Is een schenking of erfenis groter dan de vrijstelling, dan moet aangifte worden gedaan. Hoe gaat dat in zijn werk, en wat gebeurt er als je het niet doet of als je er te laat mee bent?
Aangifte erfbelasting
Vrij snel na het overlijden ontvangen erfgenamen een brief van de Belastingdienst met het verzoek om aan te geven wie de contactpersoon voor de Belastingdienst is. In de meeste gevallen is dat de langstlevende partner of een van de kinderen. Deze contactpersoon ontvangt uiterlijk binnen vier maanden na het overlijden een verzoek tot het doen van de aangifte erfbelasting wanneer de waarde van de nalatenschap hoger is dan de vrijstellingen. De erfgenamen kunnen ieder voor zich aangifte doen, maar dit hoeft niet. Als er een executeur is benoemd, doet die de aangifte erfbelasting.
De Belastingdienst ziet tegenwoordig het liefst dat de aangifte erfbelasting digitaal wordt gedaan. Liever op papier? Je kunt op belastingdienst.nl een papieren aangifteformulier downloaden. Hierna lees je puntsgewijs welke vragen en onderdelen van de aangifte aan de orde komen.
Een testament of niet
Een van de eerste vragen is: heeft de overledene een testament laten maken en bij wie. Is er een testament, neem dit er dan bij om veel verdere vragen te kunnen beantwoorden.
De erfgenamen
Er moet worden opgegeven wie erfgenaam is en voor welk deel. Dit kan een breukdeel zijn of een percentage. Geef ook aan voor welke erfgenamen aangifte wordt gedaan: alleen voor jezelf of ook voor de (andere) erfgenamen. Doe je alleen voor jezelf aangifte, dan moeten de andere erfgenamen zelf aangifte doen. Let op dat als alle erfgenamen genoemd zijn, er sprake is van de volle erfenis, dus 100 procent. Bij aangifte zijn de namen, adressen en BSN-gegevens van alle erfgenamen nodig.
Onroerende zaken
Had de overledene een eigen woning, dan moeten de erfgenamen de WOZ-waarde hiervan opgeven. Zijn andere erfgenamen dan de langstlevende de nieuwe eigenaar en vinden ze de WOZ-waarde te hoog, dan kunnen zij een lagere WOZ-waarde aanvragen. Voor de vaststelling van de waarde van serviceflats is vastgelegd dat deze gelijk is aan de waarde in het economisch verkeer op het moment van overlijden.
De inboedel
Van de inboedel moet je de waarde in het economisch verkeer opgeven. Dat is de waarde die deze goederen, zoals schilderijen, meubels en de auto, bij verkoop kunnen opleveren, oftewel de marktwaarde. De waarde van de inboedel is te bepalen door met de ogen van een opkoper te kijken. Het kan handig zijn om een opkoper uit te nodigen om een bod op de inboedel te doen en daar een verklaring van te vragen. Bewaar de kwitantie voor het geval het tot verkoop komt.
Kostbare spullen kun je laten taxeren. Dat geldt ook voor verzamelingen, zoals kunstvoorwerpen of zilver. Is er destijds een aparte verzekering afgesloten voor de verzameling, vergelijk dan de toen opgegeven (vervangings)waarde met de economische waarde van de verzameling. Een schilderij bij een kunsthandel heeft misschien wel €4000 gekost, op een veiling is de opbrengst vaak een fractie daarvan.
Bankrekeningen
De Belastingdienst weet welke bankrekeningen iemand heeft en wat eerder in box 3 is opgegeven aan bezittingen en schulden. Wordt een rekening vergeten, dan helpt de Belastingdienst graag om het geheugen op te frissen. Voor de aangifte erfbelasting is alleen de waarde van banksaldi op de dag van overlijden van belang.
Effecten
Van effecten moet je de waarde opgeven die ze hadden aan het einde van de handelsdag van de dag van overlijden. Vraag de bank of vermogensbeheerder naar deze waarde.
Vaak verkopen erfgenamen effecten zo snel mogelijk na het overlijden, zodat bij dalende beurzen de waarde niet achteruitgaat, terwijl ze toch de waarde bij overlijden moeten opgeven. Bij stijgende beurskoersen is er een mazzeltje.
Vraag: mag ik de gedaalde waarde van aandelen opgeven?De aandelen van mijn overleden vader zijn nu minder waard dan toen hij overleed. Mag ik die lagere waarde opgeven voor de erfbelasting? Nee. U moet de waarde opgeven zoals die op de sterfdag was. |
Kosten uitvaart
De kosten die gemoeid zijn met de uitvaart mogen voor de erfbelasting in mindering worden gebracht op de nalatenschap. Als iemand een uitkering van een polis ontvangt die de kosten van de uitvaart mede moet dekken, moet deze uitkering natuurlijk worden afgetrokken van de kosten die je aangeeft voor de erfbelasting.
Vraag: telt de waarde van de uitvaartverzekering mee?Mijn overleden echtgenoot had een verzekering afgesloten die de kosten voor de uitvaart dekt. Moet ik die uitkering optellen bij de nalaten-schap? Ja. Maar u mag ook de kosten van de uitvaart in mindering brengen op de nalatenschap. |
Schulden
Alle bedragen die de overledene nog schuldig was op moment van overlijden, kunnen op het aangifteformulier worden opgegeven. De fiscus kent drie soorten schulden:
- De eigenwoningschuld (hypotheek)
- Belastingschulden
- Overige schulden
Onder ‘overige schulden’ worden leningen voor consumptieve doeleinden verstaan. Ook de vorderingen van erfgenamen (de niet uitbetaalde erfenissen) op de langstlevende met of zonder rente vallen hieronder.
Vruchtgebruik/tweetrapsmaking
In het formulier wordt gevraagd of de overledene een vruchtgebruik had of een zogenoemde tweetrapsmaking. Is hier sprake van (geweest) en is niet duidelijk wat moet worden ingevuld, neem dan contact op met de notaris die het testament heeft gemaakt of met de notaris bij wie op dit moment de zaken zijn ondergebracht.
Levensverzekering
Maakt een verzekering deel uit van een nalatenschap, dan is het de vraag welke waarde moet worden opgegeven. Een levensverzekering is vaak afgesloten om de langstlevende een bepaald bedrag toe te kennen, bijvoorbeeld om de extra kosten van het alleen zijn te dragen, om de uitvaart te betalen of om de hypotheek af te lossen. Bij het afsluiten van de verzekering bepaalt de verzekeringnemer wie de begunstigde is, dus wie de uitkering ontvangt.
Vaak valt de waarde van de uitkering na het overlijden rechtstreeks toe aan de begunstigde van de verzekering. In dat geval maakt die dus geen deel uit van de nalatenschap. De Belastingdienst zal de uitkering toch voor de erfbelasting willen belasten. Is de begunstigde van een levensverzekering de bank die met de uitkering de hypotheek aflost, dan vermindert de hypotheekschuld, maar niet de waarde van de nalatenschap. In dat geval is meer erfbelasting verschuldigd.
Ongehuwden en gehuwden met huwelijkse voorwaarden kunnen een levensverzekering ook kruislings hebben afgesloten. Dat betekent dat partner A de premie heeft betaald voor de verzekering op het leven van partner B en andersom. In dat geval is er geen erfbelasting verschuldigd over de uitkering.
Pensioenen
Wanneer een langstlevende partner een pensioenvoorziening erft van de overleden partner, is dit pensioen niet belast met erfbelasting. De waarde ervan wordt wel in mindering gebracht op de vrijstelling voor partners. De pensioenverstrekker laat weten hoeveel de jaarlijkse uitkering van het pensioen bedraagt. Hoeveel de vrijstelling lager wordt, hangt af van het jaarlijkse bedrag van het pensioen en een vermenigvuldigingsfactor. Die factor is afhankelijk van je leeftijd op het moment dat je partner overleed. Hoe ouder je bent op het moment van overlijden, hoe lager de factor. Er blijft altijd een vrijstelling erfbelasting beschikbaar van €213.915 in 2026.
De verschuldigde belasting
Bij een digitale aangifte volgt aan het einde van de aangifte een indicatie van de verschuldigde belasting. Let op: dit is inderdaad slechts een indicatie. Als de inspecteur meent dat er zaken vergeten zijn of onjuist zijn aangegeven, dan kan hij óf extra informatie vragen óf afwijken van de aangifte, waardoor de uitkomst van de te betalen erfbelasting wijzigt.
De aanslag erfbelasting
Wanneer een verzoek tot het doen van aangifte is ontvangen, moet het aangifteformulier binnen 20 maanden na het overlijden worden ingestuurd. De Belastingdienst streeft ernaar binnen zes maanden een aanslag op te leggen, maar dat lukt niet altijd. Digitale aangiftes worden doorgaans sneller verwerkt. Als de nabestaanden laat aangifte doen, kan de Belastingdienst rente in rekening brengen. De inspecteur zal de gegeven feiten controleren aan de hand van de aangiften inkomsten- of vennootschapsbelasting die eerder zijn gedaan door de overledene.
Tegen de aanslag kan bezwaar worden gemaakt. Lukt het niet om er met de Belastingdienst uit te komen, dan is beroep bij de belastingrechter mogelijk. Reageer binnen de gestelde termijn van zes weken, anders verloopt de termijn waarin het bezwaar of beroep in behandeling wordt genomen.
Wie betaalt de erfbelasting?
Als de kinderen slechts een vordering op de langstlevende krijgen en dus nog niet echt iets ontvangen, is de langstlevende volgens de wet degene die de door de kinderen verschuldigde erfbelasting moet betalen. De Belastingdienst stelt per kind een aanslag op. De verschuldigde erfbelasting gaat van de waarde van de vordering af die de erfgenamen op de langstlevende hebben. Is er geen langstlevende, dan betaalt iedereen individueel de erfbelasting. In een testament kunnen hierover andere bepalingen zijn opgenomen. Ook kan bij de aangifte worden bepaald of er per persoon of gezamenlijk wordt betaald. Is in het testament een executeur benoemd, dan doet deze voor iedereen de aangifte en betaalt ook de erfbelasting namens iedereen.
Is er gezamenlijk aangifte gedaan, dan kan de persoon die de aangifte heeft gedaan de erfbelasting betalen, waarna de netto verkrijging kan worden uitbetaald.
Voorkom een boete
Moet aangifte erfbelasting worden gedaan en gebeurt dit later dan 20 maanden nadat het verzoek tot het doen van aangifte is ontvangen, dan is er sprake van verzuim en kans op een boete. Ook moet je dan belastingrente betalen over het bedrag van de aanslag. Niet in staat om tijdig aangifte te doen? Vraag dan om uitstel.
Uitstel van betaling
Heb je een aanslag erfbelasting ontvangen, maar kun je die nog niet betalen omdat de woning die in de erfenis zit nog steeds niet verkocht is, dan kun je bij de Belastingdienst uitstel van betaling aanvragen. Schrijf een brief, leg de situatie uit en verzoek uitstel van betaling te verlenen. Je kunt zelf een beoogde datum opgeven tot wanneer je uitstel wilt hebben. Het is aan de Belastingdienst om het voorstel te honoreren of niet.
Ook als je uitstel krijgt, moet je belastingrente betalen. Je kunt dit voorkomen of beperken door een voorlopige aanslag aan te vragen.
Betalen in de toekomst
Het komt voor dat er naast de eigen woning die de langstlevende in vruchtgebruik verkrijgt, vrijwel geen spaargeld is. Wanneer de erfgenamen dan toch erfbelasting moeten betalen, kan dat lastig zijn. Volgens de Successiewet moet de vrucht-gebruiker de erfbelasting betalen. Is hiervoor de nalatenschap niet groot genoeg, dan is het mogelijk om onder voorwaarden uitstel van betaling te krijgen, zelfs langer dan twaalf maanden. De voorwaarden zijn streng en de Belastingdienst bepaalt of het wel of niet mag.
Een andere gelegenheid waarbij de inspecteur betaling van de aanslag direct kan opeisen, is bij een faillissement van de bloot eigenaar. De conserverende aanslag betreft alleen dat deel dat niet aan vrij vermogen (spaargeld) in de boedel aanwezig is.
Aangifte schenkbelasting
Wie een schenking ontvangt die hoger is dan de vrijstelling, is verplicht om aangifte schenk-belasting te doen.
Wie doet aangifte?
De regel in de Nederlandse belastingwetgeving is dat de ontvanger van de schenking de schenkbelasting verschuldigd is. Deze ontvanger moet dan ook aangifte schenkbelasting doen.
De Belastingdienst kan echter ook uit zichzelf aan de schenker een aangiftebiljet uitreiken als het vermoeden bestaat dat deze een belastbare schenking heeft gedaan. De schenker mag ook de schenkbelasting betalen. Dat is een schenking vrij van recht, waardoor er meer schenkbelasting moet worden betaald (zie: De schenker betaalt).
De ontvanger betaalt
Doet de ontvanger van de schenking de aangifte schenkbelasting, dan kan deze daarvoor het formulier Aangifte Schenkbelasting downloaden op de site van de Belastingdienst. De aangever kan kiezen voor een aangifte op papier of een digitale aangifte en ontvangt vervolgens de aanslag en de betaalinformatie om de verschuldigde belasting te betalen.
De schenker betaalt
Doet de schenker niet alleen de schenking maar wil hij ook de schenkbelasting betalen, dan doet zich een eigenaardig probleem voor. De schenker schenkt hiermee ook de verschuldigde schenkbelasting. Iedere keer als de schenker berekent wat de verschuldigde schenkbelasting is, schenkt hij opnieuw door de schenkbelasting over de schenkbelasting voor zijn rekening te nemen op een steeds doorgaande berekening. Om dit te voorkomen heeft de wetgever een oplossing bedacht. De schenker schenkt het bedrag én de schenkbelasting. Dit heet het primaire recht. Over de geschonken bedragen en het primaire recht wordt dan de uiteindelijk verschuldigde belasting berekend.
Wanneer aangifte doen?
De aangifte van de schenking moet voor 1 maart van het kalenderjaar volgend op het kalenderjaar waarin de schenking is ontvangen, binnen zijn bij de Belastingdienst. Lukt het niet om op tijd de aangifte te doen, vraag dan schriftelijk uitstel aan bij Belastingdienst/kantoor Eindhoven, Antwoordnummer 14670, 5600 WK Eindhoven.
Is er geen aangifte gedaan, maar ontvangt de Belastingdienst informatie dat er een schenking (boven de vrijstelling) is gedaan, dan stuurt de Belastingdienst een aangifteformulier toe met daarop de uiterste inleverdatum.
Wordt er vervolgens geen aangifte gedaan, dan slaat de Belastingdienst er zelf een slag naar en legt eventueel ook nog een boete op. Als je de aanslag eenmaal hebt ontvangen, moet je deze binnen zes weken betalen. Op verzoek kun je uitstel van betaling krijgen.
Wat moet worden aangegeven?
Schenkt iemand een geldbedrag, dan is volstrekt duidelijk wat de waarde is van wat er geschonken is. Wordt er een voorwerp geschonken, dan ligt dat een stuk moeilijker. Dan moet de waarde in het economisch verkeer (de marktwaarde) worden aangegeven. In de praktijk betekent dit de hoogste prijs die er bij vrije verkoop voor kan worden gekregen. Dat lijkt duidelijk, maar dat is het zeker niet altijd. De waarde van een voorwerp kan worden getaxeerd, maar dat wil niet zeggen dat wanneer het daadwerkelijk te koop wordt aangeboden, die getaxeerde prijs er ook voor wordt betaald. Vraag daarom bij de taxatie van een voorwerp niet naar de verzekerings- of vervangingswaarde, maar naar de waarde die het voorwerp op een veiling zou kunnen hebben. Die waarde ligt lager en is aannemelijker als hoogste waarde bij verkoop.
Vraag: moet ik nu al schenkbelasting betalen?Ik moet aangifte schenkbelasting doen, maar weet de waarde van het geschonken stuk antiek nog niet. Moet ik toch al iets betalen? Nee. Vraag bij de Belastingdienst uitstel van het doen van aangifte aan. Biedt dat nog steeds onvoldoende tijd, doe dan met een schatting aangifte en maak, als de schatting te hoog bleek na taxatie, bezwaar tegen de aanslag schenkbelasting. |
Extra tips
Even pauze
De digitale aangifte hoeft niet in één keer te worden afgerond. Opslaan en later verdergaan kan ook.
Nodig of niet?
De Belastingdienst stuurt een aangifteformulier wanneer het vermoeden bestaat dat aangifte moet worden gedaan. Vaak is dat niet zo. Bereken eerst zelf of er mogelijk erfbelasting verschuldigd is. Dat scheelt een hoop invulwerk en lang wachten.
Apart verzekerde voorwerpen
Bewaar polissen van apart verzekerde voorwerpen van de nalatenschap. De Belastingdienst kan deze opvragen.
Uitbesteden aan deskundige
Omdat velen slechts een- of tweemaal in hun leven een aangifte erfbelasting doen, is het geen overbodige luxe om dit karwei uit te besteden aan een deskundige. Dit kan tijd en erfbelasting besparen. De notaris is zeer ervaren in het doen van de aangifte voor de erfbelasting.
Verborgen rekening
Vermoed je dat er meer bankrekeningen zijn? Vraag dan bij slapendetegoeden.nl of ze die kunnen opsporen.
Bestaat die schuld nog?
Is een onderhandse schuld door aflossingen of kwijtschelding afgelost, maak hier dan samen een verklaring van op. Daarmee kan later worden aangetoond dat een schuld niet meer bestaat.
Voorlopige aanslag
Is nog niet bekend welke waarde een nalatenschap heeft omdat bepaalde zaken nog moeten worden geveild of omdat nog niet alle erfgenamen hebben aangegeven of ze verwerpen of (beneficiair) aanvaarden, vraag dan schriftelijk uitstel voor het doen van aangifte aan de inspecteur. In dat geval zullen wel alvast gegevens moeten worden verstrekt, zodat de inspecteur een voorlopige aanslag kan opleggen.
Schenker opgepast!
Betaalt de ontvanger de door hem verschuldigde schenkbelasting niet, dan mag de Belastingdienst die schenkbelasting innen bij de schenker. Deze is hiervoor volgens de wet namelijk aansprakelijk.
Schenkingen en de erfbelasting
Alle schenkingen die de overledene binnen 180 dagen voor het overlijden heeft gedaan, worden tot zijn of haar bezit gerekend. Dit betekent dat de erfgenamen er erfbelasting over moeten betalen.
Schenking vrij van belasting
Wordt €10.000 meer dan de vrijstelling geschonken aan een kind, dan is door dit kind 10 procent schenkbelasting over €10.000 verschuldigd: €1000. De belaste schenking vrij van belasting zou in dit geval €11.000 zijn. Daarover is 10 procent schenkbelasting verschuldigd, zodat de schenker €1100 schenkbelasting betaalt.