunt u proberen medewerking van de buren af te dwingen bij de rechter. Als u een schutting of muur wilt van maximaal twee meter hoog, kan de rechter uw buren dwingen hieraan mee te werken. De rechter zal echter nooit een groene afscheiding afdwingen. Wilt u dus per se coniferen maar uw buren niet, dan zit er niets anders op dan ze op eigen grond te planten.