Overstap naar nieuwe pensioenstelsels zorgt voor grote verschillen
De koopkracht in Nederland zal in 2026 minder snel stijgen dan op Prinsjesdag werd aangekondigd. Dit blijkt uit berekeningen van het Nibud. Voor AOW’ers valt dat soms tegen, maar soms ook mee.
Gepensioneerden met een aanvullend pensioen die nog onder het oude pensioenstelsel vallen, zien hun koopkracht dit jaar met gemiddeld 1,1 procent stijgen, terwijl het Nibud net na Prinsjesdag nog rekende op een stijging van 1,5 procent.
Waar het Nibud bij AOW en een aanvullend pensioen van €7.500 eerder nog rekende op een stijging van 1,6 procent (zo'n €42), is dat nu bijgesteld naar 1,4 procent en zo'n €37 per maand erbij.
Die daling is er niet voor alle AOW'ers met een aanvullend pensioen. Het maakt veel uit of een fonds dit jaar al overstapt naar het nieuwe stelsel. In dat geval stijgen deze aanvullende pensioenen soms sterk in 2026, waardoor de koopkracht voor die groepen meestijgt.
Lees hier wat de 6 grote pensioenfondsen doen in 2026.
Volgens Nibud-directeur Mattias Gijsbertsen is de dekkingsgraad momenteel gunstig. "Dit betekent dat pensioenfondsen meer geld kunnen verdelen, en dat komt deze mensen ten goede."
Stijging bij aanvullend pensioen
Adviesbureau AON heeft berekend dat pensioenfondsen die op 1 januari zijn overgestapt, de aanvullende pensioenen gemiddeld met 13 procent laten stijgen. Hierdoor zijn koopkrachtstijgingen van 5 procent mogelijk. Voor mensen met een klein aanvullend pensioen ligt de koopkrachtstijging lager, omdat zij voor het grootste deel afhankelijk zijn van de AOW. Voor een huishouden met een aanvullend pensioen van €45.000 kan dat neerkomen op ongeveer €200 extra per maand.
Loonstijging lager dan verwacht
De eerder verwachte loonstijging van 4,2 procent lijkt nu lager uit te vallen. De voorspelling is dat cao-lonen met 3,7 procent zullen stijgen. Voor huishoudens die minder verdienen dan het minimumloon stijgt de koopkracht met gemiddeld 2 procent. Dit betreft vaak mensen in laagbetaald werk, meestal in deeltijd en met veel onzekerheid. Voor deze groep is de arbeidskorting extra verhoogd, wat zorgt voor iets meer koopkracht. Zzp’ers merken opnieuw dat de zelfstandigenaftrek verder is verlaagd. Voor hen blijft er vrijwel geen koopkrachtstijging over, en in sommige gevallen kan hun koopkracht zelfs dalen.
Huurtoeslag boven €900
Mensen met een huur boven €900 kunnen dit jaar voor het eerst in aanmerking komen voor huurtoeslag. Een alleenstaande met een inkomen van €40.000 per jaar die voor een woning in de middenhuur of vrije sector €1.000 per maand betaalt, kan bijvoorbeeld €150 huurtoeslag ontvangen. Bij een inkomen van €45.000 kan dit nog €37 per maand bedragen.
In de onderstaande tabel vindt u een overzicht van de verwachte koopkrachtveranderingen bij een aantal voorbeeldhuishoudens van het Nibud.
| Koopkrachtverandering 2025-2026 | Percentage | Bedrag |
| Alleenstaand zonder kinderen bijstand | 1,8 % | €33 |
| Alleenstaand met 2 kinderen bijstand | 1,1 % | €32 |
| Alleenstaand zonder kinderen €40.000 uitkering | 2,9 % | €67 |
| Alleenstaand AOW + €7.500 | 1,4 % | €37 |
| Stel AOW + € 20.000 & AOW + €10.000 | 1,2 % | € 51 |
| Alleenstaand zonder kinderen €45.000 | 0,8 % | €23 |
| Alleenstaand met 1 kind €45.000 | 1,3 % | €50 |
| Stel zonder kinderen tweeverdiener €45.000 & €45.000 | 0,7 % | €43 |
| Stel met 2 kinderen tweeverdiener €105.000 & €30.000 | 0,9 % | €71 |
| Alleenstaand zonder kinderen zelfstandig €50.000 | -0,4 % | €-15 |
Wilt u weten hoe uw koopkracht straks verandert?
Bereken het met de Koopkrachtberekenaar van het Nibud. Met deze tool kunt u een beeld krijgen van de aanstaande koopkrachtveranderingen.